

In de adventstijd mogen we groeien in het vertrouwen dat we door God bemind worden. Dat is niet altijd eenvoudig, maar de vier kerkleraressen kunnen ons daarbij helpen.
We zijn geroepen te leven in de wetenschap dat God oneindig van ons houdt, maar de omstandigheden van ons leven en de wereld om ons heen maken het vaak moeilijk om ons echt over te geven aan zijn liefde.
Deze dagen op weg naar Kerstmis zijn echter bij uitstek momenten om ons vertrouwen te laten groeien in de waarheid dat, hoe de dingen er voor ons ook uitzien, we door God bemind worden. En daarbij kunnen de vier kerkleraressen ons helpen, die al hun hoop op Gods liefde stelden: Thérèse van Lisieux, Hildegard van Bingen, Teresa van Ávila en Catharina van Siena.
We worden vaak geregeerd door onze emoties. De ene dag maken we ons zorgen over onze financiën, naderende deadlines of de uitslagen van medische onderzoeken, waardoor we ons terugtrekken of snauwen tegen de mensen om ons heen. De volgende dag voelen we ons in controle en behoorlijk succesvol als mens, en staan we vrolijk en vredig in het leven.

Hoe belangrijk onze emoties ook zijn, het geloof roept ons op om ons er niet mee te identificeren. We mogen bewust leven, altijd vertrouwend op de waarheid dat Gods liefde ons staande houdt. Onze angst of stemming verdwijnt er wellicht niet door, maar wanneer we consequent kiezen om te leven vanuit geloof, in het besef dat we onophoudelijk bemind worden, zullen we voor anderen een levende aanwezigheid van God zijn.
Thérèse van Lisieux leefde in het constante vertrouwen op Gods liefde voor haar. Zo was ze een onverzettelijk baken van goddelijke goedheid. Door de zoetheid van haar schrijfstijl mis je wellicht haar vasthoudende weigering om zich te laten leiden door haar wisselende emoties. Toch is haar consequente keuze om ontvankelijk te zijn voor Gods liefde onmiskenbaar in haar reactie op de geloofsbeproeving die de laatste achttien maanden van haar leven overschaduwde.
Wanneer ik zing over het geluk van de hemel en het eeuwige bezit van God, voel ik geen vreugde, want ik zing eenvoudigweg wat ik wíl geloven
Thérèse van Lisieux
Nadat ze haar priorin eerst een beschrijving had gegeven van de meedogenloze “nacht van het niets” waarin “alles verdwenen is”, verwoordt Thérèse vervolgens haar houding van standvastig vertrouwen. Ze schrijft: “Wanneer ik zing over het geluk van de hemel en het eeuwige bezit van God, voel ik geen vreugde, want ik zing eenvoudigweg wat ik wíl geloven.”
Probeer deze week minstens één dag te leven in de geest van Thérèse van Lisieux, waarbij je niet handelt volgens je wisselende gevoelens, maar volgens datgene wat je wílt geloven.
De zorgen van ons dagelijks leven hebben ons vaak op een overweldigende manier in de greep. Hoe kunnen we te midden van de grilligheid en de banaliteit van het leven toch in de zekerheid van Gods liefde leven en zo voor anderen de aanwezigheid van de levende God zijn? Is het simpelweg een kwestie van koppige wilskracht?

Johannes de Doper belooft dat Jezus ons “zal dopen met de Heilige Geest” (Mc. 1,1-8). De Heilige Geest stelt ons in staat binnen te treden in het leven van Jezus en vanuit daar te leven. Op elk moment, ongeacht onze innerlijke of uiterlijke omstandigheden, houdt de Heilige Geest ons vast in de stroom van de Drie-ene liefde; wij hoeven alleen maar te kiezen om eraan deel te nemen.
De geschriften van Hildegard van Bingen bruisen van een levend besef van de transformerende kracht van de Heilige Geest. De kracht om met vertrouwen te leven als geliefde zonen en dochters van God is niet iets dat we uit onze eigen innerlijke bronnen opdiepen. Het is datgene wat de Heilige Geest, met onze medewerking, in ons doet opbloeien.
Besteed deze week wat tijd aan de schepping om je heen. Zoek naar verrassende tekenen van leven en hoop in datgene wat dor of doods lijkt. Vraag de Heilige Geest om zulke verrassende vitaliteit te doen opbloeien in de dorre en dode plekken van je innerlijk leven, zodat er nieuwe kracht, vreugde en toewijding ontstaan.
Voor toegewijde katholieken is het misschien gemakkelijk om de beschrijving van Jezus in het eerste hoofdstuk van het Johannesevangelie over te slaan. We kennen Hem! We gaan elke zondag naar de Mis! We begrijpen de essentie van de evangelieverhalen. Maar de Advent daagt ons uit om onze veronderstelling dat we de Heer kennen onder ogen te zien en nodigt ons uit om onze persoonlijke relatie met Hem te verdiepen.

Voor Teresa van Ávila vormden de Evangeliën een vruchtbare context om onze aandacht te richten op Jezus en met Hem te spreken in geloof.
Ze geeft ons een prachtig voorbeeld wanneer ze overweegt om Jezus gezelschap te houden in de Hof van Getsemane. Teresa doet de verbluffende uitspraak dat wij de Heer kunnen troosten in zijn lijden. Wanneer ze ons leert over het ontmoeten van Jezus in de Evangeliën, bedoelt ze niet zomaar een soort verbeeldingsoefening of het reconstrueren van een historische scène in ons hoofd. Ze heeft het over de ontmoeting met een levende Persoon.
Teresa leefde in de waarheid dat de evangelieverhalen niet voorbij en afgesloten zijn. De Jezus die toen leefde, leeft nu, en heel zijn aardse leven leeft in Hem; de manier waarop Hij was voor de mensen die Hij toen ontmoette, is de manier waarop Hij nu voor ons is. Dus kunnen wij inderdaad degene zijn die zijn mantel aanraakt, of Hem om barmhartigheid vraagt, of Hem troost. De evangelieverhalen zijn werkelijk wegen om onze kennis van de levende Jezus te verdiepen.
Werd Maria’s identiteit uitgewist bij de Annunciatie (Lc.1,26-38)? Integendeel, met haar “ja” op Gods plan groeide Maria juist verder in haar unieke zelf. Haar getuigenis nodigt ons uit om stil te staan en dezelfde bloei aan het werk te zien in ons eigen leven.

Tijdens de Advent bidden we dat ons leven steeds meer de stralende glorie van God aan anderen mag tonen. We stralen Gods aanwezigheid meer uit naarmate we meer leven vanuit de waarheid dat God ons liefheeft; dit betekent dat we Jezus intiemer leren kennen, samenwerken met de transformerende kracht van de Heilige Geest, en ons onvoorwaardelijk overgeven aan zijn liefde. We worden licht voor de wereld en meer volledig onszelf wanneer we ons laten beminnen.
Catharina van Siena leefde vanuit de waarheid dat ons ware zelf tot bloei komt wanneer we groeien in onze eenheid met God. Advent herinnert ons zowel aan onze transcendente roeping als aan de zorg waarmee deze in ons wordt vervuld. Gedurende dit heilige seizoen worden we gevormd tot bakens van goddelijke tederheid.
Laten we deze Advent, geleid door de wijsheid van de kerkleraressen, onze harten als nooit tevoren openen voor Gods transformerende werk van liefde. Onze wereld heeft niets minder van ons nodig. (Vert./bew.: Susanne Kurstjens)
Er zijn geen artikelen gevonden