Een traditie van eeuwen­ tegenover de waan van de dag

Lees al vanaf 0,20 p/d

Het bochtige parcours van de puberteit

De puberteit: ik wijdde er al een column aan, misschien weet u het nog, kort nadat zij haar intrede had gedaan in ons gezin. Het was november 2021 – welgeteld 44 maanden geleden. 44 lange maanden… Maar helaas zijn we er nog niet klaar mee.

Uitdagingen

Ik moet wel bekennen dat er evolutie is: de grootste uitdagingen zien er vandaag anders uit dan toen. Makkelijker zijn ze echter niet. Integendeel, ik vind ze moeilijker, omdat ze minder voor de hand liggen. Bij het woord puberteit denkt iedereen aan mokkende tieners en hoogoplopende discussies die eindigen met slaande deuren.

Dat maken we hier inderdaad nog wel mee, maar het hakt er minder in. We zijn geroutineerd: rustig blijven, emoties toelaten en tot bedaren brengen, vervolgens in gesprek gaan en afspraken maken. Een beproefde methode met gegarandeerd resultaat.

Punthoofd

De huidige uitdagingen zijn subtieler. Je hoort er veel minder over praten. Maar je krijgt er als liefhebbende ouder vol goede bedoelingen niet minder een punthoofd van. Eigenlijk hebben de nieuwe hobbels vooral te maken met de duur van de puberteit – en het uithoudingsvermogen dat ervoor nodig is.

https://www.kn.nl/gezin/

Nu weten wij christenen dat uithoudingsvermogen een deugd is. Geloven gaat niet zonder. Niet voor niets spoort Paulus ons in de brief aan de Hebreeën (12,1) aan om “vastberaden de wedstrijd te blijven lopen waarvoor we hebben ingeschreven”.

Moeite

Dat wil ik ook erg graag, en het mag me moeite kosten. Maar met de puberteit heb ik het gevoel dat ik een wedstrijd loop waarvan de finishlijn telkens een paar kilometer wordt opgeschoven.

Ik heb het gevoel dat ik een wedstrijd loop waarvan de finishlijn telkens wordt opgeschoven

Neem nu onze oudste: die werd net zeventien, en we merken al een tijdje dat het beter begint te gaan. De uitbarstingen zijn minder frequent en minder hevig. Ook interessant: ze gaan nu tenminste ergens over, en zijn min of meer in verhouding met de ervaren frustratie.

Zwaar

“We zijn er bijna”, denk ik af en toe opgelucht. Om dan helaas dezelfde dag nog te moeten ervaren dat bijna toch niet helemaal is – en dat we op sommige vlakken nog niet veel verder kwamen dan de start. Die hoop die telkens weer de kop wordt ingedrukt, vind ik erg zwaar wegen.

https://www.kn.nl/kn-kennismaken/

De mobiele finishlijn is bovendien niet het enige probleem met de wedstrijd die we lopen. Er schort ook iets aan het parcours. Dat wordt elke dag bochtiger, en er blijven maar nieuwe hindernissen opduiken.

Kijk: wij hebben op dit moment drie pubers en één prepuber in huis. Ervaring zat, zou je denken. Maar nee hoor. Want die unieke persoontjes blijken elk op hun eigen manier te puberen, en brengen bijgevolg telkens weer gedrag mee dat we nooit eerder zagen. Probeer dan maar elke keer gepast te reageren op nieuwe onhebbelijkheden, bij voorkeur op een positieve, opbouwende manier. Slopend is dat.

Hink-stap-sprong

Maar goed: we blijven vrolijk, we gaan door, met struikelen, vallen, opstaan, en soms een idiote hink-stap-sprong waar we de slappe lach van krijgen. Wellicht komen we zo op een dag écht bij de finish. Dan schrijf ik daar misschien een column over. Maar eerst moeten we met zijn allen nog wat geduld hebben. En volhouden natuurlijk. Ik schat nog een jaar of zeven – of zo’n 84 maanden.

Nathalie De Clerck is tolk, auteur en therapeute. Elke drie weken schrijft ze een column in Katholiek Nieuwsblad.

Dit artikel delen: