
Een nieuwe kapel moet van het Brabantse Stiphout na honderden jaren weer een pelgrimsoord maken. Het plan sluit volgens de initiatiefnemers aan bij maatschappelijke noden: “Niet dat er dadelijk wonderen gebeuren, maar de mensen kunnen wel weer hun problemen hier neerleggen.”
Handel, Ommel en ’s-Hertogenbosch: Brabant telt heel wat bedevaartsplaatsen. Als het aan Emmanuel Verleg ligt, komt daar in de toekomst nog een pelgrimsoord bij: Stiphout, een dorp vlakbij Helmond.
Met een speciaal voor dat doel opgerichte stichting heeft hij plannen om in de Oude Toren een nieuwe kapel in te richten. Nu staat deze voormalige kerktoren wat verloren aan de rand van het dorp, met geen andere functie dan die van opslagruimte voor de plaatselijke scoutingvereniging, maar dat zou zomaar eens kunnen veranderen.
“Het moet een kapel worden waar de mensen naartoe kunnen gaan en even rust kunnen vinden”, zegt Verleg. Hij ziet dat de nood aan een plek om te bidden en tot jezelf te komen groot is in de samenleving.
Een groot deel van zijn leven is hij als vrijwilliger actief geweest op het sociale vlak en hij weet genoeg verhalen te vertellen die die nood onderstrepen: van ruziënde stellen tot eenzame mensen, Verleg heeft alles gezien.
“Vroeger raadde ik al regelmatig mensen aan om naar de Sint-Janskathedraal in ’s-Hertogenbosch te gaan – ook niet-gelovigen”, vertelt hij. “Als ik die mensen later weer zag, zeiden ze vaak: ‘God, wat was dat heerlijk.’ Die mensen vonden daar iets. Ze kunnen gewoon een keer hun gedachten eruit gooien.”
De keuze voor Stiphout als bedevaartsoord is niet willekeurig, want een paar eeuwen lang had het dorp die status al. In 1342 gebeurde het ‘mirakel van Stiphout’. Tijdens een zomerse onweerbui sloeg de bliksem in de kerktoren en vloog het godshuis in brand. Pastoor Jan Hocaerts was radeloos: in het tabernakel lagen nog twee geconsacreerde hosties.
Het is zo jammer dat zo weinig mensen het mirakel van Stiphout kennen.
Jan Baloys, een plaatselijke boer, bood zichzelf aan om het Allerheiligste uit de vuurzee te redden. Wonder boven wonder weken de vlammen voor hem opzij, zodat hij de hosties kon redden en heelhuids de kerk kon verlaten.
Het verhaal verspreidde zich als een lopend vuurtje – excusez le mot – door de streek en steeds meer mensen trokken naar Stiphout om de geredde hosties te vereren. Volgens de overlevering zouden verschillende mensen op miraculeuze wijze genezen zijn tijdens een bedevaart naar Stiphout. Het laatst bekende geval gebeurde in 1599, toen een blinde tiener zijn zicht terugkreeg.
In 1633 werd de plaats door Kroatische soldaten geplunderd, waarbij de hosties werden meegenomen. Daarna verdween het mirakel van Stiphout geleidelijk aan uit het gemeenschappelijk geheugen.
“In 2024 sprak ik met een paar bekenden. We zeiden tegen elkaar dat het zo jammer is dat zo weinig mensen het mirakel van Stiphout kennen”, zegt Verleg. “Ik zeg niet dat er dadelijk weer wonderen moeten gebeuren, maar de mensen kunnen straks wel weer hier naartoe om hun problemen hier neer te leggen.”
In de nieuwe kapel zal straks niet alleen het Allerheiligste centraal staan, maar ook Carlo Acutis, de Italiaanse tiener die in september dit jaar heilig wordt verklaard. De combinatie tussen een middeleeuws mirakel en een moderne bijna-heilige lijkt vergezocht, maar er bestaat wel degelijk een connectie tussen Carlo Acutis en Stiphout.
Acutis is bekend vanwege de website over eucharistische wonderen die hij voor zijn dood maakte. Het mirakel van Stiphout is een van de wonderen die hij beschreven heeft.

“Acutis is een jongen van deze eeuw”, zegt Verleg. “Daar kan de jeugd aansluiting bij vinden. Veel jongeren worstelen met allerlei zaken: liefdesproblemen, drugs, noem maar op. Met hun problemen kunnen ze vaak niet naar hun ouders of naar andere mensen stappen, maar misschien wel naar Carlo Acutis.”
Verleg denkt dat het een het ander ook in de hand werkt: “Als die jongeren wat ouder worden, krijgen ze misschien meer met het Allerheiligst Sacrament. Daarom denk ik dat Acutis een belangrijk speerpunt in het geheel is.”
De stichting hoopt in 2026 de kapel te kunnen openen. Voor die tijd moet nog wel het nodige gebeuren, waaronder een ingrijpende verbouwing van de Oude Toren.
Het project heeft de zegen van de plaatselijke parochie en ook de gemeente staat positief tegenover het plan, maar de stichting moet zelf de benodigde financiële middelen bij elkaar zien te krijgen. “We hebben sinds een paar weken een crowdfundingsactie”, vertelt Verleg. “We hopen dat dat goed gaat lopen.”
Zie kapelstiphout.nl voor meer informatie.