
Joost Kadijk (55) en zijn vrouw kregen jaren geleden de pijnlijke boodschap dat ze nooit ouders worden. Samen met auteur Joanne Nihom schreef hij een boek over ongewenste kinderloosheid, om zowel het vrouwelijk als het mannelijk perspectief op dit thema én het leven na die boodschap te bespreken.
Kadijk: “Joanne interviewde mij een paar jaar geleden voor haar boek De Leegte Omarmen. Tijdens haar boeklancering heb ik een praatje gehouden, als een van de weinige mannen die zich publiekelijk met het onderwerp kinderloosheid bezighoudt.
We hielden contact en ongeveer twee jaar geleden stelde zij voor om samen een boek te schrijven vanuit zowel het mannelijke als het vrouwelijke perspectief. We wilden daarmee een podium geven aan mensen die ongewenst kinderloos zijn gebleven, maar dan vooral aan wat daarna komt: hoe ziet je leven eruit als het niet is gelukt?
Dat medische traject, en alles wat daaraan voorafgaat, daar is al heel veel over geschreven. Ik ken de meeste boeken over kinderloosheid, en het viel me op dat ze vrijwel allemaal door vrouwen zijn geschreven. Vaak zijn het hele persoonlijke verhalen, met veel aandacht voor het medische deel. Dat is waardevol, maar wat wij deden – interviews met anderen, waarbij we onszelf niet centraal zetten – dat ontbrak nog.”
“Omdat er zo weinig mannen zijn die hierover praten, zeker publiekelijk. Bij Freya, de vereniging voor mensen met vruchtbaarheidsproblemen, ontmoette ik ze wel, maar dat is allemaal heel privé. Ik miste het mannelijk perspectief in het gesprek over kinderloosheid en over de maakbaarheid van een kinderwens. Er zit maatschappelijk en sociaal zoveel aan dit onderwerp vast.

Veel trajecten hebben met stellen te maken, maar er zijn allerlei varianten. In ons boek interviewen we bijvoorbeeld een alleenstaande homoseksuele man, een broeder en een vrouw die zonder partner bleef. Daarnaast bestaat er nog een hele groep die bewust geen kinderen wil.
Het onderwerp ‘wel of geen kinderen’ wordt vaak aangevlogen als een typisch ‘vrouwenthema’. En als het dan niet lukt, wordt er in de medische wereld meestal eerst naar de vrouw gekeken. Terwijl dat helemaal niet logisch is. De oorzaken van ongewenste kinderloosheid liggen ongeveer fifty-fifty. Vruchtbaarheid neemt ook bij mannen af naarmate ze ouder worden.”
“Heel concreet na de laatste mislukte IVF-poging, ongeveer negentien jaar geleden. We begonnen vrij snel na het begin van onze relatie aan onze kinderwens, het lukte niet, dus we kwamen ook snel in het medische traject terecht. Biologisch waren mijn vrouw en ik een slechte match, dus we waren aangewezen op IVF. We hadden afgesproken: we doen drie pogingen. De uitslag van de derde poging was negatief. Met één telefoontje vanuit het ziekenhuis wisten we: wij gaan geen kinderen krijgen.”
“Dat is echt… ja, alsof je gebeld wordt dat je partner is overleden. Zo’n shock. We verwachtten eigenlijk een telefoontje voor een terugplaatsing, maar er bleek geen embryo te zijn, want de celdeling was mislukt. Je krijgt een heel droge, technische boodschap, maar je toekomstbeeld wordt aan gort geslagen.
Wij hadden een duidelijke droom: een gezin, twee of drie kinderen. Ik kom zelf uit een gezin van vier, dus dat beeld zat er vanaf mijn kindertijd al in. Het is heel vanzelfsprekend: je gaat trouwen, je krijgt kinderen. Dat in één klap los moeten laten, dat is heftig en pijnlijk. Je gaat een rouwproces in.”
“Ondanks dat wij IVF konden doen en ik dus niet onvruchtbaar ben, vond ik het heel heftig. Je denkt: wat is er mis met mij? Mannen zoeken meteen naar een oorzaak, maar bij mij was weinig te vinden. Je kunt gewoon pech hebben in hoe je biologisch in elkaar zit. In het begin schaamde ik me wel. Je deelt het niet op feestjes, maar ik ben er vrij snel open over geworden in onze vriendenkring.
Ik miste het mannelijk perspectief in het gesprek over kinderloosheid en over de maakbaarheid van een kinderwens
Ik besefte ook: ik kan er niets aan doen. Het is net als een ziekte die je overkomt. Ik kon mezelf weinig verwijten: ik rook niet, drink weinig alcohol en leef gezond. Mannen gebruiken soms verzachtende metaforen, zoals ‘zwak zaad’ of ‘luie zwemmers’. Ik deed dat ook een beetje, om het minder scherp te laten klinken.”
“Het gebrek aan lotgenoten. Ik miste mannen die precies begrijpen waar je doorheen gaat. Daarnaast zat onze vriendengroep destijds midden in de baby’s en zwangerschapsaankondigingen. Dat kan heel confronterend zijn als je zelf in een kwetsbaar traject zit.”
“Je kunt het eigenlijk in drie fases zien. Wij waren nog niet zo lang samen toen we besloten dat we graag kinderen wilden. Toen het niet lukte, kwam meteen die zorg: waar ligt het aan? We hebben altijd samen alle beslissingen genomen. Dat heeft veel geholpen. De hoeveelheid hormonen die mijn vrouw moest spuiten en slikken deed wel enorm veel met de stemming. De stress rondom puncties en terugplaatsingen ook.
Later, toen we eenmaal wisten dat het niet zou lukken, hadden we allebei onze eigen verwerkingscyclus. Soms kwam het verdriet bij haar omhoog, soms bij mij en soms tegelijk. Maar we hebben de draad van ons leven opgepakt en ons leven ingericht als stel zonder kinderen. Voor mijn vrouw is het geen actief thema meer.
En er zijn hele volksstammen zonder kinderen, wij zijn echt niet de eersten. Wij hadden alleen geen voorbeelden in onze directe omgeving. Ik ben gaan sporten en schrijven. Dat gaf me een uitlaatklep. We zijn ook samen gaan zwemmen en hardlopen. Ik werd vrijwilliger bij Freya en ben lotgenotencontacten gaan opzetten. Dat werd eigenlijk mijn manier van verwerken.
Zoals rouwen vaak gaat: de pijn gaat nooit helemaal weg, maar het is niet meer scherp. En ik heb het omgezet in iets constructiefs: eerst mijn eigen boek, nu dit boek met Joanne. Het geeft anderen een podium en laat zien: er zijn veel ongewenst kinderloze mensen met een heel leuk leven. Dat is eigenlijk onze boodschap: iedereen zoekt zingeving, en als je die niet kwijt kunt in nageslacht, vind je iets anders.”
“In ons boek spreken we veel gelovigen. Sommigen halen troost uit hun geloof, anderen ervaren juist last door religieuze verwachtingen. In orthodoxe religieuze kringen is de druk om een gezin te stichten groot. Ik ontdekte bijvoorbeeld Revoke, een reformatorische vereniging voor ongewenst kinderloze echtparen. Ze hebben een boekenlijst van zes pagina’s vol pastorale literatuur over omgaan met kinderloosheid.
Voor mij zijn begrafenissen lastig, als kinderen toespraken houden voor hun overleden ouder
Voor ons boek sprak ik benedictijn Michael Weidemann over wat de katholieke Kerk zegt over ongewenste kinderloosheid. Hij was heel mild en troostend. Geloof moet je dragen, niet verder de put in duwen met schuldgevoel over iets waar je niets aan kunt doen.”
“Voor veel mensen zijn dat Kerstmis, Vader- en Moederdag en Sinterklaas. Je wordt dan overspoeld met beelden van gezinnen en kinderen. Voor mij zijn begrafenissen lastig, als kinderen toespraken houden voor hun overleden ouder.
Bij mensen van mijn leeftijd komen er geen geboortes meer voor, maar wel andere levensgebeurtenissen: kinderen die gaan studeren, samenwonen of emigreren. Ik vind dat oprecht leuk! Ik houd van mijn vrienden en hun kinderen. Maar als je gevoelig bent, kun je alles op jezelf betrekken en denken: ‘Ik zal dat allemaal nooit meemaken.’”
“Het cliché dat je ‘een raar soort mens’ bent, zoals het oude beeld van de ‘oude vrijster’ of de ‘kattenvrouw’. Mensen denken soms: zij zijn raar, zielig of onvolledig. Dat wordt vooral vrouwen aangewreven. Bij mannen zie je dat minder.
Opmerkingen als: ‘Gelukkig heb je dan wel veel vrijheid’ zijn goedbedoeld, maar het is geen zelfgekozen vrijheid: het is ons overkomen. Natuurlijk leiden we soms een makkelijk en zorgeloos leven nu, en onderzoek laat ook zien dat mensen met kinderen later niet per se gelukkiger zijn.
Als het gaat om vragen als: ‘Wie zorgt er straks voor me?’ leeft vaak de veronderstelling dat kinderen vanzelf de zorg op zich zullen nemen, terwijl juist je vrienden en sociale netwerk op dat vlak heel waardevol zijn.”
“Zeker. Het dominante beeld is nog te vaak het heterogezin met kinderen. De samenleving kent inmiddels veel diverse gezinsvormen en de groep kinderlozen wordt groter, maar is nog weinig zichtbaar.
Het is belangrijk dat er positieve verhalen over kinderloosheid en zingeving worden verteld, zowel voor de mensen die bewust geen kinderen willen als degenen die ongewenst kinderloos bleven. Ons boek gaat over ongewenst kinderloos zijn: hoe je omgaat met die levensgebeurtenis, hoe je zingeving vindt, veerkracht ontwikkelt en rouwt.”
| ![]() |
| Dit artikel kwam tot stand met steun van het Instituut voor Huwelijk, Gezin en Opvoeding (IHGO). Zie ook kn.nl/gezin. |
Er zijn geen artikelen gevonden