
Miljoenen christenen wereldwijd worden vervolgd – ongeacht of ze katholiek, protestants of orthodox zijn. Diverse christelijke organisaties sloegen daarom de handen ineen voor de ‘Week voor vervolgde christenen’, die deze zondag van start gaat. De katholieke organisatie Kerk in Nood doet opvallend genoeg niet mee, maar is wél solidair: “Paus Franciscus sprak terecht over de ‘oecumene van het bloed’, in het lijden zijn we één lichaam.”
Tijdens de Week voor vervolgde christenen slaan vier organisaties de handen ineen: Friedensstimme, HVC, Open Doors en SDOK bundelen hun krachten om Nederlandse kerken te inspireren met verhalen van hoop. Ze roepen op tot gebed en concrete hulp voor de miljoenen christenen die wereldwijd worden gediscrimineerd of vervolgd vanwege hun geloof in Jezus Christus.
Waarom doet de katholieke hulporganisatie Kerk in Nood, wereldwijd bekend om haar inzet voor vervolgde christenen, hier eigenlijk niet aan mee? Dennis Peters, woordvoerder van Kerk in Nood Nederland, legt het uit.
“Wij hebben onze eigen actie, Red Wednesday. Dat is een internationaal initiatief waarbij we wereldwijd kerken en gebouwen rood laten verlichten als teken van solidariteit met vervolgde christenen. Die dag, eind november, is voor ons het centrale moment van aandacht, ook in Nederland.”
Red Wednesday is in vijf jaar tijd uitgegroeid van een klein initiatief tot een nationale actie met inmiddels tweehonderd deelnemende kerken. Peters: “We zijn nu al bezig met de voorbereidingen voor dit najaar, samen met een paar trouwe vrijwilligers. Als kleine organisatie kunnen we niet overal tegelijk energie in steken.”
Dat Kerk in Nood niet meedoet aan de protestants-gedragen Week voor vervolgde christenen, betekent volgens Peters geenszins dat er onwil is. “We hebben in het verleden meerdere keren samengewerkt met bijvoorbeeld Open Doors. Ook nu nog trekken we samen op in belangenbehartiging, bijvoorbeeld richting de politiek. Soms springen we ook voor elkaar in als dat nodig is.”
De keuze om niet actief deel te nemen aan de week in juni heeft volgens Peters meer te maken met de liturgische kalender van de katholieke Kerk en de internationale focus van Kerk in Nood. “In de katholieke traditie kiezen we vaker momenten die aansluiten bij bestaande kerkelijke gedenkdagen. Zoals 26 december, de feestdag van de heilige Stefanus, die als eerste martelaar wordt herdacht.”
Peters benadrukt dat de verbondenheid tussen christenen onverminderd groot is. “We zijn absoluut solidair. Paus Franciscus sprak terecht over de ‘oecumene van het bloed’: christenen worden niet vervolgd omdat ze protestant, katholiek of orthodox zijn, maar omdat ze Christus volgen. In dat lijden zijn we één lichaam.”
Hoewel Kerk in Nood dus een andere route kiest, is er volop erkenning voor het doel van de Week voor vervolgde christenen. “We zijn in gebed verbonden”, zegt Peters. “Ook wij bidden dagelijks op kantoor voor vervolgde christenen. Gebed is het krachtigste wapen dat we hebben.”
De Week voor vervolgde christenen begint op 15 juni met de Zondag voor de Vervolgde Kerk. Honderden kerken in Nederland en Vlaanderen doen mee. De deelnemende organisaties hopen dat de verhalen, gebedspunten en oproepen tot steun ook dit jaar weer veel harten zullen raken.
Meer informatie: www.opendoors.nl/week
Er zijn geen artikelen gevonden