<

Geef om katholieke journalistiek

doneer
Archief

Iedereen heeft ‘vijf broden en twee vissen’

KN Redactie 27 juli 2015
image

Beste broeders en zusters, goedemorgen.

 Het evangelie van deze zondag (Joh. 6,1 – 15) presenteert het grote teken van de broodvermenigvuldiging, in de vertelling van Johannes de Evangelist.

Genezer en leraar

Jezus bevindt zich op de oevers van het Meer van Galilea, en wordt omringd door een “grote menigte”, aangetrokken door de “tekenen (…) die Hij aan de zieken deed” (v.2). In Hem werkt de barmhartige kracht van God, die iedere ziekte van het lichaam en de geest geneest. Maar Jezus is niet alleen een genezer, Hij is ook een leraar: in feite gaat Hij de berg op en gaat zitten, het typische gedrag van een leraar wanneer Hij leert: Hij gaat de natuurlijke ‘cathedra’ op die geschapen is door zijn hemelse Vader.

Jezus stelt zijn leerlingen op de proef

Op dit punt stelt Jezus, die goed weet wat Hij gaat doen, zijn leerlingen op de proef. Wat moet gedaan worden om al die mensen te voeden? Filippus, een van de Twaalf, maakt een snelle berekening: met een collecte kunnen maximaal tweehonderd denarieën verzameld worden om brood te kopen, dat zou nog altijd niet genoeg zijn om vijfduizend mensen te eten te geven.

Logica van kopen, logica van geven

De leerlingen redeneren in ‘markt’-termen, maar Jezus vervangt de logica van kopen door een andere logica: de logica van geven. Er zijn twee soorten logica: die van kopen en die van geven. En het is daar dat Andreas, een andere apostel, broer van Simon Petrus, een jongen voorstelt die bereid is alles te geven wat hij heeft: vijf broden en twee vissen; maar dat is zeker – zegt Andreas – niets voor zovelen (cfr. v.9).

Anticiperen op het Laatste Avondmaal

Maar Jezus wachtte precies hierop. Hij beveelt zijn leerlingen de mensen te laten zitten, neemt dan die broden en die vissen, Hij dankt de Vader en verdeelt ze (cfr. v.11). Deze gebaren anticiperen op die van het Laatste Avondmaal, die aan Jezus’ brood zijn diepste en waarste betekenis geven. Het brood van God is Jezus zelf.

Kinderen van de hemelse Vader

Door communio te maken met Hem, ontvangen we zijn leven in ons en worden we kinderen van de hemelse Vader en onder elkaar broeders. Deelnemen aan de Eucharistie betekent in Jezus’ logica binnentreden, de logica van dankbaarheid, van delen. En hoe arm we allen ook zijn, we kunnen allemaal iets geven. ‘Communio maken’ betekent ook uit Christus de genade putten die ons in staat stelt datgene wat we zijn en wat we hebben met anderen te delen.

De volheid van leven

De menigte is geraakt door het wonder van de broodvermenigvuldiging; maar het geschenk dat Jezus aanbiedt, is de volheid van leven voor de hongerige mens. Jezus bevredigt niet alleen materiële honger, maar de diepste, de honger van de betekenis van het leven, de honger naar God.

Dat beetje wat wij hebben, aanbieden

Wat kunnen wij doen ten overstaan van lijden, eenzaamheid, armoede en de moeilijkheden van zoveel mensen? Klagen lost niets op, maar wij kunnen dat beetje dat wij hebben, aanbieden, zoals die jongen. We hebben zeker wat tijd, een soort talent, een soort expertise. Wie onder ons heeft niet zijn ‘vijf broden en twee vissen’? We hebben die allemaal!

Liefde, vrede, rechtvaardigheid, vreugde

Als wij bereid zijn die in de handen van de Heer te leggen, zou het genoeg zijn zodat er in de wereld een beetje meer liefde, vrede, rechtvaardigheid en bovenal vreugde zou zijn. Hoezeer hebben we nood aan vreugde in de wereld! God is in staat onze kleine gebaren van solidariteit te vermenigvuldigen en van ons deelnemers aan zijn gave te maken.

Ons gebed

Ons gebed steunt de gezamenlijke toewijding zodat het niemand aan het Brood van de Hemel ontbreekt, dat eeuwig leven geeft, en wat nodig is voor een waardig leven, en het bevestigt de logica van delen en liefde. Moge de Maagd Maria ons met haar moederlijke voorspraak begeleiden.