fbpx
<

Geef om katholieke journalistiek

doneer
Archief

Is de islam wel zo vredelievend?

KN Redactie 6 januari 2015
image

Dat vraagt asieladvocaat mr. Pieter Bogaers zich op deze site af in een kritische beschouwing op de Koran.

Betekent islam vrede?
Bogaers heeft sinds 1986 intensief te maken met mensen uit Iran en Afghanistan. “Daarbij gaat het ook over hun geloof, de islam, en wat dat met hen doet.”
“Als je in Nederland over het onderwerp spreekt met academisch opgeleiden, dan is het eerste wat zij zeggen: “Islam betekent ‘vrede’.” Bogaers vraagt zich af of dat is vol te houden “in een tijd van moord en doodslag door IS in Syrië en Irak, door Boko Haram in Afrika en de Taliban in Afghanistan en Pakistan? Waar komt toch de strijd vandaan, die zij voeren tegen christenen, Joden, andersdenkenden? Waarom vervolgt de Islamitische Republiek Iran elke ‘afvallige’?”

Letterlijk woord van God
Nadat hij eerst de Bijbel bestudeerd had, deed Bogaers dat ook met de Koran. “Ik wilde weten of de Koran wel zo’n vredelievend boek is. De Koran is volgens moslims het letterlijke, ongeschapen Woord van God, op dezelfde manier waarop christelijke theologen geloven dat Jezus de ongeschapen Zoon van God is.”

Tachtig oorlogen
Volgens hem hebben de tachtig oorlogen die Mohammed (570-632) in 23 jaar tijd voerde hun invloed gehad op de Koran.

Totaalindruk
Anders dan de Bijbel kent de Koran geen doorlopende verhaallijn, maar bestaat deze uit 114 fragmentteksten, de zogenaamde soera’s. Om een totaalindruk te krijgen heeft Bogaers de Koran zowel gescreend op woorden die verwijzen naar strijd en oorlog, als op fragmenten die vrede en verzoening nastreven. Die aanpak maakt inzichtelijk hoe ***hardliners*** binnen de islam de Koran kunnen gebruiken als basis voor hun oorlog “tegen iedereen die anders denkt, voelt of gelooft, ook al noemen hun tegenstanders zich eveneens islamiet”.

Handleiding
Volgens Bogaers heeft Mohammed feitelijk “een handleiding geschreven om al zijn tegenstanders aan zichzelf te onderwerpen door zich als woordvoerder van God uit te roepen.
In elke soera wordt opgeroepen tot strijd tegen de ongelovigen of een beloning gesteld op zogenoemde ‘gelovigen’ met dreigementen richting eenieder die niét gelooft. Dat zijn volgens Mohammed personen die niet geloven in een leven na de dood, in Mohammed of de islam.”

God als machtsinstrument
Mohammed grijpt God aan als machtsinstrument om zich tegen Joden en christenen te keren. “Onrechtdoeners” noemt hij hen. Centraal staat zijn aanbeveling in soera 3, vers 118: “O gij die gelooft, sluit niet innige vriendschap buiten Uw kring.”
“Gelovigen moet vrees worden ingeboezemd, zoals in talloze soera’s telkens naar voren wordt gebracht. Zij zijn ‘vrezenden’. Straf, vernedering, hel dreigt wanneer zij weigeren te geloven.”
Meermaals komt men tegen dat mensen mogen worden gedood (soera 80, vers 17 of soera 85, vers 4) en bij voortduring wordt een straffende God opgevoerd, aldus Bogaers.

Eeuwig branden
“Wie dus zoekt naar een spoor van vrede of menslievendheid, komt die in de Koran niet tegen.”
Bogaers concludeert dat elk streven naar verandering van islam van binnenuit in het huidige tijdsgewricht stukloopt “op een eeuwenlange praktijk van religieus fanatisme zoals dat in de islamitische dictaturen heeft postgevat. Religie en politiek zijn daar één. Alle andersdenkenden zijn per definitie ongelovigen en dienen te worden verdelgd. Dat is de stand van zaken.”

Lees hier de volledige bijdrage van Pieter Bogaers en diens eerdere bijdrage