<

Geef om katholieke journalistiek

doneer
Archief

Paus blikt terug op Afrikareis

KN Redactie 4 december 2015
image

Beste broeders en zusters, goedemorgen!

De afgelopen dagen heb ik mijn eerste apostolische reis naar Afrika gemaakt. Afrika is mooi! Ik dank God voor dit grote geschenk, waardoor ik in staat ben geweest drie landen te bezoeken: eerst Kenia, dan Oeganda en ten slotte de Centraal-Afrikaanse Republiek. Opnieuw spreek ik mijn dank uit aan de burgerlijke autoriteiten en de bisschoppen van deze naties, dat zij mij hebben ontvangen, en ik bedank iedereen die op zoveel manieren hieraan hebben meegewerkt. Hartelijk dank!

Nairobi, rijkdom en armoede

Kenia is een land dat heel goed de algemene uitdaging van onze tijd vertegenwoordigt: de schepping te beschermen door het ontwikkelingsmodel te hervormen om het eerlijk te maken, inclusief en duurzaam. Dit alles wordt duidelijk in Nairobi, de grootste stad van oostelijk Afrika, waar rijkdom en armoede zij aan zij leven: maar dat is een schandaal! Niet alleen in Afrika, maar ook hier, overal. Het samengaan van rijkdom en armoede is een schandaal, is een schande voor de mensheid.

Heel veel jongeren!

In Nairobi is het VN-kantoor voor het VN-Milieuprogramma gevestigd, dat ik heb bezocht. In Kenia heb ik de autoriteiten en diplomaten ontmoet en ook de bewoners van een volksbuurt; ik heb de leiders van verschillende christelijke denominaties en van andere godsdiensten, priesters en religieuzen, en ik heb jongeren ontmoet, heel veel jongeren!

‘Wees standvastig in het geloof’

Bij elke gelegenheid heb ik iedereen aangemoedigd om de grote rijkdom van dit land als een schat te koesteren: natuurlijke en geestelijke rijkdom, de rijkdom aan bodemschatten, de rijkdom aan de nieuwe generaties en van de waarden van de volkswijsheid. In de momenteel zo dramatische situatie is het voor mij een vreugde geweest om Jezus’ woord van hoop daar te brengen: “Wees standvastig in het geloof, wees niet bang.”

Hun bloed is het zaad van de vrede

Dat was het motto van mijn bezoek. Een woord dat elke dag door zoveel gewone en eenvoudige mensen wordt beleefd, met een edele waardigheid; een woord waarvan op tragische en heldhaftige wijze de jonge studenten van de Universiteit van Garissa hebben getuigd, die 2 april jongstleden werden vermoord omdat zij christenen waren. Hun bloed is het zaad van de vrede en de broederschap voor Kenia, voor Afrika en voor de hele wereld.

De Martelaren van Oeganda

Vervolgens, in Oeganda, stond mijn bezoek in het teken van de Martelaren van dit land, vijftig jaar na hun historische heiligverklaring door de zalige Paulus VI. Hiervoor was het motto: “Jullie zullen mijn getuigen zijn” (Hnd. 1,8). Een motto dat de woorden die daar onmiddellijk aan voorafgaan, vooronderstelt: “Jullie zullen kracht ontvangen van de H. Geest”, omdat het de Geest is die het hart en de handen van de uitgezonden leerlingen bezielt.

Getuigenis van naastenliefde

En het hele bezoek aan Oeganda is verlopen in het enthousiasme van het door de Heilige Geest bezielde getuigenis. Getuigenis in de exacte betekenis van het woord is het dienstwerk van de catecheten, die ik heb bemoedigd en bedankt voor hun inzet, waarin vaak ook hun gezinnen zijn betrokken. Een getuigenis van naastenliefde, dat mij heeft geraakt in het Huis van Nalukolongo, maar dat ook zoveel gemeenschappen en verenigingen geven door hun dienstwerk aan de armsten, de gehandicapten, de zieken. Ook het getuigenis van de jongeren die, ondanks de problemen, de gave van de hoop koesteren en proberen, tegen de stroom in, volgens het Evangelie en niet volgens de wereld te leven.

‘Ja’ tegen Christus

Dergelijke getuigen zijn ook de priesters, mannelijke en vrouwelijke religieuzen, die dag na dag hun totale “ja” tegen Christus vernieuwen en zich vreugdevol wijden aan de dienst van het heilig volk van God. En dan is er nog een groep getuigen, maar daar zal ik het later over hebben. Dit veelvoudige getuigenis, bezield door dezelfde Heilige Geest, is als gist voor de hele samenleving, zoals blijkt uit de doeltreffende werk dat in Oeganda is verricht in de strijd tegen AIDS en voor de opvang van de vluchtelingen.

Het hart van Afrika

De derde etappe van de reis ging naar de Centraal-Afrikaanse Republiek, in het geografische hart van het continent: feitelijk is het het hart van Afrika. Dit bezoek had ik eigenlijk als eerste op mijn lijst staan, omdat dit land momenteel probeert zich los te maken van een zeer moeilijke periode van gewelddadige conflicten en veel leed onder de bevolking.

De eerste Heilige Deur

Daarom heb ik daar, in Bangui, een week te vroeg, de eerste Heilige Deur willen openen van het Jubileumjaar van de Barmhartigheid, als teken van geloof en van hoop voor dit volk, en symbolisch voor alle Afrikaanse volken die bevrijding en troost het meeste nodig hebben. De uitnodiging van Jezus aan zijn leerlingen: “Laten we naar de overkant gaan” (Lc. 8,22), was het motto voor de Centraal-Afrikaanse Republiek.

‘Overgang’ in de gewetens

“Naar de overkant gaan”, in senso civile, betekent in de burgerlijke context: de rug toekeren aan de oorlog, aan de verdeeldheid, de armoede en kiezen voor de vrede, verzoening, ontwikkeling. Maar dat vereist echter wel een “overgang” die zich voordoet in de gewetens, in het gedrag en in de bedoelingen van personen. En op dat niveau is de bijdrage van de godsdienstige gemeenschap van beslissend belang. Daarom heb ik de evangelische gemeenschap en de moslimgemeenschap ontmoet en wij hebben wij ons gebed en onze inzet voor de vrede gedeeld. Met de priesters en de religieuzen, maar ook met de jongeren hebben we de vreugde gedeeld te mogen beseffen dat de Verrezen Heer met ons is in de boot, en dat Hij het is die hem naar de overkant vaart.

Gezicht van de Goddelijke Barmhartigheid

En ten slotte, in de laatste heilige Mis in het stadion van Bangui, op het feest van de apostel Andreas, hebben we onze belofte hernieuwd om Jezus te volgen, onze hoop, onze vrede, en aan het gezicht van de Goddelijke Barmhartigheid. Die laatste H. Mis was geweldig: het was vol jongeren, een stadion vol met jongeren! Maar meer dan de helft van de bevolking van de Centraal-Afrikaanse Republiek is minderjarig, en is dus jonger dan 18 jaar: een mooie belofte om verder te gaan!

De missionarissen

Ik zou nog iets willen zeggen over de missionarissen. De mannen en vrouwen die hun vaderland hebben verlaten, die alles hebben verlaten… Al jong zijn zij daar naar toe gegaan, zij leidden een leven van hard werken, soms slapend op de grond. In Bangui ontmoette ik op een zeker moment een zuster; zij was Italiaanse. Je zag aan haar dat ze al oud was: “Hoe oud bent u?”, vroeg ik haar. “81.” – “Och, dat is niet zo oud, maar twee jaar ouder dan ik”. –Die zuster was daar al vanaf dat ze 23-24 jaar oud was: haar hele leven! En er zijn er veel zoals zij.

Zo zijn missionarissen: dapper

Zij had een kind bij zich. En het kind zei in het Italiaans tegen haar: Nonna (“Oma”). En de zuster sprak: “Eigenlijk ben ik niet van hier, maar ik kom van het buurland, Congo; ik ben met dit kind in de kano gekomen.” Zo zijn missionarissen: dapper. “En wat doet u, zuster?” – “Ik ben verpleegster en daarna heb ik wat gestudeerd en ben ik verloskundige geworden en ik heb 3280 kinderen ter wereld helpen komen.” Dat vertelde zij me. Een heel leven gewijd aan het leven, aan het leven van anderen. En zoals deze zuster zijn er velen, zeer velen: zoveel zusters, zoveel priesters, zoveel religieuzen die het vuur uit hun sloffen rennen om Jezus Christus te verkondigen. Dat is mooi, als je dat ziet.

Geboortecijfer Europa

Ik zou ook een woordje willen richten tot de jongeren. Maar dat zijn er hier maar weinig, want het schijnt dat geboortes een luxe zijn geworden in Europa: geboortecijfer 0%, geboortecijfer 1%. Maar om terug te komen op de jongeren: denk erover wat je wilt maken van je leven. Denk eens aan die zuster en aan zovelen zoals zij, die hun leven hebben gegeven, en velen ook letterlijk, die daar zijn gestorven.

De heldhaftige zending van de Kerk

Missionaris zijn betekent niet, zieltjes winnen: die zuster vertelde me dat de mohammedaanse vrouwen ook bij hun komen omdat zij weten dat de zusters goede verpleegsters zijn, die hen goed verzorgen, en hun geen catechismusles geven om hen te bekeren! Zij leggen getuigenis af; en dan geven zij catechismusles aan degenen die dat willen. Maar het getuigenis: dat is de grote heldhaftige zending van de Kerk. Jezus Christus verkondigen met het eigen leven!

Liefde, menselijkheid, geloof

Ik kom weer terug bij de jongeren: denk erover wat je wilt doen met je leven. Dit is het moment om daar aan te denken en aan de Heer te vragen dat Hij zijn wil aan jullie kenbaar maakt. En sluit daarbij dan niet, als jullie blieft, de mogelijkheid uit om missionaris te worden, om de liefde, de menselijkheid, het geloof naar andere landen te brengen. Niet om daar zieltjes te winnen: neen. Degenen die dat doen, zijn op zoek naar iets anders. Het geloof predikt zich eerst met het getuigenis en dan pas met het woord. Langzaamaan.

Pelgrimstocht in Afrika

Laten we samen de Heer loven voor deze pelgrimstocht in het land van Afrika, en laten we ons leiden door zijn sleutelwoorden: “Wees standvastig in het geloof, wees niet bang”; “Jullie zullen mijn getuigen zijn”; “Laten we naar de overkant varen.”