Een traditie van eeuwen­ tegenover de waan van de dag

Lees al vanaf 0,20 p/d

Interview

‘Communio’ is al 50 jaar op zoek naar gemeenschap en de juiste toon

15 juli 2026

Communio-hoofdredacteur Lambert Hendriks: “Ik heb veel hulp van de redactie, een fijne groep mensen met wie ik kan nadenken over de inhoud.”
Foto: Eigen foto

De Nederlandse versie van het toonaangevende katholieke tijdschrift Communio bestaat vijftig jaar. Gedragen door vrijwilligers zoekt het blad “heel uitdrukkelijk de verbinding tussen het katholieke geloof en de cultuur”.

De naam van het tijdschrift is tegelijk een beginselverklaring: Communio betekent ‘gemeenschap’. Vijftig jaar geleden verscheen de eerste jaargang in het Nederlands. In 1973 was het opgericht door vooraanstaande theologen zoals Joseph Ratzinger, de latere paus Benedictus XVI.

Verbinding zoeken

De naam heeft een direct verband met het Tweede Vaticaans Concilie dat in 1965 was afgesloten, zegt Lambert Hendriks, hoofdredacteur van de Nederlandstalige editie. “Dat heeft men heel bewust als programma willen nemen: de gemeenschap van gelovigen en hun plaats in de wereld. Hoe kunnen wij gelovig zijn, hoe kunnen we ons als Kerk verbinden met die wereld? Het schenkt mij veel voldoening om die verbinding te zoeken.”

De oprichting van Communio had ook te maken met onvrede over het tijdschrift Concilium, dat eveneens als doel had de principes van het concilie uit te werken. Ratzinger en de zijnen werkten aanvankelijk hieraan mee, maar ze vonden dat Concilium afweek van de kerkelijke leer. Maar je kunt Communio daarom niet behoudend noemen, vindt Hendriks.

Polarisatie

“Ze wilden juist de theologie van het concilie behouden en dat was geen behoudende theologie. Als tijdschrift proberen we in het midden te zijn, juist in een tijd dat je de polarisatie weer ziet opkomen. Mensen worden gemakkelijk tegen elkaar uitgespeeld en kiezen steeds vaker voor uitersten. Je ziet dat ook in de Kerk, waar jongeren zoeken naar de traditionele of traditionalistische lijn. Wij proberen een tegengif te zijn tegen de polarisatie.”

Communio verschijnt tegenwoordig in Duitsland, Frankrijk, Nederland en België, de Verenigde Staten, Argentinië, Kroatië, Slovenië, Hongarije, Portugal, Polen, Tsjechië, Rwanda en Zwitserland. Elke editie heeft een eigen redactie. Hoe werkt dat? “Wij hebben één keer per jaar een bijeenkomst van alle hoofdredacteuren.

'Mensen worden gemakkelijk tegen elkaar uitgespeeld en kiezen steeds vaker voor uitersten. Je ziet dat ook in de Kerk, waar jongeren zoeken naar de traditionele of traditionalistische lijn. Wij proberen een tegengif te zijn tegen de polarisatie.'

Lokale uitwerking

Dan bepalen we welke onderwerpen we gaan behandelen. Dat leidt tot een schema van artikelen en van mogelijke auteurs. Het is de bedoeling dat je een aantal artikelen overneemt van de internationale redactie. Maar daarnaast kun je eigen mensen vragen om de problemen die in jouw regio spelen te bespreken.

Het tijdschrift heeft een gezamenlijk programma, maar de uitwerking is lokaal. We hebben het recht om elkaars artikelen over te nemen en te vertalen. Een bijdrage van ons zou dus ook in Amerika, Argentinië of Frankrijk kunnen worden gepubliceerd – al is het eerder omgekeerd. Dat werkt heel goed.”

Geloof en cultuur

De Nederlandse ondertitel van het tijdschrift is Internationaal katholiek tijdschrift. Het is dus geen theologisch periodiek. Hendriks: “Het is heel uitdrukkelijk een tijdschrift dat de verbinding zoekt tussen het katholieke geloof en de cultuur. Dat is waar het voor Communio om draait. In de praktijk behandelen we toch vaak theologische onderwerpen. Dat blijft een spanningsveld. Het eerste nummer van elk jaar gaat tegenwoordig over het sacramentele leven: vorig jaar over het doopsel, dit jaar over het vormsel.

advertentie

Je moet dan veel moeite doen om er geen theologisch nummer van te maken. We proberen steeds om ook laagdrempelige artikelen op te nemen. We geven vier nummers per jaar uit. Twee gaan over de Kerk of theologie en twee over iets maatschappelijks. Maar er zijn natuurlijk ook raakvlakken als je het hebt over bijvoorbeeld godsdienstvrijheid.”

Eigen bubbel

De auteurs zijn vrijwel altijd katholiek. Zou het niet goed zijn om in het kader van de dialoog met de hedendaagse cultuur ook eens niet-gelovigen te vragen? “Dat is een goed punt”, reageert Hendriks. “Je moet erop letten dat je niet in je eigen bubbel blijft. En als je een nummer maakt over bijvoorbeeld kunstmatige intelligentie, dan hoeft de auteur niet per se katholiek te zijn.”

Maar voor een dialoog met de maatschappij is het ook nodig dat je je eigen positie daarin kunt bepalen, aldus Hendriks. Dat roept vragen op die je zelf als gelovige moet proberen te beantwoorden. “Wij maken als christenen deel uit van de maatschappij. Wat is onze plaats daarin, wat hebben katholieken nog te zeggen nu de Kerk zo klein is geworden?

'Als christenen zijn wij het zout van de wereld waarin wij leven. Of zoals Augustinus dat zegt: wij zijn de tijden. Maak zelf wat van de wereld waarin je leeft.'

Intellectuele problemen

Als christenen zijn wij het zout van de wereld waarin wij leven. Of zoals Augustinus dat zegt: wij zijn de tijden. Maak zelf wat van de wereld waarin je leeft. Dat merk ik ook in de internationale redactie. We werken vriendschappelijk samen en zo lukt het ons om die communio zelf te beleven.”

Communio wordt in Nederland en Vlaanderen gedragen door vrijwilligers. Hendriks is hoofdredacteur naast zijn werk als rector van het grootseminarie Rolduc. Is dat geen probleem? “Nee, integendeel”, zegt hij met nadruk. Praktische problemen dreigen altijd de overhand te krijgen. Zijn werk voor Communio zorgt ervoor dat hij zich ook met intellectuele problemen bezig kan houden.

Cultuurchristendom

“En niet te vergeten: ik heb veel hulp van de redactie, een fijne groep mensen met wie ik kan nadenken over de inhoud.” Welke edities van Communio vond hij bijzonder geslaagd? “De aflevering over het Tweede Vaticaans Concilie. Dat is niet zo vreemd, omdat dat onze identiteit uitmaakt. Ik denk ook met plezier terug aan het nummer over cultuurchristendom.

Dat is vandaag de dag een heel relevant onderwerp: hoe ga je om met de resten van een Kerk die vroeger overal present was, terwijl je nu op zoveel plekken opnieuw moet beginnen? En dan het recente nummer over AI [dat verscheen een half jaar voordat paus Leo XIV zijn encycliek Magnifica humanitas publiceerde, red.].

Nieuw onderwerp

Daar heb ik veel reacties op gekregen, juist omdat mensen het verrassend vonden dat we zo’n nieuw onderwerp aansneden. Dat is een bewijs dat we de juiste toon te pakken hebben.” Hendriks zou graag een groter publiek bereiken met Communio. “Ik ben moraaltheoloog, maar ik wil die theologie bedrijven en beleven, zodat anderen daar ook iets mee kunnen.

Je kunt misschien voor jezelf alles op een rij hebben, maar het moet ook te begrijpen zijn voor de mensen over wie het gaat, of beter: op wie het van toepassing is. Paus Franciscus had dat goed begrepen: zorg dat waar wij in de Kerk mee bezig zijn, ook relevant is voor de mensen.”

Dit artikel delen: