Een traditie van eeuwen­ tegenover de waan van de dag

Lees al vanaf 0,20 p/d

Interview

Walther Burgering neemt na 35 jaar afscheid als diaken: ‘Ik heb kunnen doen wat belangrijk was’

Walther Burgering nam in februari na 35 jaar afscheid als diaken in het Westland.
Foto: Monique Klein Schiphorst

Begin februari celebreerde Walther Burgering zijn laatste viering als diaken in het Westland. 35 jaar aan parochiewerk heeft hem geleerd dat barmhartigheid harder dan ooit nodig is. “Kennen mensen nog wel het woord ‘barmhartig’? Ik hoor het zelden meer.”

Ergens in de pastorie naast de imposante Sint-Jan de Doperkerk in het Westlandse Wateringen heeft diaken Walther Burgering zijn spreekkamer. “Het is tijd voor een nieuw hoofdstuk in mijn leven”, bevestigt hij. In februari nam de 67-jarige Burgering afscheid als pastor binnen de parochiefederatie van het Westland.

Ex-gedetineerden

Hij keert terug naar zijn eerste liefde, zoals hij het zelf noemt. Twee dagen per week gaat hij aan het werk in de gevangenis. “Daar zitten mensen die een vertrouwelijk gesprek onder het oog van God goed kunnen gebruiken”, weet de diaken, mede door zijn inspanningen voor de Stichting BAKboord in Den Haag. Deze stichting helpt ex-gedetineerden bij hun terugkeer in de samenleving.

“Geen sinecure, maar iedereen verdient een tweede kans”, stelt hij. “In de gevangenis kan ik als aalmoezenier veel voor ze betekenen, net zoals ik als diaken voor parochianen kon doen. Ik ga de kerkgangers missen. Je bouwt toch een band met ze op.”

Stormen overleefd

Ruim 35 jaar parochiewerk van ’s ochtends acht uur tot ’s avonds half elf hebben hun sporen nagelaten bij diaken Burgering. “Ik heb veel stormen overleefd en bergen verzet. Voorgaan in vieringen, gesprekken met parochianen, besturen en nadenken over de toekomst van de Kerk: dat vraagt veel. Een werkweek van vijftig tot zestig uur was geen uitzondering.

Wanneer kun je dan lichamelijk en geestelijk opladen? Gelukkig lukte dat als ik tussendoor sportte. Ik ga graag wielrennen, geregeld maak ik ruimte voor spirituele verdieping en gebed. Ook ga ik jaarlijks op retraite.” Ruim 35 jaar pastoraal werk betekent ook vele herinneringen. “Misschien verschijnt er ooit een boek van mijn hand. Maar eerst ga ik drie maanden niets doen en op reis met mijn vrouw.”

‘Ik houd ervan om de rode draad te vinden in alles wat we doen’

Armanipak

Burgering kwam op gezette tijden naar zijn kerk in een Armanipak en draagt oorbelletjes. Het brak vaak het ijs bij jongeren. “Ik zie dat er steeds meer hun weg vinden naar de Kerk. Ze zijn op zoek naar zingeving en hoe God hen daarbij kan helpen. Bijbelverhalen leveren vaak rake gesprekken op”, aldus Burgering. “Het geeft jongeren houvast en richting in een woelige wereld. Je ziet dat veel mensen door de druk van buitenaf los van God zijn.

Bijbelverhalen kunnen helpen in contact te komen met je zielenleven.” Als Burgering zelf een bijbelverhaal moet kiezen waar hij veel uithaalt, dan is dat het verhaal van de barmhartige Samaritaan. “Aan Jezus wordt de vraag gesteld: ‘Meester, hoe verwerf ik het eeuwige leven?’ Dan vertelt Hij de parabel van de barmhartige Samaritaan.

Religie en afkomst

Die helpt een gewonde man die door anderen wordt genegeerd, en toont hiermee dat naastenliefde grenzen van religie en afkomst overstijgt. Het is een oproep tot mededogen en actieve hulp. Een verhaal over hoe je het eeuwig leven kunt verwerven: door onbaatzuchtige naastenliefde. Kennen mensen nog wel het woord ‘barmhartig’?” Burgering vraagt het zich af.

advertentie

“Ik hoor het zelden meer. Voor mijn gevoel hebben we barmhartigheid meer dan ooit nodig. Om het simpel te zeggen: kijk eens wat vaker naar elkaar om, vraag hoe het gaat en breng desnoods een pannetje soep.”

Aan tafel

Hoe willen we de Kerk van de toekomst vormgeven? “Om die vraag te beantwoorden ben ik samen met vijf jongeren om de tafel gaan zitten. Hoe dromen wij ons de Kerk, vroeg ik ze. Dat was spannend. We waren het erover eens dat de gedroomde Kerk een inclusieve Kerk zou moeten zijn. Een plek waar iedereen welkom is, ongeacht gender of ras.

De Kerk wil ook een lerende Kerk zijn, die aansluit bij de tijdgeest en luistert naar waar mensen behoefte aan hebben. In dat opzicht is het volgens mij van belang dat de Kerk al te rigide gedragsregels over hoe we met elkaar omgaan loslaat. Lekengelovigen zijn net zoveel waard als een diaken. We moeten het samen doen. Ook dachten we na over welke richting we opgaan als Kerk.

Keuzes maken

Wat doen we wel en wat niet? Ik houd ervan om de rode draad te vinden in alles wat we doen. Van de vieringen die je moet voorgaan tot uitvaarten, sacramenten en bedieningen zoals doopsels en huwelijken sluiten. We zijn met steeds minder pastores, tot voor kort met z’n vieren. Een diaken en drie priesters. Dan moet je keuzes maken.”

Burgering vervolgt: “De Kerk vergrijst, ouderen vragen veel zorg en aandacht. We doen nog wel de huisbezoeken en zijn een luisterend oor voor mensen die een dierbare verloren hebben of zich eenzaam voelen. Maar hoe lang kunnen we dat nog doen? Het vergt veel. Gelukkig geeft de samenwerking van elf parochies in het Westland en in Hoek van Holland verlichting.”

‘Je ziet dat veel mensen door de druk van buitenaf los van God zijn’

Chillroom

Maar vanwege een chronisch tekort aan priesters hoopt Burgering dat in de toekomst de Kerk meer regels versoepelt. “Hoe mooi zou het zijn als bijvoorbeeld vrouwen en getrouwde mensen het ambt zouden kunnen bekleden?”

“Gelukkig heb ik de afgelopen jaren kunnen doen wat belangrijk was. Van een ‘chillroom’ voor jongeren in het parochiehuis en een RK Korenfestival tot sociale media en een magazine.” Alleen kwam diaken Burgering voor zijn gevoel toch nog te weinig toe aan jongeren. “Ze zijn onze toekomst”, zegt hij. “Over de gedroomde Kerk had ik graag verder met ze willen praten en discussiëren.”

“Hoe barmhartig is de Samaritaan”, besluit hij. “Doen we parochiewerk vanuit ons hart, als daad van onbaatzuchtige naastenliefde, of gaan we in het spirituele hangen en doen we het voor onszelf? Helaas verdwijnt dan de barmhartigheid en dat is nu juist iets wat we zo nodig hebben. Daar ben ik me, na 35 jaar pastoraal werk, alle dagen bewust van.”

Dit artikel delen: