Een traditie van eeuwen­ tegenover de waan van de dag

Lees al vanaf 0,20 p/d

In beeld

Herwonnen op de golven: de ivoren lans van Longinus

Detail van de ivoren lanssteek.
Foto: Rob Dijksman

De TEFAF-kunstbeurs in Maastricht vertoonde dit jaar een wel heel bijzonder religieus kunstwerkje: een ivoren passiescène, opgediept uit het wrak van een schip dat eeuwen geleden is vergaan.

Een jaar of vijftien geleden verschenen er op TEFAF Maastricht in diverse stands plotseling wat ivoren beeldjes van een slapend kindje Jezus. Eeuwen geleden gemaakt in het Verre Oosten, met soms wat boeddhistische trekken. De eerste opdrachten kwamen ongetwijfeld van jezuïeten, die ze voor hun missiewerk gebruikten, samen met ivoren plaquettes met religieuze afbeeldingen voor kleine altaren.

Aan de productie in Japan kwam een eind toen shōgun Tokugawa in 1614 een verbod op het christendom uitvaardigde. Veel ivoorsnijders weken met de priesters uit naar de Filipijnen, waar ze zich vestigden in Manilla.

Gezonken

Een paar eeuwen lang, vanaf 1565, vervoerden Spaanse vrachtschepen eenmaal per jaar zijde, porselein, ivoren voorwerpen en andere luxegoederen naar Mexico. Op de terugreis naar de Filipijnen namen deze zogenaamde Manilla-galjoenen goud en zilver, soldaten en missionarissen mee.

advertentie

Op 8 september 1601 zonk zo’n galjoen, de Santa Margarita, midden in de Stille Oceaan in een zware storm bij Rota, een van de Marianeneilanden. In het eerste decennium van deze eeuw zijn zo’n driehonderd ivoren voorwerpen uit het scheepswrak geborgen. Het zijn soms complete kleinschalige kunstwerken, de meeste met christelijke onderwerpen, gesneden door Chinese en Filipijnse vaklui.

Pronkstuk

Een van de pronkstukken bij de São Roque Gallery uit Lissabon was dit jaar een gedetailleerd ivoren altaarstuk uit het begin van de zeventiende eeuw van een Chinese of Filipijnse ivoorsnijder. Het verbeeldt de lanssteek in Christus’ zijde op de Calvarieberg.

Tekst gaat verder onder de afbeelding:

Foto: Rob Dijksman

De Romeinse soldaat Longinus, gekleed als een centurio te paard, doorboort de borst van de gekruisigde Christus met de Heilige Lans. Daarnaast toont de compositie de twee gekruisigde dieven en rechts op de voorgrond de knielende Maria Magdalena, de Maagd Maria en Johannes de Evangelist.

Ivoren juweeltjes

De kleine plaquette van slechts 13,5 bij 10,5 bij 2,5 centimeter, met nog wat resten van de polychrome en vergulde decoratie, valt op door zijn sublieme snijwerk en esthetische kwaliteit. Hij is gemaakt met verschillende stukken ivoor die als in een legpuzzel in elkaar passen.

Gezien de kwetsbaarheid van het poreuze basismateriaal is dit een puur staaltje vakmanschap. Zo zijn sommige iconografische elementen kwetsbaar vrijstaand uit de achtergrond gesneden, zoals de lange speer en de benen van het paard van Longinus.

Het vakmanschap van de Oosterse ivoorsnijders was in die tijd ongeëvenaard. Aangeleverde Europese prenten – voor dit altaarstuk een gravure van Johan Sadeler (1550-1600), die op zijn beurt een tekening van Maarten de Vos (1532-1603) als voorbeeld nam – verwerkten zij tot ivoren juweeltjes.

Dit artikel delen: