
Wie denkt aan het Vaticaan, denkt niet direct aan sperziebonen, kiwi’s en pompoenen. Toch wordt er midden in de Vaticaanse Tuinen al eeuwenlang voedsel verbouwd. De historische pauselijke moestuin wordt – geheel in lijn met Laudato si’ – volledig biologisch beheerd.
Tussen de hoge muren van de Vaticaanse Tuinen staan citrusbomen die al anderhalve eeuw vrucht dragen. De vruchten worden zonder chemische behandelingen geteeld: de schil is eetbaar en de kloosterzusters van het naastgelegen Mater Ecclesiae maken er jam en gekonfijte schilletjes van.
Dit artikel is niet gevonden
De tuin is slechts 400 vierkante meter groot en bestaat uit vier terrassen. Toch wordt er een verrassend grote verscheidenheid aan groenten en fruit verbouwd. De tuin wordt volledig met de hand geïrrigeerd. Tuinman Gilberto Bianchi verzorgt het perceel samen met jonge medewerkers die hij opleidt.
De biologische werkwijze betekent vooral: minder ingrijpen en beter opletten. De bodem krijgt uitsluitend gecertificeerde korrelmest, afgestemd op seizoen en plantbehoefte. Plagen worden niet preventief bestreden. Alleen als ze de gewassen echt bedreigen, wordt er ingegrepen.
Deze pagina is niet gevonden
Voor de behandelingen die onder de verplichte certificering vallen, houdt de tuin een “veldlogboek” bij. Om de bodem vruchtbaar te houden worden gewassen afgewisseld. Zo worden onder meer sperziebonen geteeld, die van nature stikstof binden. Nieuw dit jaar is een proef met zeewiermeststof voor de tomaten.
Ook de aanvoer van nieuwe planten gebeurt uiterst zorgvuldig. De zaailingen komen van buiten en zijn al natuurlijk behandeld, om te voorkomen dat ziektekiemen via een kwekerij de hele oogst aantasten. Voor de toekomst wordt wel nagedacht over een eigen kwekerij, gecombineerd met een kas voor bonsaiboompjes.
De dagelijkse zorg voor de tuin blijft intussen mensenwerk. De Dienst Tuinen en Milieu van het Gouvernement Vaticaanstad is formeel verantwoordelijk, maar de benedictinessen van Mater Ecclesiae geven aan welke gewassen nodig zijn. Daarbij wordt er rekening gehouden met het seizoen en met wat de grond op dat moment te bieden heeft.

Op dit moment groeien er onder meer knoflook, basilicum, chilipepers, citrusvruchten en pompoenen. Deze zomer werden er op verzoek van de zusters voor het eerst kiwiplanten aangeplant. Eind augustus begint alweer het winterplantseizoen, met savooiekool, broccoli, spinazie en sla.
Mei is traditioneel de productiefste maand. In de zomerhitte lopen tomaten, aubergines, paprika’s, sperziebonen, courgettes en komkommers juist tegen het einde van hun cyclus aan.
Wat de tuin oplevert, verdwijnt niet alleen in de pauselijke keuken. Een deel gaat naar gasten, een deel wordt verkocht en de opbrengst komt ten goede aan liefdadigheidswerk. Daaronder valt Casa Dono di Maria, het opvanghuis dat sinds 1988 onderdak, maaltijden en hulp biedt aan daklozen en armen in de schaduw van de Sint-Pietersbasiliek.
De honderd procent biologische werkwijze past binnen de bredere aandacht van het Vaticaan voor duurzaamheid. Sinds paus Franciscus in 2015 zijn encycliek Laudato si’ over de zorg voor de schepping publiceerde, is ecologie een vast thema binnen het Vaticaanse beleid.
Dit artikel is niet gevonden
Vorig jaar opende bij het pauselijke zomerverblijf Castel Gandolfo het Laudato Si’-opleidingscentrum voor duurzame landbouw. Paus Leo XIV liet daarnaast weten Vaticaanstad met behulp van een zonnepark CO2-neutraal te willen maken.
De moestuin is op kleinere schaal een concrete uitwerking van diezelfde visie: niet alleen spreken over zorg voor de schepping, maar die ook toepassen in de manier waarop voedsel wordt verbouwd.
Dat de moestuin er überhaupt nog is, is op zichzelf al een stukje geschiedenis. Toen paus Nicolaas III Orsini tussen 1277 en 1280 de pauselijke residentie van het Lateraan naar het Vaticaan verplaatste, liet hij binnen de nieuwe muren een boomgaard en een tuin aanleggen om het pauselijke huishouden van voedsel te voorzien.
Ruim acht eeuwen later is die functie nog altijd intact. De tuin ligt naast het klooster Mater Ecclesiae, dat paus Johannes Paulus II tussen 1992 en 1994 liet bouwen. Oorspronkelijk waren het de kloosterzusters zelf die de grond bewerkten. Ook paus Benedictus XVI liep er graag een rondje doorheen.
Er zijn geen artikelen gevonden