Een traditie van eeuwen­ tegenover de waan van de dag

Lees al vanaf 0,20 p/d

Reportage

Een andere kijk op herbestemming: ‘We leggen hier nog steeds een verbinding tussen hemel en aarde’

Thijs Hendrix in het Franciscus Huis, een voormalige kerk die op zijn initiatief is herbestemd tot een cultureel, sociaal en educatief centrum.
Foto: KN - Anton de Wit

Dit jaar vieren twee succesvolle herbestemmingsprojecten in Weert hun tienjarig bestaan: het Franciscus Huis en het Fatima Huis. De drijvende kracht erachter, de ondernemersfamilie Hendrix, wil er een punt mee maken: “Er zitten zoveel mogelijkheden tussen kerken openhouden en kerken sluiten.”

Een groepje Zeeuwse jongeren staat met rolkoffers voor de voormalige pastorie van de Fatimakerk in Weert. Ze hebben daar overnacht, het geheel gerenoveerde pand is nu onderverdeeld in zes luxe vakantie-appartementen. Ondernemer Thijs Hendrix knoopt joviaal een praatje met hen aan. Als de jongeren ontdekken dat hij de exploitant is van de appartementen, bedanken ze hem hartelijk. “Nee, jullie bedankt”, lacht Hendrix. “Dankzij jullie verblijf kunnen we die kerk daar openhouden en onderhouden! Zijn jullie er binnen geweest? Nee? Nou, kom maar eens mee…”

Buiten en binnen in de voormalige Fatimakerk in Weert, tegenwoordig het Fatima Huis. | Foto's: KN - Anton de Wit

Hij leidt de jongeren van protestantse huize de kerk in. Ze zijn zichtbaar onder de indruk. Hendrix geeft enthousiast uitleg over deze voormalige katholieke kerk – over de unieke naoorlogse bouwstijl, de diepere betekenis van de mozaïeken op het priesterkoor, over de Eritrees-orthodoxe gemeenschap die er tegenwoordig kerkt, en hoe vrijwilligers nog wel een katholieke Mariakapel openhouden. “Jullie weten wel dat katholieken wat met Maria hebben, toch?”

Dromen van een leven als missionaris

Thijs Hendrix, geboren in 1955 in een boerengezin, had vele opties en kansen in het leven. Als pienter joch kon hij naar het gymnasium bij de paters van de Heilige Geest. In dit warme katholieke milieu van de Limburgse Peel droomde hij ervan missionaris te worden. Maar zijn moeder wilde er niks van weten. “Missionaris kun je later altijd nog worden”, zei ze nuchter.

Ik sta er versteld van hoe het christendom in één, twee generaties gemarginaliseerd is geraakt in onze samenleving

Het werd het familiebedrijf, dat zich hoofdzakelijk toelegde op de pluimveehouderij. Ook daar voelde hij zich goed thuis. Hij droeg zijn steentje bij aan de internationale uitbouw ervan, Hendrix Genetics werd een wereldwijd begrip in die sector. U weet het niet, maar de kans is groot dat u nu eieren in uw koelkast hebt liggen waarvan de genetische lijnen terugvoeren op Hendrix’ stallen.

‘Wat laat ik na?’

Officieel is hij met pensioen, al is dat een rekbaar begrip in een familiebedrijf, geeft hij lachend toe. Maar hij is wel op de leeftijd dat hij bezig is met de vraag: wat kan ik nog betekenen voor anderen, wat laat ik na? Die appartementen bij de Fatimakerk, die zijn dan ook meer dan een leuke bijverdienste. Als hij die jongeren bevlogen rondleidt door de kerk, zie je: zijn moeder heeft gelijk gekregen, hij is op heel eigen wijze alsnog een missionaris geworden.

“Ja, ik heb een missie, wij hebben een missie”, beaamt Hendrix op het kantoor van het familiebedrijf in de polders van Ospel, even buiten Weert. Zijn jongste zus Rian Schonkeren-Hendrix is ook aangeschoven. Zij is de manager van het Fatima Huis, en ook van het Franciscus Huis, een andere voormalige kerk in Weert, waarover later meer. Ook hun inspanningen voor de lokale (geloofs)gemeenschap zijn geen privé-projectjes, maar echt een familieonderneming.

Fundament van medemenselijkheid

“Ik sta er versteld van hoe het christendom in één, twee generaties gemarginaliseerd is geraakt in onze samenleving”, steekt Hendrix van wal. “We verliezen daarmee iets wezenlijks, een fundament van medemenselijkheid. We zien mensen alleen nog maar als economische wezens, als consumenten. Het liberalisme is doorgeslagen. En ja, dat zeg ik als ondernemer. Er is niets mis met geld verdienen, maar geld mag geen doel op zichzelf worden. Het hoort een middel te zijn waarmee we het algemeen welzijn dienen, een belangrijke notie uit het katholiek sociaal denken.”

Thijs Hendrix en zijn zus Rian Schonkeren-Hendrix.
Foto: KN - Anton de Wit

“Ik denk dat we in onze samenleving heel erg van ‘wij’ naar ‘ik’ zijn gegaan”, vult Schonkeren aan. “Zeker over de generaties vrouwen voor ons hoor je vaak zeggen: ‘Die cijferden hun eigen geluk weg voor hun gezin.’ Natuurlijk is het goed dat er nu meer mogelijkheden zijn voor vrouwen, maar we slaan nu nogal door naar een ander uiterste: ik moet gelukkig zijn, ik moet alles uit het leven halen. Dan verliezen we het besef uit het oog dat die generaties voor ons misschien beter aanvoelden: als je een ander gelukkig maakt, word je daar zelf ook gelukkig van.”

Dwars tegen de ontkerkelijking in

Nee, vroeger was niet alles beter, en zwartkijkers zijn de Hendrixen zeker niet. Jongeren zoals die Zeeuwse toeristen bij het Fatima Huis? “Die hebben een goede inborst”, benadrukt Thijs Hendrix, “die weten heus goed en kwaad nog wel te onderscheiden.”

https://www.kn.nl/product/katholiek-nieuwsblad-editie-24-2024-digitaal/

Maar ja, je moet jonge generaties wel in contact blijven brengen met die christelijke traditie, dwars tegen de ontkerkelijking in, en voor de hele kerkgemeenschap ligt hier een missie. En niet alleen voor kerkleiders, maar voor ons allemaal.

Veldhospitaal

Hendrix herinnert zich het moment dat bij hem dat kwartje viel. “Ik zat in de kerk en luisterde naar de adventsboodschap van de toenmalige bisschop Wiertz. Het was eind 2013, paus Franciscus was dat jaar aangetreden. Wiertz hield een warm pleidooi om die barmhartige Kerk als ‘veldhospitaal’, waar de paus het over heeft, in de eigen gemeenschap waar te maken. Door de hand uit te steken naar elkaar, er samen de schouders onder te zetten, bij te dragen naar vermogen.”

Thijs Hendrix toont een foto van zijn ontmoeting met paus Franciscus.
Foto: KN - Anton de Wit

Dat leidde in 2014 tot het ontstaan van zowel het Franciscus Huis als het Fatima Huis. In beide gevallen ging het om monumentale naoorlogse kerkgebouwen die ten prooi dreigden te vallen aan kerksluiting.

Verweesd

Hendrix: “Als een parochie wordt opgeheven of een kerk aan de eredienst wordt onttrokken, zie je steeds dezelfde dynamiek. Heel veel mensen blijven verweesd achter; de vaste kerkgangers en vrijwilligers, maar zelfs de bredere gemeenschap die er misschien nog amper komt maar zich toch betrokken voelt omdat men er gedoopt of getrouwd is.”

“Daar moeten we niet te lichtvaardig mee omgaan. Je kunt wel zeggen: mooi, we zijn van dat dure gebouw af, en de mensen die nog naar de kerk willen gaan, doen dat maar elders. Maar besef dan ook dat je veel verliest. Je komt aan de kern van de paroikía, wat zoiets als ‘naoberschap’ betekent. Dat doek je dan op, je gooit het kind met het badwater weg, en vernietigt iets dat je nooit meer terugbrengt.”

Zinvolle herbestemming

“Ik geloof heel sterk in subsidiariteit, nog zo’n mooi katholiek sociaal principe. Bouw de gemeenschap van onderaf op, dicht bij de mensen. Richt bijvoorbeeld een stichting op, maak de parochianen, de vrijwilligers mede-eigenaar. Zelfs als een kerk verkocht moet worden, kun je een deel van de inkomsten terug laten vloeien in de gemeenschap, je kunt er iets nieuws mee beginnen dat de mensen herkennen als iets van hen.”

De door vrijwilligers opengehouden Mariakapel in het Fatima Huis in Weert.
Foto: KN - Anton de Wit

Zo ongeveer ging het met de genoemde kerkgebouwen in Weert. De familie Hendrix kocht ze aan en zocht lokale steun voor een zinvolle herbestemming ervan, met behulp van vele vrijwilligers. Het Fatima Huis behield als gezegd een religieuze functie omdat de Eritrees-orthodoxe gemeenschap een nieuw onderkomen nodig had. En dankzij de appartementen in de pastorie, die tegen commerciële tarieven worden verhuurd, kan het Fatima Huis zichzelf inmiddels prima bedruipen.

Positieve exploitatie

Hetzelfde geldt voor de voormalige franciscaner kerk, ongeveer anderhalve kilometer verderop. Omgedoopt tot het Franciscus Huis kreeg dit moderne gebouw uit 1963 een nog bredere herbestemming. De grote, hoge zaal leent zich prima voor allerlei culturele, sociale en educatieve evenementen. Voor commerciële huurders rekent men het volle pond, legt Rian Schonkeren uit, terwijl men voor minder draagkrachtige, ideële organisaties een vriendelijker tarief rekent, of er desnoods op toelegt.

“We hoeven er geen geld aan te verdienen”, vertelt zij. “We willen gewoon uit de kosten komen. We hebben een positieve exploitatie, dat is toch best bijzonder om te kunnen zeggen. Dat komt mede dankzij de inzet van vele vrijwilligers, het maatschappelijke draagvlak is enorm.”

In gesprek over de geloofstraditie

Dat de voormalige kerk geen religieuze functie meer heeft, wil Thijs Hendrix toch enigszins nuanceren. Hoewel de kerkbanken verdwenen zijn, ademt het gebouw nog altijd katholicisme, zo laat hij zien: van de wijwaterbakjes bij de deur tot het enorme houten kruis dat nog steeds aan de muur hangt waar eens het altaar was.

Het Franciscus Huis in Weert.
Foto: KN - Anton de Wit

“En kijk eens naar die enorme beeltenis van Franciscus van Assisi daar”, zegt hij. “Als jongeren hier binnenkomen, zie je ze vaak opkijken naar dat portret, om vervolgens op hun mobieltje te googelen wie die Franciscus eigenlijk was. Je moet niet kijken naar wat hier niet meer is, maar naar de mogelijkheden die zo’n voormalige kerk nog steeds biedt om met mensen in gesprek te gaan over onze geloofstraditie.”

Diaconale inslag

Daarbij hebben veel evenementen in het Franciscus Huis nog steeds een duidelijke religieuze, diaconale inslag. “Het mooiste voorbeeld vind ik nog wel ‘Eten met Franciscus’, dat we sinds vier jaar in de Week tegen de Eenzaamheid organiseren”, vertelt Schonkeren.

Het gedonder begint vaak wanneer er gedacht wordt dat er maar twee mogelijkheden zijn: ofwel die kerk ongewijzigd openhouden, ofwel hem sluiten

“Dan komen er 280 ouderen eten, leerlingen van een plaatselijke VMBO-school bereiden de soep, de gardiaan van de franciscanen komt een toespraak houden. Prachtig toch?”

Pomp op het boerenerf

Er is, zo wil de familie Hendrix met een zekere missionaire ijver laten zien, zoveel meer mogelijk dan mensen doorgaans denken. Katholiek Nederland piekert zich suf over teruglopend kerkbezoek en financiële lasten, maar hier in Weert laat men zien dat het echt ook anders kan.

https://www.kn.nl/nieuwsbrief/

En heus ook als er géén kapitaalkrachtige familie in de buurt is om een pand op te kopen, voegen ze daar desgevraagd aan toe. Met een beetje nuchtere ondernemerszin en missionair enthousiasme kom je heel ver, zo willen ze maar zeggen. “Vroeger hadden we een pomp op ons boerenerf”, vertelt Hendrix, “en als je die te lang niet gebruikte dan droogde het leer helemaal in. Maar je hoefde er dan maar een klein beetje water in te gieten, en dan gaf die pomp weer overdadig water. Zo is het ook met zulke missionaire projecten, een kleine investering in het begin geeft vaak echt een kickstart.”

Enorme kans

“Ik vind dat er te vaak in problemen wordt gedacht”, gaat hij verder. “Ik bedoel dat niet als kritiek, maar als constatering. Neem nou het verschijnsel van mensen die niet kerkelijk zijn, maar toch puur vanwege de ambiance een kerkelijke bruiloft of uitvaart willen. Een pastoor of bisschop ziet dat vaak als een probleem, en ik snap dat heus wel. Maar ik denk: het is juist een enorme kans! Je bereikt daarmee mensen die anders nooit een kerk van binnen zien. Maak daar gebruik van.”

“Met herbestemming moet je ook in kansen denken. Wij hebben gemerkt: ga er zorgvuldig mee om, luister goed naar elkaar, overleg ook constructief met het bisdom wat er wel en niet kan. Maar vecht elkaar vooral niet de tent uit. Het gedonder begint vaak wanneer er gedacht wordt dat er maar twee mogelijkheden zijn: ofwel die kerk ongewijzigd openhouden, ofwel hem sluiten. Wij willen laten zien dat daar nog zoveel mogelijkheden tussen zitten. Waarmee je nog altijd waar kunt maken waar die kerk voor bedoeld was: gemeenschap vormen, samenkomen, een verbinding leggen tussen hemel en aarde.”

Gastenboek

Om dat punt te onderstrepen wijst Schonkeren met een glimlach op iets dat een jongetje in het gastenboek schreef, nadat het Franciscus Huis met Kerst tijdelijk in een ijshal was omgetoverd: “Dankuwel God dat ik hier mocht schaatsen.”

https://www.kn.nl/donaties/

Dit artikel delen:

Steun katholieke journalistiek

Belangrijker dan ooit:
steun katholieke journalistiek

Ontvang het laatste nieuws in je mailbox

© Katholiek Nieuwsblad | 2026