Een traditie van eeuwen­ tegenover de waan van de dag

Lees al vanaf 0,20 p/d

Geschiedenis

Ook talloze priesters en religieuzen werden slachtoffer van de nazi’s

Gevangenen in concentratiekamp Dachau. Daar stierven ook talloze geestelijken.
Foto: CNS - KNA

De systematische vervolging en genocide door de nazi’s leidden ruim tachtig jaar geleden tot de dood van zes miljoen Joden in Europa. Maar ook talloze katholieke priesters en religieuzen waren daar het slachtoffer van.

De helft van alle katholieke priesters en religieuzen in Polen leed onder de onderdrukking door de nazi’s tijdens de zes jaar dat de Tweede Wereldoorlog er gaande was. Meer dan 2800 van hen kwamen om het leven door toedoen van de nazi’s en de Sovjet-Unie.

Doelwit

Anna Jagodzinska, onderzoeker van het Poolse Nationale Herdenkingsinstituut, zegt dat geestelijken in de Tweede Wereldoorlog vooral een doelwit werden omdat zij verdedigers van de nationale cultuur en identiteit waren.

Van alle geestelijken die werden opgesloten in concentratiekamp Dachau, net boven München, waren er 1773 priesters uit Polen, van wie er 868 werden vermoord. Anderen werden onderworpen aan uitputtende arbeid en pseudo-medische experimenten. Ondanks de gruwelen die ze moesten ondergaan, getuigden veel priesters van het geloof door de biecht te horen en geheime Missen op te dragen. Daarnaast boden ze ook praktische en geestelijke steun aan hun medegevangenen.

Gestapo

Katholieke geestelijken van verschillende nationaliteiten stierven als martelaren in andere kampen die door de nazi’s werden opgezet, waaronder het grootste kamp, Auschwitz-Birkenau. Daar vielen 1,2 miljoen slachtoffers, de meeste van hen Joods, onder wie de heilige Maximiliaan Kolbe en de heilige Edith Stein, ook bekend als Teresa Benedicta van het Kruis.

Andere zaligverklaarde martelaren zijn elf Poolse zusters van de Heilige Familie van Nazareth die in augustus 1943 door de Gestapo werden doodgeschoten in Nowogródek, in het huidige Wit-Rusland. Toen meer dan 120 burgers in het dorp schijnbaar willekeurig werden opgepakt om geëxecuteerd te worden, boden twaalf zusters zich vrijwillig aan om hun plek in te nemen in ruil voor hun levens. Elf van hen werden gedood, één overleefde de slachtpartij.

Titus Brandsma

Ook de heilige Titus Brandsma werd in Dachau gedood na het verdedigen van Joden en de persvrijheid. De Nederlandse karmeliet stierf door een dodelijke injectie op 26 juli 1942. De Franse katholieke leek Marcel Callo stierf in 1945 in concentratiekamp Mauthausen, waar hij naartoe was afgevoerd vanwege verboden christelijke activiteiten, onder meer als voorzitter van de Jeunesse Ouvrière Chrétienne (JOC, Christelijke Arbeidersjeugd).

Een Italiaanse katholiek uit Savona, de zalige Teresa Bracco, werd gedood toen ze zich verzette tegen verkrachting door een nazisoldaat. De zalige Emilian Kowcz, priester van de Grieks-katholieke Kerk in Oekraïne, stierf in concentratiekamp Majdanek en was een van de 26 Oekraïners die in 2001 als martelaren werden zaligverklaard.

advertentie

Zeshonderd religieuzen

De zalige zuster Sára Salkahózi, oprichtster van de Hongaarse katholieke bond voor meisjes, werd in december 1944 neergeschoten en in de rivier de Donau gegooid door aanhangers van de nazistische beweging van de Pijlkruisers in Hongarije. Haar misdaad: onderdak bieden aan Joodse vrouwen en kinderen in haar klooster in Boedapest.

Ze is een van de meer dan zeshonderd religieuzen uit verschillende landen en van verschillende christelijke denominaties die door Israël geëerd zijn als ‘Rechtvaardige onder de Volkeren’ vanwege hulp aan vervolgde Joden.

‘De nazi's elimineerden geestelijken omdat ze hen zagen als een barrière voor de germanisering van de door hen bezette gebieden’

Johannes Paulus II

Onderzoek naar degenen die tijdens de Tweede Wereldoorlog als martelaar stierven werd bijzonder aangemoedigd door paus Johannes Paulus II, niet in het minst in zijn apostolische brief uit 1994, Tertio Millennio Adveniente, waarin hij hun heiligheid vergeleek met die van de eerste christenen.

In zijn geboorteland Polen, dat een vijfde van zijn bevolking verloor onder de nazi-bezetting, werkte het Nationaal Herdenkingsinstituut samen met historici uit heel Europa aan een database van slachtoffers. Minstens 1,8 miljoen Polen werden na het einde van de Tweede Wereldoorlog door de Sovjetbezettingsmacht naar werkkampen gestuurd; veel katholieke geestelijken die de naziterreur hadden overleefd, stierven later alsnog door communistische handen.

Germanisering

“Terwijl de nazi’s geestelijken elimineerden omdat ze hen zagen als een barrière voor de germanisering van de door hen bezette gebieden, verboden latere communistische regeringen elke erkenning van katholieke martelaren om hun eigen antikerkelijke campagne niet in de weg te zitten”, aldus Anna Jagodzinska.

In het herdenkingsinstituut ligt dan ook nog altijd veel materiaal dat wacht op onderzoek om de verhalen van de martelaren in de Tweede Wereldoorlog door te kunnen geven aan de volgende generatie. Want, zegt ze: “Martelaarschap is altijd martelaarschap wanneer mensen sterven voor hun geloof. Niet voor niks is er nog steeds grote publieke belangstelling voor de verhalen van de martelaren in de oorlog.” (Vertaling: Susanne Kurstjens)

Dit artikel delen: