
Bescheiden en volhardend stond de heilige Elisabeth van Portugal haar man, koning Dionysius I, terzijde. Waarom verbande hij haar dan toch?
In het jaar 1271 kreeg koning Pedros III van Aragón een dochter. Het meisje werd vernoemd naar haar oudtante, de heilige Elisabeth van Thüringen.
Van jongs af aan was Elisabeth al veel bezig met gelovige zaken, zoals gebed en versterving. Op haar twaalfde huwde ze met koning Dionysius I van Portugal. Ze schonk hem twee kinderen. Haar man was haar vaak ontrouw, maar zij behandelde zijn onwettige kinderen met evenveel liefde als die van henzelf.
Nooit kwam er een klacht over haar lippen jegens de talrijke maîtresses van haar man, die aan het hof zorgden voor een sfeer van geheimen en jaloezie.
Elisabeth ijverde voortdurend voor de verspreiding van de christelijke geest en cultuur. Zo stichtte ze een gasthuis en een opvangcentrum voor vondelingen. In het politieke leven trad ze echter nooit uit de schaduw van haar man, tenzij hij daar uitdrukkelijk om vroeg.
Uiteindelijk werden haar gebeden verhoord: vader en zoon verzoenden zich met elkaar
Onophoudelijk probeerde ze zijn omgeving op zijn goede kanten te wijzen, zodat de mensen hem zouden beminnen. Ze bemiddelde ook tijdens de gewapende strijd tussen hem en hun zoon Alfons, die al bezig was een leger tegen zijn vader te verzamelen.
Maar achterbakse vertrouwelingen van de koning deden hem geloven dat zij onder één hoedje speelde met haar zoon. De koning liet zijn vrouw daarop verbannen naar Alanquer, een ver afgelegen burcht. Dat maakte dat Elisabeth zich nog meer toelegde op boete en gebed. Uiteindelijk werden haar gebeden verhoord: vader en zoon verzoenden zich met elkaar. Daardoor kon zij weer naar het paleis terugkeren.
Toen Elisabeth begin 1325 weduwe werd, besteedde ze de erfenis aan het oprichten van nog meer instanties van christelijke deugd en naastenliefde. En tenslotte trok ze zich terug in het clarissenklooster te Coimbra dat ze zelf had gesticht.
Elisabeth stierf uiteindelijk in Estremoz. Tegen haar schoondochter, die bij haar was blijven waken, zei ze: “Wees zo vriendelijk om even een zetel te halen voor de edele vrouwe die ons komt bezoeken.” Dat was Moeder Maria die haar kwam halen. Ze werd begraven te Coimbra. Haar relieken rusten er in de kerk van Santa Clara. (Bewerking: Susanne Kurstjens)
Er zijn geen artikelen gevonden