<

Geef om katholieke journalistiek

doneer
Column

Brief aan broeder Lorenzo (1): Adres onbekend

Bas Rompa 11 oktober 2018

In een persoonlijke zoektocht schrijft auteur Bas Rompa brieven aan zijn oude schoolmeester, broeder Lorenzo. De eerste brief: “Dat eerste schooljaar heeft voor een groot deel bepaald wie ik ben geworden.”

Weert, najaar 2018

Beste broeder Lorenzo,

Waarom zou je een brief schrijven aan iemand van wie je de echte naam niet kent en geen adres hebt? Schrijf je die brief dan in feite voor of aan jezelf? Het zou best kunnen. Maar waarom zou je dat doen?

Je kunt je hoop vestigen op publicatie van de brief in een tijdschrift of een krant, zodat er een kans ontstaat dat hij degene aan wie je hem schreef onder ogen komt. Het is een kleine kans, piepklein zelfs. Als het echt zou gebeuren, zou het een wonder zijn. Een groot wonder.

Chantage

Ergens in mijn rommelige boekenkast verstoppen zich twee boekjes die mij zeer dierbaar zijn. Het ene heeft als titel ‘Kinderen schrijven de koningin’, het andere heet ‘Kinderen schrijven God’. Opmerkelijk aan het tweede: het ontbrak de kinderen aan Zijn adres, en toch schreven ze een brief aan God. En vaak vertrouwden, of hoopten, ze erop dat God hen terug zou schrijven. Een meisje chanteerde God zelfs een beetje: ‘Deze brief komt misschien in een boek, dus U kunt het eigenlijk niet maken mij geen antwoord te geven.’

Uw echte naam

Ik verkeer in dezelfde positie als de kinderen die een brief schreven aan God, broeder Lorenzo. Nou ja, dat is maar ten dele waar; ik heb geprobeerd achter uw echte naam en uw adres te komen. In mijn geheugen was u een Broeder van Sint Louis, het pensionaat in Weert waar u woonde. Maar een zoektochtje leerde mij dat u een Broeder van Maastricht was. Een juffrouw van het archief van de Broeders van Maastricht zei aan de telefoon dat u in 1966 de congregatie met onbekende bestemming had verlaten.

In 1963-1964 zat ik bij u in de eerste klas van de Sint Martinusschool aan de Emmasingel in Weert. Hoe lang u toen al onderwijzer was, weet ik niet. U was een jongeman van voor in de twintig, dus erg lang kan het niet zijn geweest.

Onuitwisbare indruk

Dat eerste schooljaar heeft een onuitwisbare indruk op mij gemaakt, sterker nog: het heeft voor een groot deel bepaald wie ik ben (geworden). Soms denk ik wel eens: meer dan mijn ouders, in elk geval als het gaat om de katholieke bijdrage die u in dat jaar leverde aan mijn opvoeding.

Het verschil tussen mijn ouders en u zat hem erin dat u uit overtuiging katholiek was en mijn ouders omdat het hoorde. Mijn vader gebruikte het zelfs als verkooppraatje: hij was grossier in textiel en leverde stof voor gordijnen aan kloosters en internaten in Brabant en Limburg. Met grapjes over de kerk verleidde hij menig moeder overste tot aankoop van meer rollen stof dan ze nodig had.

Nu, vijftig jaar verder…

We zijn thans een dikke vijftig jaar verder en ik ben op het punt gekomen dat ik wil uitzoeken wat de betekenis is van dat ene jaar dat ik als 6-jarig knulletje van u les heb gekregen. En niet alleen in de vakken die op mijn rapport stonden, maar vooral in uw lessen over hoe je goed moet leven. In volgende brieven vertel ik daar graag meer over.

Een vriendelijke groet van één van uw leerlingen,

Bas Rompa