Columnist KN Jong

Van een oorlogje meer of minder lijkt tegenwoordig niemand meer echt op te schrikken. Nu ja, misschien dat er deze week een paar honderd Iraniërs wel even van schrokken. Een plotselinge dood door een raketaanval gaat je immers niet in de koude kleren zitten.
Opmerkelijk blijft dat het allemaal gebeurt onder autorisatie van de man die onlangs de Nobelprijs voor de Vrede overnam van María Machado en ook de allereerste FIFA-Vredesprijs in ontvangst mocht nemen.
'Mensen die fouten maken of gevaarlijke dingen doen, hebben in ieder geval nog het besef dat ze iets anders zouden móéten doen.'
Misschien schudden we weemoedig ons hoofd terwijl we zien hoe de Amerikaanse regering inval na inval verantwoordt tegenover het eigen volk en de rest van de wereld. De VS is sinds zijn ontstaan vrijwel altijd betrokken geweest bij een of meerdere oorlogen. Voor al hun praat over een ‘War on Drugs’ lijken ze in elk geval nog niet afgekickt van hun allergrootste verslaving.
Een volkomen begrijpelijke reactie is om met onze vuist naar de televisie te schudden, of te zuchten hoe gewelddadig de wereld tegenwoordig wel niet is. Persoonlijk ben ik meerdere keren moedeloos in mijn stoel geploft, waarna ik er een tijdlang niet meer uit kwam.
Gaan we dan gewoon allemaal een keer ten onder aan de alsemachtigsten, voor wie niets meer heilig is? Aan al die hypocrieten die praten over vrede en bescherming, maar ondertussen weer een fakkel in de hooischuur van het Midden-Oosten gooien?
Dit artikel is niet gevonden
Het streven naar vrede geeft ons misschien toch iets om onze hoop op te vestigen, ook al lijken sommige “vredesduiven” in Amerika het tegenovergestelde te doen. Het woord hypocriet is een scheldwoord geworden: een scherp woord dat de morele integriteit van de ander in twijfel trekt.
Maar het is ook een woord van hoop. Mensen die fouten maken of gevaarlijke dingen doen, hebben in ieder geval nog het besef dat ze iets anders zouden móéten doen. Ze rechtvaardigen hun acties tegenover het grote publiek, omdat er nog altijd een publieke maatstaf bestaat waaraan ze zich moeten verantwoorden.
Een land waar zo’n maatstaf grotendeels ontbreekt, is bijvoorbeeld Noord-Korea. Kim Jong-un mag dan een dictator zijn, hypocriet is hij niet. Ook Vladimir Poetin windt er in de oorlog met Oekraïne steeds minder doekjes om wat zijn doelen zijn – al was hij daar aan het begin van de oorlog nog voorzichtiger mee. Hij noemde de inval destijds niet eens een oorlog.
Zonder maatschappelijke maatstaf of geweten zullen de sterkeren simpelweg profiteren van de zwakkeren en de verdeelden in de rest van de wereld. Laten we daarom maar blij zijn dat er nog hypocrieten rondlopen op deze aarde.
Ook in het dagelijks leven komen we mensen tegen die we hypocriet zouden kunnen noemen. Iemand die zegt dat roken slecht voor je is, maar zelf in de tabaksverkoop zit bijvoorbeeld. Dat kan inderdaad hypocriet lijken. Maar vaak knaagt er toch iets bij zo iemand. Er zit altijd tijd tussen het moment van inzicht en het moment waarop iemand echt handelt. Soms is een hypocriet gewoon iemand midden in een veranderingsproces.
Dit artikelen is niet gevonden
Laten we daarom in deze vastentijd allemaal een beetje hypocriet zijn: zondige mensen op weg naar een beter leven. En laten we ook blij zijn dat de grote hypocrieten van deze wereld nog als zodanig herkend worden. Want hoe groter de hypocrisie, hoe meer aandacht uiteindelijk uitgaat naar het goede waaraan ze proberen te ontsnappen.
Deze pagina is niet gevonden
Er zijn geen artikelen gevonden