
Tolk, auteur en therapeute
Toen ik zeven was, kregen wij thuis een computer: een duur werkinstrument dat in de kamer van mijn ouders stond en niet bedoeld was voor kinderhandjes. Ik vond het niet erg: het leek me maar saai, die lijntjes die begonnen met C:\> gevolgd door een onverstaanbare reeks letters. Dat ik van mijn vader een eigen floppydisk kreeg met een programma om de tafels te oefenen, veranderde daar weinig aan.
Via broerlief ontdekte ik echter dat er ook computerspelletjes bestonden. Af en toe kregen hij en ik, als oudsten van het gezin, het voorrecht op een half uurtje Pac-Man of Space Invaders. Of Digger, onze favoriet.
Dit artikel is niet gevonden
Toen mijn moeder vond dat het daarmee de spuigaten uitliep, bouwde vader prompt een beperking in: na amper drie rondes verscheen de boodschap “Digger is nu kapot”, en blokkeerde de computer. Parental control avant la lettre.
Hoe frustrerend we het toen ook vonden: het heeft ons belangrijke lessen geleerd. Dat een computer in de eerste plaats een werkinstrument is. Dat spelen pas kan nadat je gewerkt hebt. Dat onbeperkte ontspanning niet gezond is. En dat je je maar beter aan de afspraken houdt, want anders gingen er naast Digger misschien nog wel andere dingen ‘kapot’.
Alle ouders die ik spreek, hebben het over huiswerk dat maar half gemaakt wordt of online speelbeurten waar geen eind aan komt
Wat een contrast met de leefwereld van onze kinderen! Zij hebben sinds hun twaalfde een eigen computer (moet van school) met vrije toegang tot internet (moet van school) die meegaat naar hun kamer (want daar maken ze huiswerk). De schoolregels dwingen ons niet om de kat bij de melk te zetten; nee, de kat wordt meteen in de melk gegooid.
Met tienerhersenen die fysiologisch nog niet in staat zijn tot langetermijndenken is dat vragen om problemen. En ja hoor: alle ouders die ik spreek, hebben het over huiswerk dat maar half gemaakt wordt of online speelbeurten waar geen eind aan komt. En dan hebben we het nog niet over sociale media…
Ik moet toegeven dat ook wij nog geen succesvolle aanpak hebben gevonden. Restrictie werkt niet, want ze vinden vroeg of laat een manier om de beperkingen te omzeilen. Restrictie in dialoog, waarbij we samen de regels opstellen – en ook consequenties afspreken die horen bij het verbreken ervan – leidt niet zelden tot een discussie waarbij alle deelnemers elkaar van onredelijkheid betichten. En vrijheid blijheid, dat is ons te riskant.
Daarom loopt er ten huize De Clerck nu een proefproject: voor computergebruik zijn er nog maar een paar regels. Binnen dat gecontroleerde kader zijn de kinderen vrij. Wij hopen dat ze daardoor verantwoordelijkheid gaan opnemen en geleidelijk aan leren om zichzelf beperkingen op te leggen.
Dit artikel is niet gevonden
Of het gaat werken? Geen idee. Ik vermoed dat we vier verschillende leercurves gaan zien en dat ze allemaal wel eens op de blaren zullen moeten zitten. Maar ik sta helemaal achter de groeikans. Want op een dag staan ze op eigen benen, en dan moeten ze in staat zijn tot zelfregulering.
Manlief en ik houden intussen in stilte ons hart vast. En begrijpen beter dan ooit hoe groot de gok was die God waagde toen Hij zijn volk de tien geboden gaf.
Er zijn geen artikelen gevonden
Er zijn geen artikelen gevonden