Een traditie van eeuwen­ tegenover de waan van de dag

Lees al vanaf 0,20 p/d

Column

Maak van het huis van mijn Vader geen buurthuis

Expert in karaktervorming en columnist bij Katholiek Nieuwsblad

06 augustus 2026

Recent was ik met vrienden een weekendje weg, ergens in Nederland. Zondag gingen we naar de Mis in een parochie die op de route naar huis lag. Bij binnenkomst in de kerk was iedereen druk met elkaar aan het kletsen, afwachtend tot de eucharistieviering zou beginnen.

Toen de priester de kerk in liep, verstomde het geluid. Maar zodra hij na de zegen weer naar de sacristie terugkeerde, barstte het geroezemoes meteen weer los. Het ging er ongetwijfeld gezellig en gemoedelijk aan toe.

Anticlimax

In de parochie waar ik normaalgesproken naar de Mis ga, heerst vóór de Mis een ingetogen stilte. Pas na de viering zoekt men elkaar op in het parochiecentrum voor een kop koffie en een goed gesprek. Eerlijk gezegd vond ik de ervaring in die andere kerk niet prettig. Het voelde bijna als een anticlimax.

Beseffen we als gelovigen nog wel dat we ons in een sacrale ruimte bevinden? Dat de Heer fysiek aanwezig is in het tabernakel, en dat hier de belangrijkste gebeurtenis uit de geschiedenis van de mensheid wordt verwerkelijkt?

Ik besef dat deze verontwaardiging misschien wat dramatisch overkomt. Ik ben absoluut niet het type dat de drang voelt om alles wat er in een kerk gebeurt door een farizeïsche loep te analyseren. Maar de sacraliteit van de liturgie is iets wat me diep aan het hart gaat. En ik ben niet de enige.

Ontmoeting met het heilige

Veel gelovigen – en mij valt op dat dit zeker geldt voor jongvolwassenen en bekeerlingen – zijn hier bijzonder gevoelig voor. Zíj zoeken in een wereld die toch al overloopt van prikkels, consumptiedrang en maatschappelijk geruis niet nóg een gezellige ontmoetingsplek. Ze zoeken de ontmoeting met het heilige. We treden in de liturgie immers het fundamentele mysterie van Gods liefde binnen om het te bewonderen en te verinnerlijken.

advertentie

In het Evangelie leest men hoe Jezus de tafels van de geldwisselaars omverwerpt met de woorden: “Maak van het huis van mijn Vader geen markthal!” Uiteraard is gezellig kletsen voor de Mis van een heel andere orde, maar de kern blijft gelijk: het kerkgebouw heeft een unieke, gereserveerde functie.

Daad van eerbied

Begrijp me niet verkeerd: dat een parochie een plek van ontmoeting en warme gemeenschap is, is belangrijk. Sterker nog, het is fundamenteel voor ons christen-zijn. Maar de kerkzaal zelf hoeft geen buurthuis te worden. Zomaar luidruchtig bijpraten in de banken wekt onbedoeld een indruk van alledaagsheid en oppervlakkigheid, terwijl God er op een heel bijzondere, mysterieuze wijze aanwezig is.

Laat de stilte er heersen. De stilte is immers niet de afwezigheid van geluid, maar de aanwezigheid van aandacht. Zodat je je in een geest van gebed kunt voorbereiden op het mysterie, en zodat je na afloop nog even kunt blijven zitten om de Heer te danken voor het offer van zijn liefde. Die stilte is geen kille afstandelijkheid, maar een daad van eerbied – en een weldaad voor de ziel.

Dit artikel delen: