
Het lijkt erop dat de Bijbel in katholiek Vlaanderen aan een comeback bezig is. Daar ben ik blij om, want het moet gezegd: qua bijbelkennis zijn wij katholieke leken toch het kneusje van de christenklas.
Zelf lees ik al jaren nagenoeg elke dag in de Bijbel; een gewoonte die ik te danken heb aan evangelische vriendinnen uit mijn studententijd. Saai wordt het nooit, want ook verhalen die ik al lang ken leiden elke keer weer tot nieuwe inzichten.
Dit artikel is niet gevonden
Neem nu 2 Samuel 6, waarin de ark van God op verzoek van koning David van Obed-Edom naar Sion wordt gebracht. Daarbij offert David om de zes stappen een gemeste stier. Hoewel dat zinnetje er altijd al stond, zette het mij pas onlangs concreet aan het denken.
We weten natuurlijk niet hoe groot de afstand precies was, maar ik heb het voor mezelf even uitgetest: van ons huis naar de bakker in de straat zet ik 436 stappen. Dat wandelingetje van amper 300 meter zou dus al goed zijn voor maar liefst 74 geslachte stieren. Koning David liet het zich duidelijk wat kosten, zijn offer. Honderden, ja wie weet duizenden dieren. Wat een eerbetoon!
Die gedachte brengt me meteen naar een volgende: niet alleen ‘wat een eerbetoon’, maar ook ‘wat een nederigheid’. Want als je God zo hoog verheft, word je zelf heel erg klein. Schuilt daarin misschien de primaire betekenis van offeren? Bij een daad van naastenliefde of een gift aan een goed doel kijken we vaak vooral naar het mooie dat we daarmee bewerkstelligen
En dat is natuurlijk niet verkeerd. Maar ik vraag me af of we daarmee niet voorbijgaan aan de essentie. Want de mens die offert, kent zijn plaats: God voor en boven alles – en hijzelf pas ver daarna. Niet vanuit een angstvallige slaafse onderdanigheid, maar uit een innig doorvoeld besef van de gezonde orde der dingen.
Hij de liefdevolle Schepper, ik het beminde schepseltje dat met immer schamele stoffelijke gaven probeert duidelijk te maken hoezeer de liefde wederzijds is en de dankbaarheid onmetelijk.
'Zo werkt de Heilige Geest dus: je denkt dat je een column gaat schrijven over hoe belangrijk het is om de Bijbel goed te kennen, maar je komt uit bij een voornemen voor de vastentijd.'
Ineens voel ik me diep verbonden met Maria, de zus van Lazarus, die een albasten kruikje stukbrak om vervolgens kostbare nardusbalsem over Jezus’ hoofd te gieten. Schandalige verspilling, volgens sommigen.
Maar nee: de prijs van die offergave kwam waarschijnlijk nog niet eens in de buurt van de immense eerbied en genegenheid die Maria tot haar gebaar inspireerden. En wie zo veel van Jezus houdt, die kan toch alleen maar met hart en ziel proberen te gehoorzamen aan zijn nieuwe gebod: elkaar liefhebben zoals Hij ons heeft liefgehad (Joh. 13,24)?
Deze pagina is niet gevonden
Kijk, zo werkt de Heilige Geest dus: je denkt dat je een column gaat schrijven over hoe belangrijk het is om de Bijbel goed te kennen, maar je komt uit bij een voornemen voor de vastentijd. Ik kan er niet omheen: ik ga me dit jaar niet concentreren op minder chocolade en minder schermtijd.
Ook niet op minder voor mezelf en meer voor anderen. Bij mij wordt het minder ik – en meer God. Want met die volgorde komen de goede werken vanzelf. Ook na de vasten.
Er zijn geen artikelen gevonden