Een traditie van eeuwen­ tegenover de waan van de dag

Lees al vanaf 0,20 p/d

Overweging

Een cursus geloofsinburgering

19 september 2026

De laatsten zullen de eersten zijn en de eersten de laatsten: met deze les wil Jezus iets over het eeuwige leven vertellen. Maar wat bedoelt Hij precies?

Nieuwkomers in de kerk die de parabel van ‘de arbeiders in de wijngaard’ horen, verwachten misschien dat de eerste arbeiders meer betaald zullen krijgen dan de laatste, die te elfder ure, aan het eind van de dag, gevraagd zijn om mee te werken. Maar de laatsten, die maar één uur hebben gewerkt, krijgen evenveel als wat met de eersten was afgesproken.

Aanvullende eis

Aanleiding voor Jezus om deze parabel aan zijn leerlingen te vertellen was een rijke nieuwkomer in het vorige hoofdstuk, die zich bij de groep wilde aansluiten en vroeg: “Meester, wat voor goeds moet ik doen om het eeuwige leven te verwerven?” (Mt 19,16). Hij hield zich al een tijd aan de geboden en dacht dat dit voldoende was.

Maar Jezus vertelt hem dat iemand die volmaakt wil zijn alles moet verkopen wat hij heeft en aan de armen moet geven. Deze aanvullende eis blijkt voor de rijke te zwaar. Matteüs schrijft: “Maar toen de jongeman deze raad hoorde, ging hij ontdaan heen, omdat hij vele goederen bezat” (vers 22).

Literaire boekensteun

Na dit voorval vragen de leerlingen zich verbijsterd af voor wie het eeuwig leven dan nog wel is weggelegd. Jezus antwoordt: “Veel eersten zullen laatsten en veel laatsten zullen eersten zijn.”

De arbeiders in de wijngaard, een schilderij van Andrei Mironov.
Beeld: Wikimedia Commons

Dat klinkt als een conclusie. Maar oorspronkelijk is deze spreuk de inleiding op de parabel. Door de hoofdstukindeling in Matteüs is er een cesuur ontstaan. Dat zien we terug in woord-voor-woordvertalingen, waar staat: “Want het koninkrijk der hemelen lijkt op een landeigenaar…” Met andere woorden: de uitleg van Jezus gaat verder met de parabel en want slaat terug op het voorgaande.

advertentie

Aan het eind van de parabel wordt de spreuk herhaald, maar in omgekeerde volgorde: “Zo zullen de laatsten de eersten en de eersten de laatsten zijn.” De spreuk zorgt voor een omlijsting. Deze stijlfiguur wordt in de literatuur een inclusie of ook literaire boekensteun genoemd. Het Evangelie is een raamvertelling.

Nieuwe verhoudingen

Ook de lezing in de kerk laat het want weg en begint met: “In die tijd vertelde Jezus…” Los van het voorgaande is de parabel een tijdloos verhaal en krijgt hij een universele betekenis. Ook mooi, maar de context is hier wel van belang!

Jezus vertelt deze parabel niet voor niets aan zijn volgelingen van het eerste uur. Het is een les voor hen als ze denken dat ze meer verdienen.

Aan de laatkomers biedt de parabel troost: in de hemel speelt tijd geen rol. Bij geloofsinburgering hoort het leren van bijbelse taal én kennis van nieuwe verhoudingen. Eeuwig leven is voor iedereen even lang, of je nu de eerste bent of een laatkomer.

Dit artikel delen: