Een traditie van eeuwen­ tegenover de waan van de dag

Lees al vanaf 0,20 p/d

Overweging

Troost in het licht van de verrijzenis

Foto: Selvin Esteban - Pexels

“Moest de Christus dat alles niet lijden en zo zijn heerlijkheid binnengaan?”, zegt Jezus tegen de Emmaüsgangers in het Evangelie van deze zondag. Het lijden en de kruisdood van Jezus leken het einde. De twee leerlingen waren moedeloos en vol teleurstelling. Hoe zou het verhaal verder gaan?

De Kerk geeft ons vijftig dagen om het glorievolle paasfeest te vieren. Dat hebben we nodig, want ook wij kennen momenten van twijfel, onzekerheid en lijden. Deze moeilijkheden worden op aarde niet door het geloof weggenomen, maar op een nieuwe manier gedragen: in en met Christus.

Moedeloos raken

Het menselijk lijden wil zich van nature onttrekken aan een hoger doel. Als lijden ons overkomt, worden we moedeloos en trekt het ons naar beneden. We kunnen verlamd raken. Vooral bij zwaar lijden is dat een reëel gevaar.

We leggen de nadruk op Goede Vrijdag en vergeten dat deze dag de noodzakelijke maar niet geïsoleerde weg naar Pasen is. Zonder het kruis geen verrijzenis, maar net zo goed geldt dat wij het kruis in verbinding moeten brengen met de heerlijkheid van de verrijzenis. Het doel is niet het lijden, maar de glorie van de verrijzenis.

Mensgeworden liefde

Dit gebeurt in de Mis. Het mysterie van de Eucharistie actualiseert het lijden, sterven, verrijzen en de hemelvaart van Christus door de kracht van de Heilige Geest. Ons persoonlijke kruis wordt in de Mis verenigd met het kruis van Christus’ lijden en sterven, waarvan wij weten dat het naar de verrijzenis lijdt.

‘Het doel is niet het lijden, maar de glorie van de verrijzenis’

Daarom is het ook de glorierijke verrezen Christus die wij ontvangen onder de gedaante van brood en wijn in de Communie. Dit geeft ons kracht, genezing en troost om onze eigen moeilijkheden te dragen in de mensgeworden liefde die Christus is.

Glanzend en lichtend

Een van de oude aanduidingen voor de Mis is die van het Heilig Misoffer. Daarvan is soms gezegd dat deze benaming te veel neigt naar een op zichzelf beschouwen van het lijden van Christus, los van zijn verrijzenis. Toch denk ik dat dit niet geheel juist is.

Als we kijken hoe de Kerk de instelling van de Eucharistie viert op Witte Donderdag, dan valt op dat juist het kruis zelf door het licht van de verrijzenis een troost wordt. In de woorden van de openingszang op Witte Donderdag: “Wij roemen in het kruis van de Heer Jezus Christus. In Hem is ons heil, ons leven en verrijzenis, door wie wij verlost en bevrijd zijn.”

advertentie

We kunnen zoals Paulus in de Galatenbrief roemen in het kruis van Christus omdat het door de verrijzenis een glanzend en lichtend kruis is geworden: de zekere weg naar de heerlijkheid, waar ook de Emmaüsgangers naar op zoek waren.