fbpx
<

Geef om katholieke journalistiek

doneer
Boek

De zwaarte van de materie

Jan Brouwers 18 maart 2021
image

Aan het begin van de twintigste eeuw gingen katholieke kunstenaars op zoek naar vormen die de neogotiek zouden vervangen. Een van hen was de architect A.J. Kropholler (1881-1973). Tot aan de Tweede Wereldoorlog bouwde hij een reputatie op als ontwerper van vooral gemeentehuizen en kerken. Bekende voorbeelden van zijn werk zijn de Sint-Adelbertabdij in Egmond (1929-1952) en het raadhuis van Waalwijk (1929-1931). Maar ook het Stedelijk Museum van Abbe (1933-1935) in Eindhoven is een ontwerp van hem. Kenmerkend voor zijn werk is de toepassing van baksteen. Hij werd vaak in een adem genoemd met H.P. Berlage.

Na de Tweede Wereldoorlog raakte Kropholler in de vergetelheid. Zijn bakstenen gebouwen vielen niet meer in de smaak en tijdens de bezetting was hij lid van een fascistische splinterpartij. Ook dat deed zijn reputatie natuurlijk geen goed. Verder heeft hij geen archief van betekenis nagelaten – hij zou het meeste zelf hebben verbrand. Daarmee moedig je een potentiële biograaf niet aan.

Serieus genomen

Herman van Bergeijk laat zien dat Kropholler door zijn tijdgenoten volkomen serieus werd genomen en veel meer aandacht verdient dan hij tot nu toe kreeg. Architecten ontdekken baksteen weer als bouwmateriaal en gebruiken opnieuw ’traditionele’ vormen: tijd dus voor herwaardering van Krophollers werk.

Als het om kerkenbouw gaat, streefde hij er net als andere katholieke architecten naar de gelovigen meer bij de Eucharistie te betrekken door hun een goed zicht te bieden op het altaar. Daarom ontwierpen ze kerken zonder pilaren en hielden ze de inrichting sober, zodat alle aandacht uitging naar het opdragen van de Mis: het gebouw ondersteunt de geloofsbeleving. Hij was bepaald niet de enige die er zo over dacht en alleen al in die zin kun je hem geen geïsoleerd fenomeen noemen.

Niet gemakkelijk

Van Bergeijk heeft geen gemakkelijk boek geschreven. “De lezer moet zich enige moeite getroosten voor dit boek”, zo schrijft hij. Dat komt door de lange citaten en de beschrijvingen van Krophollers gebouwen. Daarmee en niet zozeer met een verhalende tekst, geeft hij een beeld van het werk van de architect. De persoon Kropholler blijft daardoor op de achtergrond. Toch zou het mooi zijn als er een biografie van hem verschijnt. Misschien wordt daarin dan duidelijk of en waarom hij zijn archief in rook heeft laten opgaan.

Herman van Bergeijk, De zwaarte van de materie. Het architectonisch werk van A.J. Kropholler (1881-1973) Uitgever: nai010 Pagina’s: 339 | € 44,95 ISBN 978 94 6208 519 0