Een traditie van eeuwen­ tegenover de waan van de dag

Lees al vanaf 0,20 p/d

Interview

Wanneer theologie en scifi samenkomen: ‘Wij zijn een speldenknopje in het heelal’

Journalist

05 augustus 2026

Een astronaut werkt aan het ISS-ruimtestation.
Foto: CNS - Alexander Gerst, NASA/ESA via Reuters

Een wereld waarin vissen blozen, een buitenaards wezen dat door de Bijbel zijn eigen sterfelijkheid ontdekt en een nachochipje met een Godsvraag: het zijn maar enkele onderwerpen van de korte verhalen waarin Ruben van Wingerden theologie met speculatieve fictie combineert.

“Er zijn mensen die het spannend vinden, die zich afvragen of ik het unieke van Christus’ offer niet teniet doe en of je dan niet godslasterlijk bezig bent”, vertelt Van Wingerden. “Ik voel de ruimte echter wel om te zoeken en te experimenteren. Dat brengt de theologie verder. En in het voorwoord schrijf ik ook dat ik achter de geloofsbelijdenis van Nicea-Constantinopel sta.”

Wat als we niet alleen zijn? van Ruben van Wingerden bevat inderdaad ideeën die vanuit theologisch oogpunt op z’n minst als uitdagend gezien kunnen worden. In twintig verhalen over de kosmos in de breedste zin van het woord zet de auteur, bijbelwetenschapper en docent Nieuwe Testament aan de Christelijke Hogeschool Ede, zijn lezer flink aan het denken.

Ruimtereizende jezuïeten

Zo onderzoekt een van de verhalen de vraag hoe de mens zich vanuit theologisch oogpunt moet verhouden tot buitenaards leven dat zo wezenlijk anders is dat het zelfs gevaarlijk kan zijn het te begrijpen. In andere verhalen vindt de wederkomst van de Messias op een verre planeet plaats en ontwricht het strikt naleven van het achtste gebod (“Gij zult niet liegen”) een fictieve samenleving.

In meerdere verhalen in de bundel speelt een jezuïet een hoofdrol, bijvoorbeeld als astrobioloog of als adviseur tijdens een ruimte-expeditie. Verhalen over ruimtereizende jezuïeten waren in de vorige eeuw zelfs een klein subgenre binnen de sciencefictionwereld. “Sommige verhalen zijn een poging om dat subgenre voort te zetten.”

Open houding

Van Wingerden, zelf protestants, denkt dat er binnen de katholieke traditie meer ruimte is voor het nadenken over zulke vraagstukken. “Binnen de katholieke Kerk is er sowieso een meer open houding richting de wetenschap.”

advertentie

“Jezuïeten vind je op prominente plekken binnen bijvoorbeeld de natuurkunde en de astronomie”, vervolgt hij. “Maar denk ook aan een paleontoloog als Pierre Teilhard de Chardin. Daarnaast is er bij de katholieken meer ruimte voor het mystieke denken, het nadenken over wat er mogelijk is, dan binnen de protestantse traditie.”

Inspiratie

De interesse van Van Wingerden in sciencefiction begon in zijn tienerjaren. “Mijn broer raadde me Duin van Frank Herbert aan. In die boekenreeks spelen religie en mystiek een rol. Andere voorbeelden zijn de Foundation-serie van Isaac Asimov, de Ruimte-trilogie van C.S. Lewis en de Hyperion-trilogie van Dan Simmons.”

Het idee om zelf verhalen te schrijven op het snijvlak van sciencefiction en theologie kwam nadat hij een kort verhaal van een vriend las. “Dat vond ik interessant. Ik werkte toen nog op de universiteit van Tilburg en was daar bezig met valorisatie, het overbrengen van wetenschappelijke kennis aan een breed publiek. Daarvoor zag ik ook mogelijkheden bij dit project.”

Kruisigingen

Inspiratie haalde Van Wingerden van verschillende kanten: uit de Bijbel en bij de al eerder genoemde sciencefictionauteurs, maar ook een brainstormsessie met zijn vrouw en een zelfverzonnen liedje leidden tot een verhaal.

Ruben van Wingerden: “Ik voel de ruimte om te zoeken en te experimenteren.”
Foto: Eigen foto

Tijdens het schrijven van zijn proefschrift over kruisigingen, waar hij eerder al een boek over schreef, kwam de schrijver in aanraking met verschillende klassieke auteurs die de bundel hebben gehaald. Zo worden de werken van de derde-eeuwse Egyptische theoloog Origenes door meerdere personages aangehaald.

Het verhaal Verduistering, waarin Goede Vrijdag wordt beleefd door de ogen van de zon, is gebaseerd op een paaspreek van Melito van Sardes, een bisschop uit de tweede eeuw. “Uit een groot deel van die preek kun je niet citeren, want je kunt er makkelijk antisemitische dingen in lezen. Maar veel zinsneden komen wel uit die tekst. Ik heb het audioboek zelf ingesproken en bij Verduistering kreeg ik wel een brok in mijn keel. In die zin is dat mijn beste verhaal.”

Oproep tot reflectie

Van Wingerden laat graag ruimte voor discussie, maar toch is er soms een duidelijke boodschap te lezen. Zo zijn sommige verhalen opvallend kritisch op de ruimterace. “Ik ben niet tegen ruimtereizen, maar ik vind het wel belangrijk om vragen te stellen over wat het allemaal kost. In het tweede verhaal wordt die vraag letterlijk gesteld: wat doen we hier eigenlijk op Mars? Met het geld dat dat heeft gekost, hadden we op Aarde ook zoveel kunnen regelen.”

Als vissen konden blozen kan eveneens gelezen worden als een flinke oproep tot reflectie. “Vissen kunnen natuurlijk niet blozen. Maar wat als dat wel zo zou zijn? Sommige dieren zijn sentient beings; ze hebben een hoger bewustzijn. Zo behandelen we ze echter niet. Varkens slachten we bijvoorbeeld bij duizenden.”

“Natuurlijk is de wereld complex; ik ben zelf ook geen vegetariër. Maar wellicht helpt het verhaal wel om op een andere manier na te denken over onze plek binnen het geheel van wezens.”

Afstandelijk en dichtbij

In De Toekijker, het laatste verhaal van de bundel, brengt Van Wingerden het personage Eva oog in oog met de Schepper. “Het verhaal is gebaseerd op Star Maker van Olaf Stapledon, een niet-christelijke Britse filosoof. Al was hij veel uitgebreider.”

‘Wellicht kunnen andere perspectieven de potentiële grootheid van God laten zien’

“De Schepper in mijn verhaal is met duizenden universa tegelijk bezig. Heel afstandelijk, maar tegelijk ook dichtbij. God die steeds met het proces bezig is. Het zorgt voor een bepaalde nederigheid. Wij zijn zo klein, een speldenknopje in een onnoemelijk groot heelal. Wij doen alsof we het centrum zijn van het heelal, terwijl God misschien met nog wel veel meer bezig is.”

Projectje

“Misschien zijn wij, heel oneerbiedig gezegd, maar een projectje van Hem. Een openbaring is een groot woord, maar dat idee gaf wel ruimte.”

Die verwondering, het nadenken over de grote thematiek, is wat Van Wingerden misschien wel het meest hoopt mee te geven aan lezers. “Wellicht dat die andere perspectieven de potentiële grootheid van God kunnen laten zien. Dat past goed bij het motto van de jezuïeten: tot meerdere eer en glorie van God.”

Ruben van Wingerden, Wat als we niet alleen zijn? Twintig verhalen over geloof en kosmos
Uitgeverij: KokBoekencentrum
Pagina’s: 174 | € 21,99

Boek bestellen!

Dit artikel delen: