
Pastoraal werker
Het Koninkrijk der hemelen, wat moeten we ons daarbij voorstellen? Stap voor stap maakt Jezus aan zijn leerlingen – en aan ons – duidelijk waar Hij het over heeft.
“Ik heb vanavond mijn vriend meegenomen. Mag hij meedoen?” Sinds wij in oktober zijn gestart met een geloofscursus gebeuren er kleine wonderen in onze parochie.
Stapsgewijs gaan we samen met mensen op weg om de schat van onze rijke geloofstraditie en de boodschap van het Evangelie te ontdekken. Wij ontlenen deze aanpak aan Jezus zelf.
Vorige week startte Jezus met de parabel van de zaaier. Deze zondag houdt Jezus de menigte opnieuw drie gelijkenissen voor uit de zogenaamde parabelrede over het Koninkrijk der hemelen.
Dit artikel is niet gevonden
Stapsgewijs komt aan het licht wie Jezus is. Wat is dat Koninkrijk der hemelen? Is het een rijk zoals Nederland een koninkrijk is? En wat zijn de hemelen?
Volgens paus Benedictus XVI is het beter te spreken over de heerschappij van God over de wereld dan over het Koninkrijk der hemelen. Het Koninkrijk verwijst zowel naar de hemelse component als naar het aardse. Paus Benedictus XVI legt uit dat de Joodse traditie het uitspreken van de godsnaam vermijdt uit eerbied voor het mysterie waarmee God is omgeven.
De heerschappij van God wordt door de komst van Jezus op een nieuwe wijze in de geschiedenis actueel. De menigte krijgt in de beelden van de goede landheer, het gist en het mosterdzaadje uitgelegd wie Jezus is en om welke reden Hij op aarde is gekomen.
Wat opvalt is dat de leerlingen steeds een voorsprong op de menigte als Jezus hen de gelijkenis van het onkruid uitlegt. Stapsgewijs wijdt Hij de leerlingen in en bereid hen voor op hun zending.
Jezus spreekt in duidelijke taal. Zij, die de Mensenzoon erkennen en zich bekeren, zijn de kinderen van het Koninkrijk. Het onkruid dat gezaaid is door de Duivel zijn de kinderen van de Boze.

Gods heerschappij wordt zichtbaar in het geduld dat Hij heeft. Het onkruid hoeft niet uitgetrokken te worden en mag samen met het tarwe opgroeien. Op het einde der tijden zendt de Mensenzoon zijn engelen om de rechtvaardigen van de onrechtvaardigen te scheiden.
“Wie oren heeft, hij luistere” (Mat. 13,30). Opnieuw klare taal, maar niet met de bedoeling om de leerlingen angst aan te jagen. Hij wil hen bemoedigen een voorbereiden op hun zending.
Deze pagina is niet gevonden
Stapsgewijs legt Hij uit en leeft Hij hen voor wat God voorheeft met de wereld en de mensen die Hij geschapen heeft. De leerlingen worden aangespoord om standvastig in geloof te blijven, ook onder moeilijke omstandigheden. De jongens die zich bij ons hebben aangesloten, houden ons scherp om de aanpak van de Heer voor ogen te blijven houden.
Er zijn geen artikelen gevonden
Er zijn geen artikelen gevonden