fbpx
<

Geef om katholieke journalistiek

doneer
Inspiratie

‘U bent mijn hoop’

KN Redactie 13 april 2017
image
Foto: AP

Tijdens de algemene audiëntie van 12 april sprak paus Franciscus over de nieuwe hoop die aan het kruis ontstaat (vlg. Joh. 12,24-25).

Beste broeders en zusters, goedemorgen!

Afgelopen zondag hebben wij de intocht van Jezus in Jeruzalem herdacht, een intocht te midden van de feestelijke toejuichingen van de leerlingen en van een grote menigte. Die mensen stelden veel hoop op Jezus: iedereen verwachtte wonderen en grote tekens van Hem, machtsvertoon en zelfs de bevrijding van vijandige bezetters.

De aardse hoop stort in elkaar

Wie van hen zou hebben kunnen denken dat Jezus echter in korte tijd vernederd zou worden, veroordeeld en gedood aan het kruis? De aardse hoop van deze mensen stort in elkaar voor het kruis. Maar wij geloven dat juist aan het kruis onze hoop opnieuw geboren wordt.

De aardse hoop stort ineen voor het kruis, maar nieuwe hoop wordt geboren, die hoop die voor altijd duurt. Het is een andere hoop, de hoop die ontstaat uit het kruis. Het is een andere hoop dan de hoop die in elkaar stort, die van de wereld. Maar om welke hoop gaat het? Welke hoop ontstaat uit het kruis?

Graankorrel

Juist wat Jezus zegt nadat hij Jeruzalem is binnengekomen, kan ons helpen om dit te begrijpen: “Als de graankorrel niet in de aarde valt en sterft, blijft hij alleen: maar als hij sterft, brengt hij veel vrucht voort” (Joh. 12,24).

Laten we proberen te denken aan een graankorrel of aan een zaadje dat in de aarde valt. Als dat in zichzelf opgesloten blijft, gebeurt er niets; als het zaadje echter openbreekt, zich opent, dan geeft het leven aan een aar, aan een scheut, dan aan een plant, en de plant zal vrucht dragen.

Nieuwe hoop

Jezus heeft nieuwe hoop op de wereld gebracht en dat deed hij op de wijze van een zaadje: Hij heeft zich klein gemaakt, zoals een graankorrel; Hij heeft zijn hemelse glorie achter zich gelaten om onder ons te komen: Hij is “in de aarde gevallen”.

Maar dat was nog niet genoeg. Om vrucht te dragen leefde Jezus de liefde tot het uiterste toe, door zich uit de dood open te laten breken als een zaadje laat hij zich onder de aarde openbreken. Juist daar, op zijn uiterste dieptepunt – dat ook het hoogtepunt van zijn liefde is – is de hoop ontkiemd.

Aan het kruis

Als iemand van jullie vraagt: “Hoe ontstaat de hoop?”. “Aan het kruis. Kijk naar het kruis, kijk naar de gekruisigde Christus en van daaruit komt de hoop naar je toe die nooit meer verdwijnt, de hoop die duurt tot aan het eeuwig leven.” En die hoop is juist ontkiemd vanuit de kracht van de liefde: want de liefde die “alles hoopt, alles duldt” (1 Kor. 13,7), de liefde die het leven van God is, heeft alles vernieuwd wat is bereikt.

Zo heeft Jezus, met Pasen, onze zonde in vergeving veranderd door die op zich te nemen. Maar luister goed hoe de verandering die Pasen teweeg brengt in elkaar zit: Jezus heeft onze zonde in vergeving veranderd, onze dood in verrijzenis, onze angst in vertrouwen.

De hoop overwint alles

Dat is dus waarom daar, aan het kruis, altijd onze hoop ontstaat en opnieuw ontstaat; dat is waarom met Jezus al onze duisternis veranderd kan worden in licht, elke nederlaag in een overwinning, elke teleurstelling in hoop. Elke, ja, elke.

De hoop overwint alles, want die ontstaat uit de liefde van Jezus die zichzelf heeft gemaakt tot de graankorrel in de aarde en gestorven is om leven te geven; en vanuit dat leven vol liefde komt de hoop voort.

Verkeerde logica

Wanneer we kiezen voor de hoop van Jezus, ontdekken we beetje bij beetje dat de beste manier van leven die van het zaadje is, die van de nederige liefde. Er is geen andere manier om het kwaad te overwinnen en hoop te geven aan de wereld. Maar jullie zouden me kunnen zeggen: “Nee, dat is een verkeerde logica!”.

Dat lijkt zo, dat het een verkeerde logica is, want wie liefheeft verliest macht. Hebben jullie daaraan gedacht? Wie liefheeft, verliest macht, wie geeft, doet afstand van iets en liefhebben is een gift. In werkelijkheid is de logica van het zaadje dat sterft, van de nederige liefde, de weg van God, en alleen die draagt vrucht.

Gulzig

Dat zien we ook in onszelf: bezitten zet ons ertoe aan om iets anders te willen: ik heb iets voor mezelf verkregen en nu wil ik er meteen iets nog groters van, en zo verder, en ik ben nooit tevreden. Dat is een vreselijke honger! Wanneer je meer hebt, wil je meer. Wie gulzig is, is nooit voldaan. En Jezus zegt dat op een heldere manier: “Wie zijn leven bemint, verliest het” (Joh. 12,25).

Je bent gulzig, je probeert veel dingen te bezitten, maar… je zal alles verliezen, ook je leven. Ofwel: wie zijn bezit liefheeft en leeft voor zijn eigen belang, klopt zichzelf op de borst en verliest. Wie echter aanvaardt, zich beschikbaar stelt en dient, leeft op Gods wijze; en dus wint hij en redt zichzelf en de anderen; hij wordt zaad van hoop voor de wereld.

Via het kruis

Maar het is prachtig de ander te helpen, de ander te dienen… Misschien worden we er moe van! Maar het leven werkt zo en het hart vult zich van vreugde en hoop. Dat is liefde en hoop samen: dienen en geven.

Natuurlijk, deze ware liefde gaat via het kruis, het offer, zoals het was voor Jezus. Het kruis is de verplichte overtocht, maar het is niet het doel, het is een overtocht: het doel is de glorie, zoals Pasen ons laat zien.

Het leven geven

En hier schiet een ander prachtig beeld ons te hulp, dat Jezus de leerlingen heeft nagelaten tijdens het Laatste Avondmaal. Hij zegt: “Wanneer de vrouw gaat baren is zij bedroefd omdat haar uur gekomen is; maar wanneer zij het kindje ter wereld heeft gebracht, denkt zij niet meer aan de pijn, van blijdschap dat er een mens ter wereld is gekomen” (Joh. 16,21).

Kijk: het leven geven, het niet bezitten. En dat is wat moeders doen: ze geven een ander leven, ze lijden, maar daarna zijn ze blij, gelukkig, want ze hebben het leven gegeven aan een ander leven. Het geeft vreugde; de liefde brengt het leven voort en geeft zelfs zin aan de pijn.

Liefde is de motor

De liefde is de motor die onze hoop voort doet gaan. Ik herhaal: de liefde is de motor die onze hoop voort doet gaan. En ieder van ons kan zich afvragen: “Heb ik lief? Heb ik geleerd lief te hebben? Leer ik elke dag meer lief te hebben?”, want de liefde is de motor die onze hoop voort doet gaan.

Beste broeders en zusters, laten we ons deze dagen, dagen van liefde, omhullen door het mysterie van Jezus die, zoals de graankorrel, ons stervend het leven geeft. Hij is het zaadje van onze hoop.

Bron van onze hoop

Laten we stilstaan bij het kruis, bron van onze hoop. Beetje bij beetje zullen we begrijpen dat hopen met Jezus wil zeggen dat we leren nu al de plant in het zaadje te zien, het Pasen in het kruis, het leven in de dood. Ik wil jullie nu graag huiswerk meegeven voor thuis.

Ieder van ons zal het goed doen stil te staan voor het kruis – jullie hebben er allemaal wel een thuis – er naar te kijken en het te zeggen: “Met U is niets verloren. Met U mag ik altijd hopen. U bent mijn hoop.” Laten we nu het kruis voor ogen houden en laten we allemaal drie keer tegen de gekruisigde Jezus zeggen: “U bent mijn hoop.” Allemaal: “U bent mijn hoop.” Harder! “U bent mijn hoop.” Dank jullie wel. (Vert. SvdB)