<

Geef om katholieke journalistiek

doneer
Jong

‘Ik sta face to face met een demon, maar ik ben niet bang’

Jessica Cheri 14 januari 2019
image
“Als je voor het kwaad kiest, kies je voor de werkelijkheid die daarachter schuilt.” (Foto: KN - Jessica Cheri)

In 2011 wordt kapelaan Beemster (49) door de bisschop gevraagd te helpen bij een jongerenkamp in de Rocky Mountains in Amerika. Maar in de nacht van 23 op 24 juli wordt hij wakker gemaakt door geschreeuw. Hij besluit om te gaan kijken en ziet dat twee van de kampleiders bezeten zijn.

“Toen ik dat zag, wist ik niet wat ik moest doen. Al die jongeren om mij heen in paniek en ik ook. Ik probeerde kalm te blijven. Het idee kwam in mij op om het Weesgegroet te bidden. Wij stonden om de bezetenen heen en baden de rozenkrans. Hun lichamen spanden zich, en in een knak ontspanden ze weer. De geesten waren weg en we bleven bidden tot het licht was.” Naar aanleiding van deze gebeurtenis ging hij in 2012 mee, op verzoek van de bisschop, op een reis met de hoofd-exorcist van het bisdom, om het exorcisme écht te leren kennen. Zo is kapelaan Beemster later benoemd tot hulpexorcist van het Bisdom Haarlem-Amsterdam.

Volgens kapelaan Beemster wordt het exorcisme vaak onderschat, maar niet iedereen is bezeten. Sommige mensen hebben een psychische stoornis.

“Klopt, het is belangrijk dat ik het goed kan onderscheiden. De enige manier om daarachter te komen is: bidden. De reactie van de persoon op het gebed laat zien of het een psychische stoornis is of een kwade geest. Een bezeten persoon kan niet overlijden door de kwade geest, omdat de persoon nog een stukje bewustzijn en eigen vrije wil heeft. Door zijn of haar bewustzijn en vrije wil kan de persoon voor Jezus kiezen en kan ik een exorcisme uitvoeren. Voor een ongelovig persoon kan het moeilijker zijn om voor Jezus te kiezen. Maar ergens gelooft hij wel, want je roept ook niet iets op wat niet bestaat. Je gaat geen vliegende olifant oproepen omdat je weet dat dat niet bestaat. Waarom dan wel een kwade geest?”

Geesten oproepen

“Bezeten worden gebeurd niet zomaar. Alleen door een verwaarloosd geestelijk leven kan je in de greep komen van een kwade geest. Vóórdat ik een exorcisme uitvoer vraag ik de persoon of ze wel een band met Jezus hebben én in de kracht van de heilige geest leven. Er zijn meerdere oorzaken van hoe mensen in de greep komen van kwade geesten”, vertelt kapelaan Beemster.

“Jongvolwassenen zijn eerder geneigd om zich bezig te houden met ‘geestelijke experimenten.’ Dit komt door nieuwsgierigheid. Geesten oproepen is dus erg bekend. Maar ook het contact opzoeken met een overledene via de televisie, via een ouijabord of een spel is erg gevaarlijk en niet zo onschuldig als het lijkt. Demonen zijn slim genoeg. Door die spellen kunnen zij zich voordoen als je overleden opa of oma die je ‘oproept’. Zo kunnen zij jou in hun bezit nemen en meer beïnvloeden.”

“Naast geesten oproepen, is het hardnekkig volharden in een zonde, waarvan je weet dat het verkeerd is en die niet opbiecht, ook kiezen voor het kwaad. Als je voor het kwaad kiest, kies je voor de werkelijkheid die daarachter schuilt. Het koesteren van haat en woede is een open deur voor het kwade. Haat en woede komen niet van God. Daarom is regelmatig biechten en het ontvangen van de Eucharistie erg belangrijk, zo sluit je de deuren weer voor het kwaad. Een exorcisme is niet in één dag klaar. Het is een lang proces.”

Felle reacties

“De katholieken zijn heel discreet in het exorcisme en de protestanten meer open, maar het zou goed zijn als een persoon die denkt dat het bezeten zijn ‘tussen de oren zit’ bij een exorcisme aanwezig kan zijn en ziet hoe een bezetene hiervan bevrijd wordt”, vertelt kapelaan Beemster.

“De reacties tijdens een exorcisme kunnen heel fel zijn. Ik sta face to face met een demon, maar ik ben niet bang. En soms vallen ze mij lichamelijk aan, ik had namelijk een keer meegemaakt dat de hand van de bezetene verkrampte en mij bij de keel greep. Als ik niks had gedaan, had die persoon mijn keel dichtgeknepen. Ik ben ervan bewust van wat er op dat moment gebeurt en ik zeg: ‘Nolite tangere christos meos.’ Dat is een Psalmtekst in het Latijn. Het betekent: ‘Raak mijn gezalfden niet aan!’ De demon is gedwongen om zijn hand terug te trekken. Hij kan niks meer doen. Dat laat zien hoe krachtig het woord van God is. Als je bidt met de kracht van Jezus, leeft in de kracht van de Heilige Geest en leeft in het licht van Jezus, heb je niks te vrezen. Het is belangrijk dat je onthoudt dat het licht sterker is dan de duisternis.”