Een traditie van eeuwen­ tegenover de waan van de dag

Lees al vanaf 0,20 p/d

Profiel

Pier Giorgio Frassati: grootgebracht om klein te worden

Pier Giorgio Frassati op een ongedateerde foto.
Foto: OSV News – Catholic Press Photo

De bijna-heilige Pier Giorgio Frassati had een moeilijk thuisleven met harde, kritische ouders. Toch groeide in zijn hart geen verbittering, maar een sterk geloofsleven en een sterk sociaal bewustzijn.

Men heeft Pier Giorgio Frassati (1901-1925) wel de ‘Sint-Franciscus van Turijn’ genoemd, maar hijzelf had andere voorbeelden: de Florentijnse hervormer Savonarola en de Franse revolutionair Robespierre, alias ‘de onkreukbare’. Wat hem ervoor behoedde een fanaticus te worden zoals zij, was zijn gave om zich klein te maken.

Een harde leerschool

Toch lag dat voor een jongen als hij, de enige zoon van rijke, deftige ouders, allerminst voor de hand. Juist zij echter zouden hem daar het meest in vormen, onbedoeld; het werd een harde leerschool.

Zijn vader Alfredo Frassati (1868-1961) was een bekwaam jurist die voor het krantenvak koos en zijn krant La Stampa snel tot de tweede grootste van Italië wist te maken. Zelf agnost huwde hij in 1898 met de katholieke Adelaide Ametis (1877-1949), die louter voor de vorm naar de kerk ging; haar passie was de schilderkunst.

Achter de façade

Het huwelijk werd geen succes: man en vrouw, de zakenman en de socialite, beconcurreerden elkaar. Er werd gefluisterd dat ze allebei buitenechtelijke relaties hadden. Wat hen samenhield, behalve de katholieke façade, waren hun twee kinderen, Pier Giorgio en Luciana (1902-2007).

https://www.kn.nl/jong/

De thuisopvoeding van de kinderen bleek onvoldoende en ook op het gymnasium slaagde Pier Giorgio niet, waarna zijn vader hem bij de jezuïeten op school stuurde. Daar werd de jongen lid van verschillende katholieke verenigingen. Hij ontwikkelde een sterk geloofsleven én een sterk sociaal bewustzijn.

Vader kijkt neer op zijn zoon

Wat niet verbeterde, was de band met zijn vader. Pier Giorgio nam afstand van de weelde thuis door bewust sober te leven, zonder zijn ouders te bekritiseren. Alfredo keek neer op de matige schoolresultaten van zijn zoon en was ontevreden over diens keuze, in 1918, om voor mijningenieur te gaan studeren zodat hij dichter bij de arbeiders kon zijn. “Was Luciana maar een jongen geweest, dan had zij me kunnen opvolgen bij La Stampa!”

Het ware goede moet onopgemerkt worden gedaan, beetje bij beetje, dagelijks

Dat Pier Giorgio wel het nieuwe katholieke weekblad Il momento propageerde, maakte het alleen maar erger, zoals ook diens verzoek aan zijn vader om het schandaalnieuws te beperken, als zijnde een kwaad. “De verkoop hangt ook van die artikelen af”, was het droge antwoord van Alfredo.

‘Je wordt nog een kwezel!’

Op steun voor zijn geloofspraktijken hoefde Pier Giorgio thuis evenmin te rekenen. Moeder Adelaide combineerde een strenge, koude opvoeding met kritiek op bijna alles, wat de atmosfeer thuis enigszins antiklerikaal maakte.

Ze liet zich laatdunkend uit over vrouwen die elke dag naar de Mis gingen en verzette zich er fel tegen dat ook Pier Giorgio dat deed: “Je wordt zo nog een kwezel!”

Stille weldoener

De jongen legde de kritiek van zijn ouders nederig naast zich neer en volhardde in zijn keuzes, zonder zijn ouders de rug toe te keren. Hij ontpopte zich als een joviale grapjas onder zijn vrienden, als een gepassioneerde tegenstander van het opkomende fascisme (dat had hij wel met zijn vader gemeen) en als een stille weldoener van de armen. “Het ware goede”, zei hij, “moet onopgemerkt worden gedaan, beetje bij beetje, dagelijks.”

Zijn handen waren niet gemaakt om te verzamelen, maar om uit te delen

Zijn familie en zelfs zijn vrienden wisten niets van zijn dagelijkse bezoeken aan de armen. Een uitzondering was de poetsvrouw van La Stampa, die eens aan directeur Frassati zei: “Uw zoon zal meer carrière maken dan u.” Deze moest toegeven dat hij zich soms klein voelde ten opzichte van zijn zoon, die zo ernstig, oprecht en belangeloos was.

Een priester in Berlijn

In 1920 werd Alfredo benoemd tot ambassadeur in Berlijn, een post die hij twee jaar later neerlegde toen Mussolini aan de macht kwam. Bij zijn bezoekjes aan zijn vader leerde Pier Giorgio een buitengewone priester kennen, Carl Sonnenschein (1876-1929), de oprichter van de sociaal-katholieke studentenbeweging.

https://www.kn.nl/kn-kennismaken/

Zulk pastoraal dienstwerk sprak Pier Giorgio aan, maar hoe moest hij zijn moeder vertellen dat hij erover dacht priester te worden? Gelukkig hoorde hij nooit het antwoord dat Adelaide aan een wederzijdse kennis gaf: “Priester? Het zou beter zijn dat hij zijn diploma haalde en dan doodging.”

Een ander offer

Alfredo had inmiddels besloten dat zijn zoon bij de krant moest gaan werken en liet hem dat in juni 1925 via een medewerker zeggen. Met gebogen hoofd en in tranen zei Pier Giorgio ja.

Maar al spoedig bleek een ander offer van hem te worden gevraagd. Op het einde van die maand, terwijl zijn grootmoeder van moederskant overleed, voelde hij zich plots niet goed. Zijn moeder nam het hem vooral kwalijk dat hij niet bij de begrafenis zou zijn – “Je bent er nooit wanneer ik je nodig heb” – en liet pas later een dokter komen.

Twee afscheidbriefjes

Het bleek acute polio te zijn, waaraan Pier Giorgio al op 4 juli overleed. De dag ervoor schreef hij met bevende hand nog twee briefjes, de ene ten behoeve van een arme en de andere – misschien wel voor het eerst – aan zijn vader: “Hier, papa, dit is om in La Stampa te publiceren.”

Misschien waren Alfredo en Adelaide nog wel het meest verrast, toen ze daags daarna in de zwart-omrande krant het in memoriam van hun zoon lazen: “Zijn handen waren niet gemaakt om te verzamelen, maar om uit te delen. Zijn ziel was niet gemaakt om te genieten, maar om anderen te zien genieten…” Dat had Pier Giorgio thuis niet geleerd. Of misschien toch wel?

Pater Marc Lindeijer SJ is historicus en hagiograaf.

Lees meer!

Dit artikel is afkomstig uit Katholiek Nieuwsblad van deze week.

Dit artikel delen:

Steun katholieke journalistiek

Belangrijker dan ooit:
steun katholieke journalistiek

Ontvang het laatste nieuws in je mailbox

© Katholiek Nieuwsblad | 2026