
Mensen komen in bedevaartsplaatsen bijeen, zegt de Oostenrijkse kardinaal Schönborn, om tegen de kille stromen van de moderne tijd in te gaan. Bedevaartsplaatsen zijn belangrijke tekens, instituties in een ontchristelijkte wereld.
Ik denk dat het gevoel voor deze tekens, de intuïtie ervoor, nooit echt verloren zal gaan. In Mariazell luisteren mensen naar het woord van paus Benedictus. Hij spreekt over de waarheid. Geef de waarheid nooit op! Als er voor de mens geen waarheid meer is, zegt hij, dan kan die mens vroeg of laat niet meer tussen goed en kwaad onderscheiden.
Pelgrims, zegt kardinaal König, in 2007 als 98-jarige nog in Mariazell aanwezig, zijn mensen die op zoek zijn naar de zin van hun leven: waar kom ik vandaag, waarheen ga ik, wat is de zin van mijn leven? In de joods-chassidische traditie zegt een rabbi, op de vraag waarom mensen zo lang als pelgrims onderweg zijn, dat ze dat doen om de kortste weg naar zichzelf te vinden.
Mariazell, zegt Michael Rosenberger in zijn Kleine theologie van de bedevaart, is een plaats van ontmoeting, tussen hoog- en laaggelovigen, hoog- en laagkerkelijken, tussen gelovigen en twijfelenden, zelfs atheïsten, een plaats van oecumene.
Waar Luther in zijn tijd nog honend en grof uithaalde naar bedevaartsplaatsen, trekken katholieken en protestanten in Mariazell nu gezamenlijk op. De Reformatie was niet in staat de pelgrimstochten uit heel Europa naar Mariazell tegen te houden.
Wij zijn een wandelend, pelgrimerend volk, verre van volmaakt
Juist in onze ontkerkelijkte tijd komt de pelgrimstocht tegemoet aan die sterke intuïtie dat het leven van de mens een lange pelgrimstocht is. Wij zijn allemaal pelgrims die ooit vanuit verschillende wegen op één plaats bij elkaar komen, zei Antoine de Saint-Exupéry eens. Wij zijn, leert het Tweede Vaticaans Concilie, een wandelend, pelgrimerend volk, verre van volmaakt, onze voeten onder het stof, onze gebreken met ons meedragend, pelgrimerend, onderweg met andere mensen, volken, religies en culturen.
Zelfs in een koud en verregend Mariazell blijven mensen elkaar in grote menigten opzoeken. Abraham wordt geroepen op weg te gaan. Die woorden, op weg gaan, komen meer dan zevenhonderd maal voor in het Oude Testament! God is zelf een pelgrim die met zijn volk onderweg is, aldus broeder Roger, de prior van Taizé, die plaats waar ontelbare jongeren bijeenkomen.
Stammen, volken, profeten, apostelen, Paulus, zij waren altijd onderweg. Jezus zelf werd onderweg geboren. De Kerk is altijd onderweg, en kan pas aan het einde van haar weg uitrusten. De Engelse opperrabbijn Jonathan Sacks noemt de essentie van het jodendom het onderweg zijn. Er is steeds “nog een weg te gaan”, de plek waar we nu zijn is “slechts een rustplaats”, nog geen thuis.
Wij zijn geen christenen, wij kunnen het worden, zei Kierkegaard eens. Wij hebben de waarheid niet, zij heeft hoogstens ons, zegt paus Benedictus. In de liefde ben je nooit volmaakt, zei hij bij zijn bezoek aan Oostenrijk in 2007. “De liefde vraagt altijd van ons het weggaan uit onszelf, vraagt altijd onszelf te verlaten. Wie omkijkt naar zichzelf, de anderen alleen maar voor zichzelf wil hebben, juist hij zal zichzelf en de anderen verliezen.”

Er zijn geen artikelen gevonden