
Weliswaar komt hij uit de ‘schoenenstad’ van Peru, maar Antonio Arellano (58) had nooit gedacht dat hij ooit rode mocassins voor een paus zou maken. Toch heeft de vakman al heel wat pauselijke stappers mogen maken.
Een grote, leren schoen boven de deur wijst de weg naar de ingang van zijn atelier. “Het spijt me dat ik u heb moeten laten wachten”, verontschuldigt Arellano zich tegen de verslaggever van KN. Naast zijn dagelijkse klanten zijn er ook cameraploegen uit de hele wereld naar hem op zoek. Haastig plaatst hij zijn mountainbike in het portiek naast zijn atelier.
“Antonio!” klinkt het terwijl een vrouw haar autodeur openzwaait. Binnen wordt een grote tas vol schoenen omgedraaid op de toonbank. Arellano bekijkt de schoenen die voor hem liggen nauwkeurig. Vrolijke, Spaanstalige liedjes uit de radio en een portret van de Maagd van Guadalupe geven de plek een Latijns-Amerikaans tintje.
“Hij is duur, maar erg goed in zijn werk”, lacht de vrouw. Nadat ze is vertrokken, heeft Arellano zijn handen vrij om te vertellen over zijn bijzondere levensloop.
“Trujillo, de stad waar ik vandaan kom, staat bekend als de schoenenstad.” Arellano bleef als klein jongetje vaak alleen achter als zijn moeder aan het werk was. Als achtjarige begon hij met een krantenwijk, totdat zijn stiefvader hem beval om samen met hem schoenen te repareren.
Arellano bleek gevoel te hebben voor leer. Uiteindelijk slaagde hij erin twaalf paar schoenen per dag met de hand te produceren. “Allemaal wit, een veelgebruikte kleur voor schoenen in Peru.”
Arellano ontvluchtte zijn moeilijke thuissituatie door in dienst te gaan bij de Peruaanse marine, waar hij zich bekwaamde in orde en regelmaat. Hij keerde terug om te trouwen met zijn grote liefde, Ysabel. Samen maakten ze plannen om te emigreren.
Doordat de Panamese leider Manuel Noriega destijds achter de tralies verdween, was de emigratieroute via Panama naar de Verenigde Staten voor Arellano en zijn vrouw afgesloten. Met hun pasgeboren zoon Daniel vertrokken ze daarom in 1989 naar Italië, waar al een paar zussen van Arellano woonden.
Benedictus droeg na zijn overlijden weer mijn rode schoenen. Het voelde als een laatste groet
In Rome begon hij als metselaar. “Dat was een moeizaam begin. Ik wilde liever schoenen maken.” Op een dag las hij een vacature in de krant voor schoenmaker. Jarenlang werkte hij dag en nacht voor een Italiaanse eigenaar in loondienst. Collega’s noemde hem “de bom”, vanwege zijn snelheid en hoge kwaliteit.
“Alles wat ik verdiende, spaarde ik op. Ik droomde van mijn eigen zaak.” In 1998 kon hij een atelier overnemen in de Via del Falco, vlakbij het Vaticaan. Dat legde hem geen windeieren.
Het bleek zelfs een meesterzet, net als zijn keuze om zowel schoenen op maat te maken als om schoenen te repareren. In de loop der tijd ontdekten de kardinalen, bisschoppen en andere hoogwaardigheidsbekleders van de Kerk de vrolijke schoenmaker. Bij toeval ontdekte Arellano dat een zwart paar dat hij moest repareren van paus Johannes Paulus II bleek te zijn.
Later gooide zijn favoriete vaste klant hoge ogen op het wereldtoneel. “Ik stond op het Sint-Pietersplein en wist niet wat ik meemaakte toen ik Joseph Ratzinger op het balkon zag staan!”
Niet lang daarna volgde een bestelling van paus Benedictus XVI die Arellano wereldberoemd zou maken: de rode mocassins. “Joseph Ratzinger was voor mij als de vader die ik zelf niet had. Een aardige man die, toen hij kardinaal was, gewoon rustig op zijn beurt wachtte in mijn zaak. Hij was een uitzonderlijk mens.”

Toen Benedictus aftrad en emeritus-paus werd, moesten zijn rode schoenen worden verruild voor zwarte. Uiteraard zorgde Arellano daarvoor. Zijn familie heeft altijd warme banden onderhouden met Benedictus. “Na zijn overlijden, bij het afscheid in de Sint-Pieter, droeg hij weer mijn rode schoenen. Het voelde als een laatste groet.”
Diens opvolger, paus Franciscus, nam geen schoenen af. “Hij droeg orthopedische schoenen en die maak ik niet. Wel heeft hij tijdens een audiëntie onze ringen gezegend ter ere van ons 25-jarig huwelijk.”
Op het feit dat hij onlangs in het apostolisch paleis de voeten heeft opgemeten van de nieuwe paus Leo XIV, die tevens de Peruaanse nationaliteit heeft, reageert hij luchtig. Terwijl hij het model voor paus Leo laat zien, praat hij liever over zijn ambacht.
“Niet alleen heel hard werken heeft me succes gebracht. Ik heb ook geluk gehad. Elke dag dank ik God daarvoor, zo lang ik er nog mag zijn.”
Er zijn geen artikelen gevonden