
De wereld van het justitiepastoraat verandert snel. Dat was voor de protestantse, orthodoxe en katholieke hoofden van de geestelijke verzorging bij het ministerie van Justitie en Veiligheid aanleiding om een nieuw handboek uit te brengen voor de werkers in dit veld.
“Met dit handboek willen we duidelijk maken wat het belang is van justitiepastoraat in de Nederlandse samenleving”, vertelt hoofdaalmoezenier Ryan van Eijk, een van de samenstellers van het boek.
“Hierin heb je aan de ene kant te maken met secularisatie en aan de andere kant zie je nieuwe vormen van religie. Het is belangrijk om daar regelmatig bij stil te staan. Dit pastoraat is een bijbelse opdracht en een werk van barmhartigheid: bezoek de gevangenen. Maar dat gebeurt niet in een vacuüm. De samenleving verandert en ook de detentie verandert.”
“Toen ik in 1998 begon bij Justitie waren er nog geen terroristenafdelingen en afdelingen tegen ondermijning van de samenleving. Dat zijn allemaal ontwikkelingen waar we als justitiepastoraat mee te maken krijgen. Hoe kunnen we daar adequaat op reageren?”

Van Eijk is namens de bisschoppenconferentie operationeel verantwoordelijke voor de katholieke geestelijke verzorging. Ruim veertig mensen met een katholieke zending werken in dat veld, verspreid over het hele land. Iedere inrichting heeft een of meerdere aalmoezeniers, afhankelijk van de grootte van de inrichting. Het is Van Eijks verantwoordelijkheid om dat in goede banen te leiden. “Aan de ene kant is het inhoudelijk en aan de andere kant veel managen.”
Het justitiepastoraat is onderdeel van het ministerie van Justitie en Veiligheid. Botsen het belang van de overheid en de evangelische opdracht om zorg te hebben voor gedetineerden wel eens met elkaar? “Ze botsen niet, maar schuren natuurlijk wel”, vindt Van Eijk.
Dit artikel is niet gevonden
“De zendende instanties, zoals de Kerken, hebben tot doel om de gedetineerde te verlossen van het kwaad, om het bijbels uit te drukken. Het schuurt omdat de overheid verantwoordelijk is voor de veiligheid. Dat betekent vaak: beperkingen opleggen, controleren. En dat staat natuurlijk haaks op een begrip als ‘bevrijding’.”
“Ik noem dat wel eens ‘veiligheid en heiligheid’. Dat kan schuren met elkaar en zal ook altijd blijven schuren. Een viering wil je altijd met de hele gemeenschap doen, maar het kan soms gebeuren dat iemand om veiligheidsredenen daarvan uitgesloten is. Dan moet je toch tot een oplossing komen waardoor iemand zijn vrijheid van godsdienst kan beleven.”
‘Iedereen kan een beroep doen op de aalmoezenier, of je gelovig bent of niet’
Alle belangrijke levensbeschouwelijke stromingen zijn vertegenwoordigd in het justitiepastoraat. Toch richten de katholieke aalmoezeniers zich niet noodzakelijk alleen op katholieken. “Iedereen kan een beroep doen op de aalmoezenier, of je katholiek bent of niet en of je gelovig bent of niet. Het is het recht van de gedetineerde om te kiezen met wie hij in gesprek wil. En dat betekent ook dat iedereen in principe welkom is in de kerkdiensten.”
“De gevangenis is geen normale situatie. Justitiepastoraat is voor een groot deel crisispastoraat. In detentie worden mensen afgesloten van hun normale leven en dus ook van normale relaties. En in die situatie komen een heleboel levensvragen omhoog. Wat heb ik gedaan? Wat denken anderen van mij? Hoe ziet mijn toekomst eruit? Juist die onzekerheid zet mensen aan om verder te kijken dan het hier en nu. Dat roept nieuwe vragen op en daar vragen mensen vaak hulp bij.”
Toch heeft de secularisatie gevolgen voor het justitiepastoraat, constateert Van Eijk. “In die zin dat mensen binnenkomen zonder vastomlijnd geloof. Maar de levensvragen die mensen zich stellen zijn er nog altijd en die komen bij detentie heel nadrukkelijk naar voren. Juist omdat het zo’n uitzonderlijke crisissituatie is. Nood leert bidden, maar zo banaal is het niet.”
“Het is een situatie waarin mensen op zoek gaan naar de zin van hun leven. Daardoor komen ze ook bij religieuze vragen terecht. Het is aan de geestelijke verzorger om te kijken hoe hij of zij de gedetineerde daarin kan helpen.” Secularisatie betekent dus niet dat er minder een beroep wordt gedaan op geestelijke verzorging door mensen die in detentie zitten. “Ik denk dat we gerust kunnen zeggen dat de meerderheid van hen contact heeft met geestelijke verzorging.”
Dit artikel is niet gevonden
Heeft het opleggen van strengere straffen gevolgen voor het werk? “Dat heeft zeker gevolgen omdat de context is veranderd. Er is een cellentekort, we werken in vaak krappe en soms oude gebouwen en in sommige inrichtingen is een tekort aan personeel. Dat legt druk op het systeem.”
“We zien de laatste jaren ook voortgezet crimineel handelen vanuit de gevangenis. Mensen zitten in de gevangenis, maar proberen toch hun zaken voort te zetten. Dat heeft tot extra veiligheidsmaatregelen geleid en dat maakt het bereiken van gedetineerden aanzienlijk lastiger voor aalmoezeniers. Het vraagt ook een zekere alertheid, want je wilt niet dat je gebruikt wordt. Dat je achteraf denkt: ik had beter moeten opletten en ben te goedgelovig of naïef geweest.”
‘In detentie worden mensen afgesloten van hun normale leven en dus ook van normale relaties’
Bijdragen aan humane detentie is ook een taak van het justitiepastoraat. “Dat gebeurt op verschillende niveaus: binnen de inrichtingen door geestelijk verzorgers en binnen de Dienst Justitiële Inrichtingen waar de gevangenissen onder vallen met de Dienst Geestelijke Verzorging. Die zijn in voortdurend gesprek met elkaar. Dat kan naar aanleiding van een concrete zaak zijn of vanwege bepaalde maatregelen die zijn genomen. Die kunnen bijwerkingen hebben die niet bedoeld zijn.”
Dat heet in het vakjargon detentieschade. “Het kan bijvoorbeeld te maken hebben met de toegang tot kerkdiensten, maar ook tot het verstrekken van maaltijden. De wet stelt dat straffen op een humane manier moet gebeuren en dat ze tegelijkertijd de terugkeer in de samenleving moeten bevorderen. Het is een samen zoeken met inachtneming van elkaars verantwoordelijkheden.”
Sinds oktober 2025 is Ryan van Eijk ook hoogleraar Vraagstukken geestelijke verzorging in justitiële context aan de universiteit in Tilburg. “Dat is voor ons belangrijk. Het werk is voortdurend in ontwikkeling, dus dat vraagt nadenken. Waar staan we nu, welke richting kunnen we uit, wat kunnen we leren van het verleden?”
“Tegelijkertijd is de leerstoel ook belangrijk voor de zichtbaarheid van ons werk, juist omdat het achter gesloten deuren plaatsvindt. Dus is het van belang om dit werkveld zichtbaar te maken, ook met het oog op de aanwas van nieuwe geestelijke verzorgers. Het belang is dus tweeledig: het zichtbaar maken van het werk en het reflecteren op het werk.”
Dit artikel is niet gevonden
Het onderzoek dat hij als hoogleraar doet, zal zich concentreren rond de betekenis van geestelijke verzorging voor de gedetineerde zelf. “Dat is nog niet zo gemakkelijk. De gedetineerde moet dat willen, maar dat geldt ook voor Justitie. Er zijn dus een aantal hobbels te nemen voordat je een goed beeld hebt van wat de gedetineerde vraagt.”
“Mij lijkt het interessant om te kijken wat een gedetineerde drijft in die situatie. Wat verlangt hij, waar is hij naar op zoek? Het gaat uiteindelijk niet om de geestelijk verzorger, maar om de gedetineerde. Misschien kan de gedetineerde ons verder helpen. In de Bijbel staat niet alleen: ga de gevangenen bezoeken. Er staat ook: als je gevangenen bezoekt, bezoek je mij. Dus eigenlijk is Christus er te vinden. We hebben er niet alleen iets te brengen, we hebben er ook iets te leren.”

Ryan van Eijk en Anne van Voorst, Geestelijke verzorging bij justitie. Context, uitgangspunten en praktijk van het justitiepastoraat
Uitgeverij: Eburon
Pagina’s: 510 | € 36,-
Er zijn geen artikelen gevonden