Een traditie van eeuwen­ tegenover de waan van de dag

Lees al vanaf 0,20 p/d

Lokaal

Van jongenskoor tot Kooracademie: 100 jaar katholieke muziek in Breda

Moeder, musicus en copywriter

25 maart 2026

De Kooracademie Breda bestaat honderd jaar. In die eeuw heeft het koor talrijke ontwikkelingen doorgemaakt.
Foto: Kooracademie Breda

De Kooracademie Breda, vroeger het Sacramentskoor, voert sinds 1925 katholieke kerkmuziek op hoog niveau uit. Het koor blikt terug op een eeuw van ontwikkeling en groei, maar ook van onzekerheid en noodzakelijke veranderingen.

Op de huidige groepsfoto stralen volwassen mannen naast jongens en meisjes van alle leeftijden. Toch is de Kooracademie Breda van oorsprong een ouderwets katholiek jongenskoor. In 2020 viel de beslissing om ook meisjes in het koor op te nemen. Dit is slechts een van de vele aanpassingen die het koor de afgelopen eeuw heeft moeten maken: aanpassingen die nodig waren om als klassiek koor te overleven in een alsmaar veranderende cultuur.

Eigen koor

De Lambertuskerk, die in 1926 het licht zag in Breda, zou het thuis worden van de nieuw opgerichte Lambertusparochie. Hier hoorde ook een eigen parochiekoor bij; zo werd het Lambertuskoor geboren. “In december 1925 verscheen het koor in het Gregorius Maandblad, het blad van de landelijke vereniging voor katholieke kerkmuziek”, vertelt Adriaan Weterings, voorzitter van de Kooracademie.

Het koor op een ongedateerde foto.
Foto: Kooracademie Breda

Begin jaren twintig kwam er onder leiding van monseigneur Frans Frencken een beweging op onder de naam ‘de Eucharistische kruistocht’. Het centrale idee hiervan was dat de Eucharistie eeuwigdurend aanbeden moest worden. Weterings: “Onder invloed van deze beweging werd de Lambertuskerk, slechts een half jaar na haar oprichting, omgedoopt tot Sacramentskerk. Dit maakte dat het Lambertuskoor voortaan als Sacramentskoor door het leven zou gaan.”

Degelijk orgel

Het kersverse koor kwam onder leiding te staan van André Vermeeren, een piepjonge dirigent en musicus. Hij overleed op jonge leeftijd. In 1940 werd het stokje overgenomen door Louis Toebosch, een eveneens begenadigd musicus. Toebosch hechtte als componist en organist veel waarde aan de aanwezigheid van een degelijk orgel.

Hoewel het in die tijd verboden was een protestants orgel in een katholieke kerk te plaatsen, wist hij in 1958 een exemplaar van de protestantse orgelbouwer Flentrop in de Sacramentskerk te krijgen. Dit pakte Toebosch creatief aan door de orgelkast – de ombouw – door een katholieke orgelbouwer te laten vervaardigen. “Dat orgel staat bij ons bekend als het eerste oecumenische orgel”, voegt Weterings daar trots aan toe.

Latijn en Nederlands

Toen dirigent Walther Cantrijn in 1965 het podium betrad, begonnen de gevolgen van de veranderende tijdgeest zichtbaar te worden. Dit gold voor de gehele samenleving, maar in het bijzonder voor de kerkelijke wereld. Weterings: “Het tij begon langzaam te keren binnen de Kerk, met name na het Tweede Vaticaans Concilie. Toen zijn we, naast in het Latijn, ook in het Nederlands gaan zingen.”

‘We zingen nog steeds veel kerkelijke muziek, maar nu heeft dat een concertkarakter. Daarnaast is ook de Engelse koormuziek steeds belangrijker voor ons geworden’

Deze verandering leverde kansen op. “We hebben toen in opdracht verschillende composities te zingen gekregen, onder andere van bekende componisten als Hendrik Andriessen en Edward Stam.” Catrijn, die sterke banden had met Engeland, introduceerde ook de traditionele Engelse koormuziek. Zo werd het repertoire uitgebreid met werken van Engelse componisten en kwamen er evensongs op de agenda.

Zelfstandigheid

Tegelijkertijd werd de invloed van de veranderende tijd ook op minder positieve manieren zichtbaar. Waar het koor eerst een werkgroep van de parochie was, moest het langzaamaan steeds zelfstandiger opereren, met name op financieel gebied. In 1992 werd er een grote knoop doorgehakt. Wilde het koor overleven, gezien de terugloop in de katholieke Kerk en alle gevolgen van dien, dan moest het ook formeel zelfstandig worden. Hiervoor werd een stichting opgericht, waar het koor in onder werd gebracht.

Het Sacramentskoor in 1992.
Foto: Kooracademie Breda

In de daaropvolgende jaren moest ook de parochie steeds meer concessies doen. Halverwege de jaren negentig viel het besluit om de Sacramentskerk definitief te sluiten; drie andere kerken in de parochie gingen hetzelfde lot tegemoet. Ook moesten er maar liefst zes parochies fuseren tot één, wat organisatorisch een grote uitdaging vormde voor het bisdom.

Overname

Omdat het koor niet zonder het gebouw kon, probeerde het de Sacramentskerk over te laten nemen door de eigen stichting. Na vier jaar intensieve discussies met het bisdom lukte dit in december 2000. Tot 2016 werden er nog eucharistievieringen gehouden in de kerk, in samenwerking met het bisdom. Gedurende die tijd bleef het koor de Mis muzikaal opluisteren op zon-en feestdagen.

Walther Cantrijn werd in 1996 opgevolgd door Henri de Graauw, zelf een oud-lid van het koor. In 2020 drong de noodzaak tot aanpassing zich opnieuw op, dit keer om het voortbestaan van het koor te kunnen garanderen. Tijdgeest en beeldvorming over religie deden het koor geen goed; op het dieptepunt zongen er nog maar dertien jongens mee. Het bestuur besloot dat het roer om moest. Dirigent Ruben de Grauw hielp bij het vormen van een nieuwe organisatie.

Jongens en meisjes

Weterings: “Het verlangen was er om op religieus en muzikaal gebied initiatieven te blijven ondernemen, maar de mankracht ontbrak. Toen moest er opnieuw een drastische keuze gemaakt worden: stoppen, of het koor zo omvormen dat het kon blijven bestaan. Met volle overtuiging is er op dat moment besloten het Sacramentskoor te veranderen in de Kooracademie Breda. Daarin zou plaats zijn voor zowel jongens als meisjes.”

Ondanks de vele manieren waarop het koor zichzelf de afgelopen eeuw heeft moeten heruitvinden, blijft de groep regelmatig zingen bij kerkelijke vieringen

Van daaruit heeft het koor zich ontwikkeld tot een leeromgeving waar kinderen op hoog niveau leren musiceren. Al vanaf de leeftijd van vier jaar kunnen kinderen er terecht voor laagdrempelige kennismaking met ritme en muziek, waarna ze door kunnen stromen naar volgende leeftijdsgroepen.

Op niveau

“Na de eerste groep gaan ze door naar de Do-Re-Mi-groep, waarin ze ook zangles en notenleer krijgen. Wanneer ze die fase doorlopen hebben, worden ze onderdeel van Vocaal Breda. Dat is de voortzetting van het Sacramentskoor, waar nu mannen, jongens en meisjes samen zingen. Daar wordt kerkelijke en wereldlijke muziek op behoorlijk niveau uitgevoerd”, vertelt Weterings.

advertentie

“Omdat de meisjes ouder worden en niet willen stoppen met zingen, zijn we nu ook begonnen met een jeugdkoor. Zo kunnen zij, met alle scholing die ze bij ons gehad hebben, verder met het ontwikkelen van hun talenten.”

Heruitvinden

Ondanks de vele manieren waarop het koor zichzelf de afgelopen eeuw heeft moeten heruitvinden, blijft de groep regelmatig zingen bij kerkelijke vieringen. Weterings: “Dat gebeurt veel minder vaak dan vroeger, maar we doen het wel.”

Geert Siefken is oud-jongenskoorlid en zijn eigen kinderen zijn inmiddels lid van het koor. Hij legt uit hoe de rol van het koor bij vieringen is veranderd: “Vroeger waren we echt participant in de eucharistievieringen. Koorleden deden zelfs de voorbeden. Nu werken we meer vanuit opdrachtgeverschap: zowel katholieke als protestantse kerken vragen ons een bepaalde viering muzikaal in te vullen, en daar stopt onze rol. De religieuze taal, eens zo vanzelfsprekend, zit vaak niet meer in het DNA van onze jonge garde.”

Concertkaraker

Hoewel het koor niet meer het kerkkoor van vroeger is, is er in het repertoire weinig veranderd. Weterings: “We zingen nog steeds veel kerkelijke muziek, maar nu heeft dat een concertkarakter. Daarnaast is ook de Engelse koormuziek steeds belangrijker voor ons geworden. We zien dat de jonge generatie zich het meest aangesproken voelt door de anglicaanse evensongs en lessons and carols.”

In december 2025 is de Kooracademie onderscheiden met een Koninklijke Erepenning. Dit is een erkenning die wordt uitgereikt aan instellingen die zich voor lange tijd bijzonder hebben ingezet voor de samenleving. Voor de Kooracademie een bekroning na honderd jaar toewijding en vindingrijkheid.

Dit artikel delen: