fbpx
<

Geef om katholieke journalistiek

doneer
Misbruik

‘Het is beangstigend’: schrik en schaamte na publicatie Frans misbruikrapport

Selinde van Dijk-Kroesbergen 6 oktober 2021
image
Foto: CNS Photo - Stephane Mahe, Reuters

Er gaat een hevige schok door de wereldwijde Kerk nadat dinsdag het rapport over misbruik in de Franse Kerk werd gepubliceerd. "Het gaat veel verder dan we dachten te weten, het is beangstigend", stelt de aartsbisschop van Parijs, Michel Aupetit.

Het rapport stelt dat gedurende de periode van 1950-2020 naar schatting 330.000 mensen het slachtoffer zijn geworden van seksueel misbruik. Naar schatting meer dan een derde van de gevallen is gepleegd door leken.

Groot verdriet

De woordvoerder van de Heilige Stoel zei namens de paus: “Zijn gedachten gaan in de eerste plaats uit naar de slachtoffers, met groot verdriet, voor hun wonden. Maar ook met dankbaarheid voor hun moed om zich uit te spreken. Tevens gaan zijn gedachten uit naar de Kerk van Frankrijk, die, in het besef van deze verschrikkelijke realiteit en verenigd met het lijden van de Heer voor zijn meest kwetsbare kinderen, een pad van verlossing kan inslaan.”

“Met zijn gebed vertrouwt de paus het volk van God in Frankrijk aan de Heer toe, in het bijzonder de slachtoffers. Dat Hij hun troost mag schenken en dat met gerechtigheid het wonder van genezing mag komen.”

'Moment van schaamte'

Tijdens de algemene audiëntie van vandaag sprak de paus - in aanwezigheid van een groep Franse bisschoppen en een kardinaal – over het rapport. Het onvermogen van de Kerk om de slachtoffers op de eerste plaats te zetten, zei hij, is een “moment van schaamte”.

Hij moedigde de bisschoppen van het land en de algemene oversten van religieuze orden aan "hun uiterste best te blijven doen om te voorkomen dat soortgelijke tragedies zich herhalen". Paus Franciscus sprak ook zijn nabijheid uit tot de priesters in Frankrijk en verzekerde hen van zijn "vaderlijke steun voor deze beproeving, die zwaar maar heilzaam is".

Hij nodigde de katholieken van het land uit om hun verantwoordelijkheid op zich te nemen om te garanderen dat “de Kerk een veilig thuis voor iedereen is”.

Slachtoffers

In het rapport staat dat de meeste slachtoffers “pre-adolescente jongens van alle sociale achtergronden” zijn.

De onderzoekscommissie deelde de gevallen in zes categorieën op: "parochiaal misbruik", gepleegd door een plaatselijke priester; "schoolmisbruik" door een priester, godsdienstleraar of huismeester; misbruik door een familielid of goede vriend van de familie; misbruik gepleegd in de context van "een patronage- of scoutsbeweging"; misbruik gepleegd door "een priester die handelt of beweert te handelen als een psychotherapeut"; en “profetisch misbruik, gepleegd in de context van zogenaamde nieuwe gemeenschappen, die vooral populair waren in de jaren zeventig”.

Vanwege gebrek aan wetenschappelijk bewijs kon de commissie het aantal volwassen slachtoffers niet inschatten. Wel meldt het rapport dat sommige van hen zusters of seminaristen waren. In veel gevallen gaat het hier om machtsverhoudingen in een “situatie van kwetsbaarheid die wordt versterkt door de kerkelijke context”.

Wrede onverschilligheid

In de Engelstalige samenvatting van het 2500 pagina’s tellende rapport staat dat uit de manier waarop slachtoffers zich uitspraken, blijkt “hoe lang en vol met obstakels dit proces is en hoe er maar al te zelden rekening mee werd gehouden of werd opgevolgd door de entourage of instelling".

Buiten familie- en vriendenkringen, komt er nergens meer misbruik voor dan in de Kerk, zei de voorzitter van de onderzoekscommissie, Jean-Marc Sauvé.

“Geconfronteerd met deze plaag, was de onmiddellijke reactie van de katholieke Kerk om zichzelf als instelling te beschermen. Ze heeft volledige, zelfs wrede, onverschilligheid getoond tegenover degenen die het slachtoffer zijn geworden van misbruik.”

Afschuw en schaamte

Aartsbisschop Éric de Moulins-Beaufort - de voorzitter van de Franse bisschoppenconferentie (CEF) - sprak namens zijn collega-bisschoppen met afschuw over het gebrek aan optreden binnen de Kerk:

“Aan degenen die het slachtoffer zijn geworden van dergelijke daden door priesters, religieuzen of anderen in de Kerk, spreek ik mijn schaamte, mijn afschuw en mijn vastberadenheid uit om met hen op te treden zodat de weigering om te zien, de weigering om te horen, de wens om de feiten te verbergen of te maskeren en de onwil om ze publiekelijk aan de kaak te stellen verdwijnen uit de houding van de kerkelijke autoriteiten, van priesters en pastoraal werkers, van alle gelovigen.”

Veranderde houding

De onverschillige houding van de Kerk ten opzichte van misbruik begon volgens het rapport in de jaren negentig langzaam te veranderen, maar bestaat vandaag de dag nog steeds. Sinds 2010 begon de Kerk pas de slachtoffers te erkennen. Sindsdien worden zaken gemeld bij het gerechtelijk apparaat en worden er kerkrechtelijke sancties opgelegd.

Aartsbisschop Michel Aupetit van Parijs zei dat hoewel de Kerk er jarenlang naar had gestreefd om "deze verschrikkelijke tragedie serieus" te beantwoorden, het duidelijk was "dat we nog een lange weg te gaan hebben om het lijden van de slachtoffers te verwelkomen, om hen te vergezellen in hun wederopbouw en om ons gemeenschappelijk huis veiliger te maken".

"Weet alsjeblieft dat ik je diepe droefheid deel over deze verschrikkelijke onthullingen. Ik nodig je uit om te bidden voor de slachtoffers wiens leven is verbrijzeld. Ik vraag je ook om te bidden voor alle priesters, diakens en leken, dat ze mogen blijven werken met toewijding. We zijn allemaal diep bedroefd."

Recht doen aan slachtoffers

Voorzitter Sauvé merkte op dat er geen sprake kan zijn van 'de pagina omslaan'. “De toekomst kan niet worden gebouwd op ontkenning of op het begraven van de harde realiteit; erkenning en verantwoordelijkheid zijn nodig om vooruit te komen. Het is van vitaal belang om echt recht te doen aan de mannen en vrouwen die met lichaam en ziel hebben geleden onder seksueel geweld in de katholieke Kerk.”

Aanbevelingen

De commissie doet daarom in het rapport tal van concrete aanbevelingen. Zo pleit het voor systematische controle van het strafblad voor kerkmedewerkers die met kinderen werken, het creëren van een effectief nationaal ondersteuningssysteem voor slachtoffers, een vereenvoudigde aangifte van misbruik door een het opzetten van een hotline, het aanbieden van liturgische bijeenkomsten die de impact van misbruik benadrukken en het invoeren van maatregelen zoals het bewaren van "een fysieke ruimte tussen de priester en de boeteling tijdens de biecht".

De aanbevelingen raken ook gevoelige onderwerpen, zoals het onderzoeken naar de mogelijkheid om de wijding van getrouwde mannen mogelijk te maken en hoe de absolutie en het biechtgeheim uitgelegd moeten worden.

Beschaamd en verontwaardigd

Verder roept het rapport ook op tot "een brede herziening van het kerkelijk recht in strafzaken en bij het behandelen en bestraffen van strafbare feiten". Om te komen tot een meer democratisch bestuur raadt het rapport aan bisschoppen minder macht te geven.

Aartsbisschop Éric de Moulins-Beaufort en zuster Véronique Margron – voorzitter van de  conferentie van Franse religieuzen – namen het rapport 5 oktober tijdens de persconferentie in ontvangst. Ze zeiden dat ze "beschaamd en verontwaardigd" waren over de ontdekkingen en beloofden alle aanbevelingen te bestuderen.

Bronnen: Catholic News Service, Catholic News Agency