“Het welzijn van de slachtoffers mag niet opzij worden geschoven ten gunste van misplaatste bezorgdheid over de reputatie van de institutionele Kerk”, zei paus Franciscus afgelopen zondag tijdens een conferentie over kinderbescherming.
De paus drong er bij bisschoppen uit Midden- en Oost-Europa op aan om fouten in hun omgang met seksueel misbruik te erkennen om “nieuwe horizonten van liefde en wederzijdse dienstbaarheid” te openen.
Hij sprak in een videoboodschap op de openingsdag van een conferentie over kinderbescherming die werd georganiseerd door de Pauselijke Commissie voor de Bescherming van Minderjarigen en de Poolse bisschoppenconferentie. Vertegenwoordigers van de Kerk en deskundigen op het gebied van kinderbescherming uit twintig landen wonen deze vierdaagse conferentie in de Poolse hoofdstad Warschau bij.
“Onze uitingen van verdriet moeten worden omgezet in concrete hervormingstrajecten om verder misbruik te voorkomen. Ook om anderen het vertrouwen te geven dat onze inspanningen een echte en betrouwbare verandering teweeg zullen brengen”, zei de paus.
Franciscus zei dat de Kerk “niets te vrezen heeft” bij het aanpakken van seksueel misbruik door geestelijken. “Erkenning van onze fouten en tekortkomingen kan ons zeker kwetsbaar maken. Maar het kan ook een moment van prachtige genade zijn.”
“Ik dring er bij u op aan om nederige instrumenten van de Heer te zijn, ten dienste van de slachtoffers van misbruik, en hen te beschouwen als metgezellen en hoofdfiguren van een gemeenschappelijke toekomst”, voegde hij eraan toe.
Ook kardinaal Sean O’Malley uit Boston – voorzitter van de pauselijke commissie – zei tegen de aanwezigen dat de aandacht op slachtoffers gericht moet zijn.
“Het is belangrijk dat we ons allemaal blijven concentreren op het bieden van toegankelijke, gastvrije en niet-oordelende kansen voor overlevenden en hun dierbaren om contact op te nemen en een dialoog aan te gaan met de plaatselijke Kerk”, zei hij.
De kardinaal erkende dat veel Oost-Europese priesters “hebben geleden of hun leven hebben gegeven ter verdediging van het geloof”. Maar hij voegde eraan toe dat de wereldwijde misbruikcrisis nu geen verdediging van de Kerk vraagt, maar een luisterend oor voor de slachtoffers.
De voorzitter van de Poolse bisschoppenconferentie, aartsbisschop Stanislaw Gadecki, verwees in zijn toespraak naar het motu proprio van de paus uit 2019 Vos Estis Lux Mundi. Hierin staat dat bescherming niet alleen nodig is voor kinderen, maar voor iedereen die kwetsbaar is voor “machtsmisbruik, bedrog of dwang”.
“We moeten eerlijk erkennen dat we ernstig nalatig zijn geweest jegens de slachtoffers in de Kerk. Echter, deze confrontatie met de waarheid mag ons niet tot moedeloosheid of wanhoop voeren”, zei de aartsbisschop.
De Poolse Kerk kampt de afgelopen jaren met een veel meldingen van seksueel misbruik door geestelijken. Tien bisschoppen, de meesten van hen gepensioneerd, hebben al sancties opgelegd gekregen voor het negeren van beschuldigingen van misbruik.
In juni publiceerde de Poolse Kerk een rapport dat er nog eens 368 meldingen van misbruik door geestelijken waren binnengekomen. Die betreffen de periode 1958-2020.
Vorige week verscheen er een rapport over misbruik in de Poolse tak van de dominicaner orde dat bevestigt dat er sprake is van wijdverbreide doofpotaffaires. Daarnaast beschuldigt het een voormalige provinciaal – die sinds maart in hechtenis zit – van het verkrachten van zusters.
Om misbruik te voorkomen en slachtoffers te helpen hebben de Poolse bisschoppen in 2013 een coördinator voor kinderbescherming aangesteld, evenals zorgspecialisten voor ieder bisdom en iedere religieuze orde. Ook hebben de bisschoppen een stichting opgericht voor preventie en slachtofferhulp.
Echter, de langdurige kerkelijke procedures zouden volgens veel slachtoffers nog steeds niet transparant zijn en de daders bevoordelen.
En een lid van het organiserend comité – psychologe Ewa Kusz – zei tegen Radio Vaticaan dat veel Oost-Europese slachtoffers “volledig alleen in hun lijden” bleven.
“Ze verwachten dat de Kerk het misbruik niet erkent als een zonde die is begaan door een zondaar die vergeven moet worden, maar als een criminele daad die hen heeft verwond”, zei Kusz. En “ze willen niet worden behandeld als overlast die de heilige vrede verstoort, als indringers of, erger nog, als mensen die tegen de Kerk optreden”.
De jezuïet Hans Zollner – een kinderbeschermingsexpert die de conferentie bijwoonde – zei onlangs bij Radio Vaticaan dat de problematiek rondom de procedures te verklaren is door het uiteenlopen van financiële en personele middelen, en de “culturele houding ten opzichte van het zich uitspreken” over misbruik.
Hij zei dat de bisschoppenconferenties voortaan jaarverslagen moeten publiceren waarin beschuldigingen en de voortgang staan vermeld.
Bron: Catholic News Service