

Paus Leo XIV roept media op vredestichters te zijn door vooroordelen en woede te vermijden in hun berichtgeving. Ook pleitte hij voor de vrijlating van journalisten die vanwege hun werk gevangen zitten.
“Het lijden van deze gevangengenomen journalisten is een appel aan het geweten van landen en de internationale gemeenschap. Het herinnert ons aan het kostbare geschenk van de vrijheid van meningsuiting en persvrijheid, dat we moeten beschermen”, aldus de paus op 12 mei.
Afgezien van zijn ontmoeting met het College van Kardinalen op 10 mei, was dit zijn eerste bijzondere audiëntie. Die was voorbehouden aan de media die verslag deden van de verkiezing van de nieuwe paus en het overlijden van paus Franciscus.
“Dank u voor het werk dat u hebt verricht en blijft verrichten in deze dagen, die werkelijk een tijd van genade zijn voor de Kerk”, zei hij tegen de aanwezige mediavertegenwoordigers en het personeel van het Vaticaanse Dicasterie voor Communicatie.
De nieuwe paus sprak zijn bijzondere waardering uit voor verslaggevers “omdat u hebt geprobeerd voorbij de stereotypen en clichés te kijken waarmee het christelijk leven en het leven van de Kerk vaak worden geïnterpreteerd”.
Na zijn toespraak en de apostolische zegen begroette de paus tientallen journalisten persoonlijk. Gevraagd of hij binnenkort naar zijn geboorteland, de Verenigde Staten, zou reizen, antwoordde hij: “Ik denk het niet.”
Over het feest van Onze-Lieve-Vrouw van Fátima op 13 mei merkte hij op, verwijzend naar zijn vorige naam: “Kardinaal Prevost was van plan om te gaan, maar de plannen zijn gewijzigd.”
Een andere journalist vroeg of hij de belofte van paus Franciscus zou inlossen om dit jaar naar Turkije te reizen voor het 1700-jarig jubileum van het Concilie van Nicea, samen met patriarch Bartholomeus van Constantinopel. Dat concilie vond in 325 plaats in wat nu het Turkse Iznik is.
“We zijn het aan het voorbereiden”, antwoordde paus Leo, zonder een concrete datum te noemen.
In zijn toespraak benadrukte de paus dat media zowel verdeeldheid kunnen zaaien als vrede kunnen bevorderen. De evangelische zaligspreking ‘Zalig de vredestichters’ is volgens hem een uitdaging voor iedereen, maar in het bijzonder voor de media.
Ze vraagt van journalisten “een andere vorm van communicatie – een die niet koste wat kost instemming zoekt, geen agressieve woorden gebruikt, zich niet laat leiden door de concurrentiecultuur, en nooit de zoektocht naar waarheid loskoppelt van de liefde waarmee we die nederig moeten nastreven.”
“Vrede begint bij ieder van ons: in de manier waarop we naar anderen kijken, naar anderen luisteren en over anderen spreken. De manier waarop we communiceren is van fundamenteel belang: we moeten ‘nee’ zeggen tegen de oorlog van woorden en beelden en het paradigma van oorlog verwerpen.”
De woorden en toon die journalisten hanteren zijn “cruciaal”, vervolgde hij, want communicatie gaat niet alleen over informatieoverdracht; het creëert ook cultuur en “vormt menselijke en digitale omgevingen die ruimte bieden voor dialoog en debat”.
“Wat we nodig hebben is geen luide, dwingende communicatie, maar communicatie die in staat is te luisteren en de stemmen te verzamelen van de zwakken die geen stem hebben”, aldus de paus.
“Laten we onze woorden ontwapenen – zo helpen we ook de wereld te ontwapenen”, zei hij. “Ontwapende en ontwapenende communicatie maakt het mogelijk om een ander perspectief op de wereld te delen, en te handelen in overeenstemming met onze menselijke waardigheid.”
“Tegen u, die vooroploopt in de berichtgeving over conflicten en vredesverlangens, over situaties van onrecht en armoede, en over het stille werk van zovelen die bouwen aan een betere wereld, zeg ik: kies bewust en moedig voor communicatie die gericht is op vrede.”
Aan het College van Kardinalen had paus Leo eerder laten weten dat hij zijn naam koos als eerbetoon aan paus Leo XIII.
Daarmee erkent hij de noodzaak om de katholieke sociale leer te vernieuwen, met het oog op de nieuwe industriële revolutie en de opkomst van kunstmatige intelligentie – ontwikkelingen die volgens hem “nieuwe uitdagingen vormen voor de verdediging van menselijke waardigheid, rechtvaardigheid en arbeid.”
Tegen de journalisten zei hij: “Ik denk in het bijzonder aan kunstmatige intelligentie, met haar immense potentieel. Maar ze vraagt om verantwoordelijkheid en onderscheidingsvermogen, zodat ze werkelijk ten goede komt aan iedereen en het welzijn van de hele mensheid dient.”
Er zijn geen artikelen gevonden