fbpx
<

Geef om katholieke journalistiek

doneer
Nieuws

Paus: ‘wie trouw blijft aan God, hoeft niet bang te zijn voor de dood’

KN Redactie 23 november 2016
image
Foto: AP

De dood en de angst voor de dood horen bij het leven al is het “niet fijn aan dit soort dingen te denken”. Maar als we “trouw zijn aan de Heer, hoeven we niet bang te zijn”.

Dat zei paus Franciscus dinsdagmorgen tijdens de Mis in Casa Santa Marta. We denken niet graag aan de dood, zei hij, of aan het feit “dat na zo veel tijd bijna niemand meer aan ons denkt”, maar “het is de waarheid”. “Het is wat de Kerk ons zegt: we zullen allemaal een einde hebben”.

'Wat gaat de tijd snel'

Paus Franciscus vertelde de gelovigen tijdens de Mis dat hij in een agenda bijhoudt wanneer een familielid of vriend is overleden. “En elke dag zie ik die dag, voor wie de gedachtenis is: ‘Maar die is al twintig jaar dood! Wat gaat de tijd snel!”. Het is een gedeelde waarheid voor iedereen en, zei de paus, “zet ons ertoe aan na te denken over wat we achterlaten, welk spoor ons leven achterlaat”.

Gewetensonderzoek

Een gewetensonderzoek is nuttig en goed want, “we zullen allemaal beoordeeld worden” en iedereen zal zich “voor Jezus” bevinden. We kennen de datum niet, zei Franciscus, “maar het zal gebeuren”. We staan voor “de oproep van de Heer om serieus over het einde na te denken”.

Sommigen zullen zeggen, zei de paus: “dat maakt ons bang” en dat is logisch: “Want als jij je hart niet geneest, [...] is er misschien gevaar, het gevaar dat je zo doorgaat, verwijderd van de Heer. Dat is verschrikkelijk!”

Trouw aan de Heer

Maar voor wie bang is voor de dood, is er oplossing, benadrukte de paus: “de trouw aan de Heer, en die stelt ons niet teleur. “Als ieder van ons trouw is aan de Heer, zullen we zoals Sint Franciscus zeggen: ‘zuster dood, kom’. Het zal ons niet bang maken.”

En als de dag des oordeels komt, zei de paus, “laten we dan kijken naar de Heer” en zeggen: “Heer, ik heb heel veel zonden, maar ik heb geprobeerd trouw te zijn”. En aangezien “de Heer goed is hoeven we niet bang te zijn.” (KN)