
De verkiezingswinst van D66 heeft veel losgemaakt. Uit een peiling op de socialemediakanalen van Katholiek Nieuwsblad blijkt dat een meerderheid van de respondenten de uitslag met zorg bekijkt, vooral vanwege de standpunten van de politieke partij op medisch-ethisch terrein.
Tegelijkertijd klinkt er ook waardering voor de meer gematigde koers van D66 en de nadruk op redelijkheid en gemeenschapszin die partijleider Rob Jetten tijdens de campagne liet zien.
Mensen reageerden op de verkiezingsuitslag via de kanalen van KN op LinkedIn, Facebook, X, WhatsApp en Instagram. Het merendeel van de respondenten noemt de historische winst van D66 ‘zorgelijk’, met name vanwege kwesties als abortus, euthanasie en de vrijheid van onderwijs.
Iets minder dan een kwart vond de uitslag ‘begrijpelijk’, omdat D66 volgens hen een redelijke middenpartij is die stabiliteit in de landelijke politiek kan brengen. 13,4 procent waardeerde de overwinning positief, en 9,2 procent noemde de winst ‘jammer’, vanwege het elitaire imago van de partij waardoor ze meer afstand tot de ‘gewone burger’ zou hebben.
Op Facebook waren de reacties het felst. “Ze zijn tegen het geloof. Ze willen de kinderen juist verpesten”, schreef een volger, waarop een ander reageerde: “Wat een oordelen… We zijn de SGP niet. Ik ben al 77 jaar katholiek. Mijn liefste kleinkind is een transgender.” Een andere lezer sprak zijn afschuw uit over de “hatelijke reacties” onder het bericht, en riep op tot meer respect voor de democratische keuze van anderen.

Onder de meer beschouwende stemmen viel de reactie van een LinkedIn-volger op: “D66 is een soort kameleon, die zich links van het midden kan profileren, maar ook rechts van het midden. Een meer pragmatische dan principiële partij dus.” Ook op de Instagrampagina van jongerenplatform KN Jong werd er vooral kritisch over de partij geoordeeld en werd ook veruit het meest gestemd.
De belangrijkste reden voor de zorg onder katholieke kiezers is het medisch-ethische profiel van D66. De partij geldt in confessionele kringen vaak als symbool van moreel relativisme: voorstander van abortus, euthanasie en een verregaande scheiding van Kerk en staat.
Die gevoeligheden bleken duidelijk in de commentaren. “Met deze uitslag maak ik me zorgen over het kwetsbare menselijk leven, of het nu in de moederschoot is, mensen met psychische aandoeningen of in ouderdom”, schreef een lezer op Facebook. Een ander vatte het korter samen: “De partij van de dood.”
Toch is dat beeld volgens D66-lid en remonstrants predikant Joost Röselaers niet meer terecht. In een interview met het Nederlands Dagblad (ND) op 30 oktober zei hij dat zijn partij “niet meer antireligieus” is. “Misschien was dat in het verleden zo, maar dat zie ik nu niet meer. Nu is het meer ongemak. De jongere generatie heeft vaak geen idee wat geloven inhoudt, terwijl een oudere generatie soms antireligieuze gevoelens heeft.”
Volgens Röselaers is D66 in de afgelopen jaren veranderd: “De partij heeft ingezien dat vrijheid pas echt vrijheid is als er begrenzingen zijn. Wat mij betreft is vrijheid een startpunt voor broederschap. Je bouwt geen samenleving op mensen die alleen zichzelf willen zijn.”
Hij wijst erop dat D66, CDA en de ChristenUnie elkaar in de praktijk dichter naderen dan men vaak denkt: “Als het gaat om duurzaamheid, het opvangen van Oekraïners en internationale politiek is er veel overlap tussen die partijen. Campagneteams zoeken de verschillen op, terwijl ik ideologisch veel gemeenschappelijke ondergrond zie.”
D66-leider Rob Jetten zelf heeft katholieke wortels. Hij groeide op in het Brabantse stadje Uden en is als kind gedoopt. Via zijn oma kreeg hij een deel katholieke geloofsopvoeding mee. Hij kreeg met Sinterklaas een kinderbijbel en sprak als volwassene over zijn liefde voor “de mystiek van het katholieke geloof”. Hoewel hij het geloof niet langer praktiseert, noemt hij de tradities en rituelen “een bron van warmte en betekenis”.

Tegenover het ND zei Jetten dat hij er bewust naar streeft uit zijn eigen “D66-bubbel” te stappen. Zo ging hij in 2021 in gesprek met ChristenUnie-leider Mirjam Bikker over abortus. Dat gesprek, dat plaatsvond “onder het genot van een stapeltje stroopwafels” noemde hij “de mooiste herinnering aan die kabinetsformatie”.
Voor D66 blijft abortus volgens Jetten een “onderdeel van goede zorg”. De partij wil dat het recht op abortus – en euthanasie – wordt vastgelegd in de Grondwet, “omdat vrouwen in sommige landen in levensgevaar komen als die zorg niet toegankelijk is”. Tegelijkertijd zei hij niet te willen dat zijn partij wordt geframed “als een partij die vóór de dood is, alsof D66 onbedoelde zwangerschappen toejuicht”.
Röselaers herkent die gevoeligheid. Ook hij pleit voor meer gesprek en minder framing. “Ik vind het vervelend dat christelijke partijen en D66 zich vaak tegen elkaar afzetten”, zei hij. “Dat is onterecht. Achter de schermen is er bij D66 veel waardering voor de ChristenUnie. De partij levert goede bestuurders en houdt zich aan afspraken.”
De reacties van het KN-publiek laten zien dat die nuance in katholieke kring niet overal wordt gevoeld. Veel volgers ervaren D66 als een partij die fundamentele waarden als de heiligheid van het leven of het christelijke mensbeeld ondermijnt. Tegelijkertijd valt het op dat er – zeker bij jongere respondenten – ook nieuwsgierigheid is naar wat een “verlichte gemeenschapspartij” als D66 kan betekenen in een steeds meer gepolariseerd politiek landschap.
De kloof tussen D66 en christelijke kiezers lijkt dus tegelijk diep en poreus. Onder het wantrouwen leeft ook de wens tot gesprek. Of D66 erin slaagt dat vertrouwen te winnen, zal afhangen van de toon van haar beleid. Voor katholieke kiezers blijft vooral de vraag of de nieuwe politieke koers ruimte laat voor een gewetensvol en waardig mensbeeld.