
In Artikel 1 van de Grondwet staat dat iedereen gelijk behandeld moet worden. Een krappe meerderheid van de Tweede Kamer vindt dat de vrijheid van onderwijs niet mag botsen met dat principe, zo bleek dinsdag na een stemming over een motie over het onderwerp.
Het kabinet moet onderzoeken hoe de gelijke behandeling van leerlingen niet kan worden geschonden door de levensbeschouwelijke grondslag van een school: dat staat in de motie van VVD’er Arend Kisteman, waar de Tweede Kamer op 9 december over stemde.
Met een nipte meerderheid van 72 stemmen voor werd de motie aangenomen. Onder de 70 tegenstemmers waren de christelijke partijen CDA, SGP en ChristenUnie. Ook de PVV, Denk en JA21 stemden tegen.
Artikel 23, het artikel uit de Grondwet waarin staat dat mensen de vrijheid hebben om kinderen onderwijs te geven op basis van hun eigen overtuigingen, staat al jaren ter discussie, maar is de afgelopen maanden opnieuw onder de loep komen te liggen.
De aanleiding daarvoor is een onderzoek van het journalistieke programma Nieuwsuur uit september, waaruit blijkt dat scholieren op sommige islamitische en reformatorische scholen dingen leren die mogelijk in strijd zijn met democratische principes als gelijkheid en tolerantie. Volgens Nieuwsuur voelen sommige leerlingen zich daardoor niet veilig op school.
Kisteman had zijn motie een week geleden al ingediend, maar door de oorspronkelijke woordkeuze leek de motie in te houden dat Artikel 1 belangrijker zou zijn dan Artikel 23. Na kritiek van verschillende partijen paste hij de tekst aan.
Nadat de motie gisteren werd aangenomen, spraken de tegenstemmers opnieuw hun afkeuring uit. In tegenstelling tot hoe Kisteman het ziet, vinden zij wel degelijk dat het ene grondwetsartikel boven het andere wordt geplaatst.
“Klassieke vrijheden worden per motie bij het oud vuil gezet”, vindt SGP’er Diederik van Dijk. Ook ChristenUnie-lid Don Ceder is kritisch: “Als de VVD verschillen in opvattingen niet meer durft te verdragen, dan maak ik me grote zorgen over het besef van vrijheid en democratie.”
Demissionair staatssecretaris Koen Becking van Onderwijs zal in het voorjaar met een brief komen over de verhouding tussen Artikels 1 en 23, heeft hij de Kamer toegezegd. De tegenstemmers hebben de hoop uitgesproken dat er niets zal hoeven te veranderen.
Er zijn geen artikelen gevonden