
Paus Franciscus zag álle mensen als zonen en dochters van God. Die visie bepaalde zijn omgang met andere religies – en liet diepe sporen na.
Toen paus Franciscus in 2024 in Singapore sprak voor honderden jongeren van verschillende geloven, vatte hij zijn kijk op interreligieuze dialoog kernachtig samen: “God is God voor allen; en als dat zo is, zijn wij allemaal zonen en dochters van God.”
Die overtuiging vormde een leidraad in zijn pontificaat, vooral in zijn omgang met het jodendom en de islam – de religieuze verwanten van het christendom.
Volgens Menachem Rosensaft, jurist en zoon van Holocaustoverlevenden, bracht Franciscus “een ware ommekeer” teweeg in de relatie tussen de katholieke Kerk en het jodendom. “Hij behandelde het Joodse volk als familie.” Rosensaft wijst op Franciscus’ persoonlijke vriendschappen met joden, zoals met de Argentijnse rabbijn Abraham Skorka, en zijn diepe bewustzijn van de Holocaust, waarover de paus schrijft in zijn begin dit jaar verschenen autobiografie Hoop.

Ook rabbijn Noam Marans – die Franciscus meerdere malen ontmoette – herkent die verbondenheid. “Hij was een herder bij uitstek, die nooit moe werd van het begroeten van honderden mensen. Zijn warme relaties met Joodse leiders waren oprecht.”
Franciscus veroordeelde antisemitisme als een zonde tegen God en zei herhaaldelijk: “Hoe kan een christen antisemitisch zijn?” Een uitspraak die volgens Marans niet naïef was, maar bedoeld om de absurditeit ervan te onderstrepen: “De wortels van het christendom liggen in het jodendom.”
Hoewel ook Johannes Paulus II en Benedictus XVI belangrijke stappen zetten, bracht Franciscus volgens Rosensaft iets nieuws: “Zijn empathie, zijn respect voor het Joodse geloof en zijn vriendschappen gaven een andere lading aan de dialoog.”
Toch riepen sommige uitspraken vragen op, zoals na de aanval van Hamas op Israël in 2023. Franciscus betuigde medeleven met álle slachtoffers – zowel Israëlische als Palestijnse. Rosensaft verdedigt die keuze: “Empathie moet een totaalpakket zijn. Hoe kun je geen medeleven tonen met kinderen in Gaza?”
Rabbijn Marans erkent die pastorale intentie, maar merkte op dat sommige joden “een duidelijker onderscheid tussen Hamas en Israël” hadden gewenst.
Zeki Saritoprak, hoogleraar islamitische theologie, noemt Franciscus’ relaties met moslims “dieper en persoonlijker” dan die van zijn voorgangers. “Zijn stijl was nieuw – en navolgenswaardig.”

In 2019 ondertekende Franciscus samen met grootimam Ahmed al-Tayeb van de Egyptische Al-Azhar-universiteit een verklaring over menselijke broederschap. Die geest leeft ook voort in de encycliek Fratelli Tutti, waarin Franciscus schrijft: “Het doel van dialoog is vriendschap, vrede en harmonie, en het delen van spirituele waarden in waarheid en liefde.”
Maha Elgenaidi van de Amerikaans-islamitische belangengroep Islamic Networks Group benadrukt dat Franciscus “niet alleen sprak, maar handelde”: door zijn reizen naar moslimlanden, zijn bijeenkomsten met Palestijnse leiders en zijn warme banden met islamitische geestelijken.
“Zijn toewijding aan vrede, sociale rechtvaardigheid en menselijke broederschap stelt een hoge standaard voor toekomstige katholiek-islamitische betrekkingen”, aldus Elgenaidi. Hij zegt te hopen dat de volgende paus de relatie verder verdiept, bijvoorbeeld door samen te werken aan urgente maatschappelijke kwesties als armoede, klimaatverandering en de vluchtelingencrisis.
Ook Saritoprak deelt die hoop. “De nalatenschap van paus Franciscus en de banden die hij smeedde tussen de katholieke kerk en moslims zouden moeten voortleven”, zegt de islamitische geleerde. “Wanneer katholieken en moslims samenkomen in vrede en begrip, profiteert de hele mensheid daarvan.”
Er zijn geen artikelen gevonden