
Terwijl de wereld gespannen toekijkt, wordt achter de dichte deuren van het Vaticaan alles in gereedheid gebracht voor het komende conclaaf. Van schoorsteen tot pendelbus – een blik op de praktische voorbereidingen in en om de Sixtijnse Kapel.
Sinds 1878 vormt de eeuwenoude Sixtijnse Kapel met de beroemde fresco’s van Michelangelo het decor van ieder pauselijk conclaaf. Maar een pausverkiezing houden met zo veel kardinalen in zo’n oud monumentaal gebouw is geen sinecure.
Sinds het overlijden van paus Franciscus is er achter de schermen hard gewerkt om deze plek in gereedheid te brengen voor het conclaaf.
Neem nou de iconische schoorsteen waar iedereen straks naar zal turen voor zwarte of witte rook. Die maakt helemaal geen vast onderdeel uit van de Sixtijnse Kapel, maar werd afgelopen vrijdag speciaal voor het conclaaf op het dak geplaatst door brandweerlieden en zal daar na het conclaaf ook weer worden weggehaald.

Ook de bijbehorende kachel werd diezelfde dag geïnstalleerd; daarin worden straks na iedere stemronde de briefjes en aantekeningen van de kardinalen verbrand. Met een speciale mix van toegevoegde chemicaliën wordt de kleur bepaald.
Maar is nog meer werk verzet, dat waarschijnlijk veel minder mensen zal opvallen. Zo tipten restaurateurs de fresco’s bij – niet alleen omdat die er voor zo’n evenement nu eenmaal piekfijn moeten uitzien, maar ook omdat die de kardinalen moeten herinneren aan waar het ten diepste om draait; van de Schepping tot aan het Laatste Oordeel zijn in deze beroemde kapel afgebeeld.
Verder zijn er over de gehele vloer speciale vlonders geplaatst. Dit wordt, aldus het Vaticaan, gedaan om de marmeren vloeren te beschermen. Enigszins curieus is dat wel, als je bedenkt dat er normaal gesproken iedere dag hele hordes toeristen over diezelfde vloeren schuifelen.

Vandaag (dinsdag 6 mei) zullen de 133 bij het conclaaf aanwezige kardinalen hun tijdelijke verblijf betrekken in het Domus Sanctae Marthae, aan de andere zijde van de Sint-Pietersbasiliek. Hun mobieltjes en laptops mogen ze daar al niet mee naar binnen nemen; die krijgen ze pas na het conclaaf weer.

Het vrij sobere, door een zustercongregatie gerunde Vaticaanse gastenverblijf werd in 1996 gebouwd in opdracht van paus Johannes Paulus II, met als voornaamste doel de kardinalen huisvesten tijdens het conclaaf. Paus Franciscus maakte het verblijf beroemd omdat hij besloot er na het conclaaf te blijven wonen. Hij is er ook gestorven.
Het vijf verdiepingen tellende gebouw telt 106 suites, 22 eenpersoonskamers en een appartement. Dat is berekend op het maximaal aantal conclaafdeelnemers van 120 dat door Johannes Paulus werd vastgesteld, maar is dus te weinig voor de 133 kardinalen die nu deelnemen.
Moeten de kardinalen daarom in een stapelbed slapen? Nee, het probleem is opgelost door enkele kamers van het aanpalende oude gastenhuis erbij te betrekken.
Van het Domus Sanctae Marthae naar de Sixtijnse Kapel is maar een klein eindje lopen achterom de Sint-Pietersbasiliek, dus kardinalen kunnen en mogen dat te voet doen. Maar omdat niet alle kardinalen goed ter been zijn, kunnen ze er ook voor kiezen met een pendelbusje gebracht te worden.
Als het conclaaf begint worden de deuren en ramen gesloten en roept de ceremoniemeester: “Extra omnes!”, vrij vertaald: “Iedereen die hier niet hoort te zijn, naar buiten!” Verdere kijkjes in de keuken zijn dan echt uit den boze.
Er zijn geen artikelen gevonden