

Rondom alle herdenkingen van 80 jaar D-Day wordt ook een gedenksteen onthuld voor priesters, seminaristen en religieuzen die stierven door het oorlogsgeweld. Een parochiepriester uit Normandië is al twintig jaar bezig met het verzamelen van de indrukwekkende verhalen van met name de vrouwelijke religieuzen, die lange tijd onderbelicht bleven.
Een groep van 48 veteranen uit de VS werd op het vliegveld van Deauville-Normandië welkom geheten door de Franse first lady Brigitte Macron. De meesten van hen zijn al meer dan honderd jaar oud en komen vermoedelijk voor het laatst naar de herdenking van D-Day, dit jaar precies 80 jaar geleden.
“Welkom in Frankrijk”, zei Brigitte Macron in het Engels. Zij sprak haar “diepste respect” en “diepste liefde” uit voor de veteranen. “Jullie hebben gevochten voor onze vrijheid. Jullie zijn vastbesloten om de jongere generatie op te voeden zodat we dat nooit vergeten”, zei ze.
Ook de Amerikaanse president Joe Biden en vele andere staatshoofden wonen vandaag de officiële herdenking in Normandië bij.
De katholieke Kerk is ook vertegenwoordigd: de katholieke bisschoppen van Normandië, onder leiding van bisschop Jacques Habert van Bayeux-Lisieux, en de voorzitter van de Franse bisschoppenconferentie, aartsbisschop Éric de Moulins-Beaufort van Reims zijn van de partij.
Op 8 juni zal bisschop Habert in de kathedraal van Bayeux een marmeren plaquette inzegenen met de namen van 138 priesters, seminaristen en religieuzen die tijdens de Tweede Wereldoorlog zijn verdwenen, als slachtoffers van luchtaanvallen of gedeporteerd naar vernietigingskampen vanwege verzetsdaden.
Voor het eerst worden de namen van een honderdtal zusters geëerd die omkwamen tijdens de geallieerde bombardementen die D-Day vergezelden.
Een priester van het plaatselijke bisdom, Pascal Marie, is al sinds 2004 bezig met het verzamelen van hun namen. “De lijsten met slachtoffers die in 1944 werden opgesteld vermeldden de namen van de priesters, maar niet die van de zusters”, zo vertelt hij.

“Alleen de communiteiten werden genoemd. Ik vond het aangrijpend dat we niet eens de namen kenden van deze vrouwen die gestorven waren. Ik ben daarom op zoek gegaan naar zusters die de ontroerende en verschrikkelijke verhalen kennen over wat er toen is gebeurd. Hun getuigenissen moesten verzameld worden voor het te laat was!”
Marie begon gemeenschapsarchieven te onderzoeken en oudere zusters te interviewen.
“Het onderzoek was niet gemakkelijk, omdat de zusters naast hun burgernaam ook een kloosternaam hebben”, zei hij. Hij ondervroeg ook de families, bij wie hij veel informatie vond.
“Ons bisdom is nog sterk getekend door D-Day. We wonen in steden die na de oorlog bijna allemaal opnieuw moesten worden opgebouwd. Alle families hebben herinneringen aan deze periode die ze van hun ouders of grootouders hebben meegekregen. Dankzij de families kon ik zelfs foto’s vinden”, zegt Marie.
Onder de religieuze gemeenschappen die tragisch getroffen werden door de geallieerde bombardementen op D-Day waren de Kleine Zusters der Armen in het St. Thérèse klooster in Lisieux. Van de 17 zusters werden er 13 gedood, volgens Pascal Marie.
“Zuster Josephine, een Spaanse, had op 6 juni 1944 gezegd: ‘Als er iets gebeurt, moge de Heer mij dan de genade schenken om tot het einde te bidden.’”
‘s Nachts werd het klooster in puin gelegd door een bombardement. Op de ochtend van 7 juni hoorden reddingswerkers zuster Josephine urenlang in het Spaans bidden.
Veel van deze zusters hebben geen graf omdat hun lichamen verdwenen in de vlammen
Eén van de zusters die het overleefd had schreef later: “De rest van mijn leven zal ik me de aanblik van het lichaam van zuster Josephine herinneren toen we het ontdekten. De explosie had haar tegen een balk aan geworpen. Haar armen stijf van de dood, hief ze haar twee in elkaar geklemde handen naar de hemel.”
Marie vertelt ook over de benedictijner abdij Notre-Dame-du-Pré in Lisieux, gesticht in 1050 en in wiens school Thérèse van Lisieux had gestudeerd. Op 7 juni 1944 werden daar zo’n 20 zusters binnen enkele minuten vermoord. Het klooster werd vernietigd en daarmee ook de archieven van de duizendjarige geschiedenis.
“De moeder-overste en de onderpriorin werden gedood”, vertelt Marie. “De weinige overlevenden bevonden zich tussen de ruïnes. De verantwoordelijke voor de liturgie richtte zich tot de anderen: ‘Zusters’, zei ze, ‘ik zie dat sommigen van u hun getijdenboeken bij zich hebben gehouden. We gaan doen waarvoor we gemaakt zijn: het Goddelijk Officie zingen.’ En zo begonnen ze op 7 juni tussen de lijken de getijden te zingen.”
Op de plaquette die op 8 juni onthuld zal worden, staan ook de namen van seminaristen en priesters die in de strijd zijn gedood of gedeporteerd omdat ze lid waren van het verzet.
“Onder hen is pater Jean Daligault, een zeer aangrijpend figuur”, legt Marie uit. “Hij werd in 1941 gearresteerd door de Gestapo, naar de gevangenis gestuurd en vervolgens naar een concentratiekamp. Hij stierf in Dachau, in april 1945, in zijn achterhoofd geschoten de dag voordat het kamp werd bevrijd.”
“Na zijn dood ontdekte men dat hij in de gevangenis en in het kamp was blijven schilderen. Hij gebruikte alle materialen die hij tot zijn beschikking had, het stro van zijn matras, snippers krantenpapier en roest voor zijn verf. Hij raakte bevriend met een Duitse priester die in het geheim de werken van pater Daligault naar buiten bracht.”
Meer dan 150 werken van de Franse martelaar-priester werden uiteindelijk verzameld. “Hij schilderde het leven in de kampen, maar ook zelfportretten die zijn fysieke achteruitgang tonen.” Deze indrukwekkende getuigenissen zijn nu te zien in het museum van Besançon in het oosten van Frankrijk.
“Het is erg ontroerend om aan al die burgerslachtoffers te denken”, zegt de Normandische priester. “Onder hen droegen de vergeten zusters op hun eigen manier bij aan de inspanningen van iedereen die Frankrijk hielp bevrijden. De marmeren plaquette met hun namen zal veel families raken. Veel van deze zusters hebben geen graf omdat hun lichamen verdwenen in de vlammen.”
Paus in boodschap op D-Day: ‘Mensheid heeft een kort geheugen’Nu het 80 jaar geleden is dat zo’n 4.400 geallieerde soldaten in Normandië “heldhaftig hun leven gaven” voor de vrijheid, zo zei paus Franciscus, herinneren de herdenkingen van D-Day de wereld eraan dat het verstoren van de vrede vanuit wereldse belangen een ernstige zonde is. Het nastreven van “ideologische, nationalistische of economische ambities” ten koste van vrede “is een ernstige fout tegenover de mensheid en de geschiedenis, een zonde tegenover God,” schreef de paus in een boodschap aan bisschop Jacques Habert van Bayeux en Lisieux, wiens bisdom de stranden omvat waar geallieerde troepen op 6 juni 1944 landden. De boodschap van de paus werd 5 juni voorgelezen tijdens een oecumenische gebedsdienst in de kathedraal van Bayeux. Prinses Anne van Groot-Brittannië woonde de viering bij met de ambassadeurs in Frankrijk van Groot-Brittannië, Australië, Nieuw-Zeeland en Canada. Terwijl de herinnering aan de oorlog vroeger de vastberadenheid van mensen versterkte om niet nog een wereldwijd conflict uit te lokken, “stel ik met droefheid vast dat dit vandaag de dag niet meer het geval is en dat de mensheid een kort geheugen heeft”, schreef de paus. “Moge deze herdenking ons helpen het te herstellen!” |
Er zijn geen artikelen gevonden