
In Rome waren afgelopen weekend twee gezichten van dezelfde universele Kerk te zien, in bijeenkomsten van ‘traditionele’ en van ‘synodale’ gelovigen. Alle blikken zijn nu gericht op paus Leo: hoe gaat hij om met dit spanningsveld?
Het is verleidelijk om er een ‘botsing van beschavingen’ in te zien: precies op het moment dat in Rome een jubeljaarviering werd gehouden voor mensen die bij het wereldwijde synodale proces betrokken zijn, kwamen ook traditionalisten van over de hele wereld in de Eeuwige Stad samen voor hun jaarlijkse Summorum Pontificum-bedevaart.
‘Vernieuwers’ versus ‘reactionairen’ in hetzelfde weekend in de Sint-Pieter? Als dat maar goed gaat… Maar het ging goed, voor zover bekend vonden er geen kerkelijke knokpartijen plaats.
Sowieso verdient het beeld van de botsende beschaving wel enige nuancering; want doen alsof ‘synodaliteit’ alleen maar om ‘vernieuwen’ draait, is even karikaturaal als doen alsof traditionalisten alleen maar de klok willen terugdraaien.
In feite is het toevallige samenkomen van deze twee ‘feestjes’ in Rome eerder een bewijs dat de Kerk het allebei is: synodaal én traditioneel.
Meer nog, onze katholieke traditie is ten diepste synodaal, dat wil zeggen: door de gehele kerkgeschiedenis heen is het de grote opgave geweest om verschillende culturen, verschillende visies en kerkopvattingen, soms zeer uiteenlopende verschijningsvormen van katholicisme met elkaar samen onder één dak, samen aan één tafel te krijgen.
Precies dat hield paus Leo XIV de aanwezigen in de Mis in de Sint-Pieter afgelopen zondag ook voor – de ‘synodalen’ zaten toen in de kerkbanken, maar hij had het evengoed tegen de ‘traditionelen’ kunnen hebben die er een dag eerder zaten, toen kardinaal Burke daar voorging in de oude Mis.

Katholieken anno nu, aldus de paus, moeten leven “met vertrouwen en een nieuwe geest te midden van de spanningen die het leven van de Kerk doorkruisen: tussen eenheid en verscheidenheid, traditie en vernieuwing, autoriteit en participatie. We moeten de Geest toestaan deze te transformeren, zodat ze geen ideologische tegenstellingen en schadelijke polarisaties worden.”
Dat is makkelijker gezegd dan gedaan natuurlijk. Van bisschoppen – en zeker de bisschop van Rome – vraagt deze spanning tussen traditie en vernieuwing in de praktijk een kunstige balanceeract op een zeer dun koord.
In de omgang met het traditionalisme koos Benedictus voor het compromis: hij stond de Mis in de oude, ‘buitengewone’ vorm toe naast de ‘gewone’ Mis zoals die na Vaticanum II is geformaliseerd. Paus Franciscus concludeerde dik een decennium later dat de eenheid er niet door bevorderd was en gooide het roer weer om. De ‘buitengewone’ ritus mocht van hem echt alleen bij heel hoge uitzondering en niet zonder expliciete toestemming gevierd worden.
Van meet af aan was de vraag: hoe gaat Leo hiermee om? Dat er afgelopen weekend weer een oude Mis gevierd mocht worden in de Sint-Pieter, wat sinds 2022 niet meer gebeurd was, werd door traditionalisten natuurlijk gezien als voorzichtige overwinning. En zijn eigen woorden een dag later geven wel een vermoeden waarom hij het heeft toegestaan: Leo wil de binnenkerkelijke polarisatie te boven komen.
Maar dat is iets anders dan ‘de lieve vrede bewaren’, dat weet de huidige paus ook wel. Hij wil, zo zei hij ook tijdens de Mis in de Sint-Pieter gisteren, komen tot een nieuwe gezamenlijkheid, tot een “uitzuivering in de Geest” van nieuwe bewegingen, “zodat ze in harmonie kunnen worden gebracht en gericht op een gemeenschappelijke onderscheiding”.
Dat klinkt misschien wat cryptisch, maar de terminologie die Leo hanteert is eerder die van Franciscus dan van Benedictus.
Het lijkt er sterk op dat Leo het traditionalisme ziet en waardeert voor wat het paradoxaal genoeg ten diepste inderdaad is: een kerkelijke vernieuwingsbeweging. Te prijzen om het nieuwe elan dat ze kan brengen en de wijze waarop ze omgaat met de uitdagingen van deze nieuwe tijd, maar ook altijd enigszins te wantrouwen om de felle ijver waarmee ze dat doet en hoe ze zich afzet tegen andersdenkenden.
Vernieuwers hebben doorgaans weinig geduld voor trage synodale processen, voor luisteren naar verschillende stemmen en perspectieven. Ze nemen geen genoegen met halve maatregelen en compromissen; hun vernieuwingsimpuls komt nu juist vaak voort uit onvrede met eerdere compromissen. Ze pleiten voor ‘zuiverheid’, wat per definitie op gespannen voet staat met de rommelige veelkleurigheid en voorlopigheid die een (echte) traditie altijd met zich meebrengt.
Paus Leo liet dit weekend iets zien van hoe hij op dat dunne koord vooruit wil komen. Maar het koorddansen is zeker nog niet voorbij.
Er zijn geen artikelen gevonden