Een traditie van eeuwen­ tegenover de waan van de dag

Lees al vanaf 0,20 p/d

Analyse

Stoelendans moet Vaticaanse top een schone lei bezorgen

V.l.n.r.: Paolo Rudelli, de nieuwe substituut van het Vaticaans Staatssecretariaat; Edgar Peña Parra, de scheidend subsituut; Petar Rajič, de nieuwe prefect van de Pauselijke Huishouding.
Foto's: OSV News - Massimiliano Migliorato, CPP/Paul Haring, CNS/Alessia Giuliani, CPP

Het is misschien wel zijn meest significante personeelswissel tot nu toe: paus Leo XIV maakte deze maandag een drietal benoemingen bekend in de top van het Vaticaanse staatssecretariaat en de pauselijke huishouding.

Aartsbisschop Edgar Peña Parra, tot op heden sostituto (officieel: ‘substituut voor algemene aangelegenheden’, zeg maar de Vaticaanse minister van Binnenlandse Zaken), wordt pauselijk nuntius van Italië en San Marino. Daar volgt hij de Kroatisch-Canadese aartsbisschop Petar Rajič op, die op zijn beurt hoofd wordt van de Prefectuur van de Pauselijke Huishouding. Die positie was vacant sinds 2023, toen paus Franciscus aartsbisschop Georg Gänswein uit Rome wegpromoveerde.

De nieuwe sostituto op het Staatssecretariaat ten slotte, is de Italiaanse aartsbisschop Paolo Rudelli, die jarenlang vertegenwoordiger was van de Heilige Stoel bij de Raad van Europa in Straatsburg, en de laatste jaren nuntius in Zwimbabwe en Colombia.

Frisse wind

Met de keuze voor Rajič en Rudelli laat Leo duidelijk zien dat hij met een schone lei wil beginnen; ze zijn beide echte diplomaten met een bewezen staat van internationale dienst. Maar zeker geen Vaticaanse insiders of flamboyante carrièretijgers, eerder stille krachten van wie Leo zal hopen dat ze een frisse wind kunnen laten waaien in het Romeinse bestuursapparaat.

advertentie

Nu gold dat laatste indertijd voor de Venezolaan Peña Parra evenzeer. Ook die werd in 2018 als internationaal ervaren diplomaat en buitenstaander door Franciscus naar Rome gehaald, om zijn door de financiële schandalen in ongenade gevallen vertrouweling kardinaal Becciu te vervangen.

Zelf vuile handen

Peña Parra moest schoon schip maken, maar kon daarbij niet verhinderen ook zelf vuile handen te maken. Zo werd in 2023 bekend dat hij de directeur van de Vaticaanse bank zonder toestemming had laten bespioneren. En voor een Engelse rechtbank moest hij een jaar later toegeven dat hij in het Vaticaanse vastgoedschandaal dat de val van zijn voorganger had ingeluid, zelf ook willens en wetens spookfacturen had goedgekeurd.

Maar de ergste smet op zijn blazoen was wel zijn poging om een Argentijnse priester die was veroordeeld voor seksueel misbruik te rehabiliteren, waarbij hij het plaatselijke bisdom buitenspel probeerde te zetten. Deze ongeoorloofde inmenging in een misbruikzaak, volgens sommigen ondernomen op verzoek van paus Franciscus zelf, werd op het laatste moment verhinderd door een machtswoord van het Dicasterie voor de Geloofsleer.

Zonder gezichtsverlies

Het was sindsdien al wel duidelijk dat de positie van Peña Parra als sostituto onhoudbaar was geworden, en dat het Vaticaan zou gaan zoeken naar een elegante manier om zonder wederzijds gezichtsverlies van hem af te komen.

Volgens vaticanist Ed Condon van The Pillar is de nuntiatuur van Italië daarvoor de perfecte keuze: men houdt Peña Parra zo letterlijk en figuurlijk dichtbij het Vaticaan, de functie is belangrijk en eervol genoeg om niet als een demotie te worden ervaren, maar hij kan er toch ook weinig schade berokkenen.

Volgens het boekje

En wat paus Leo XIV met deze stoelendans wil bereiken, zal ook helder zijn: hij wil de curiehervormingen van zijn voorganger voortzetten, door ervaren bestuurders van buitenaf naar Rome te halen. Maar anders dan Franciscus kiest hij daarbij nadrukkelijk voor diplomaten die dat ‘volgens het boekje’ willen doen, en hopelijk zonder nieuwe brokken te maken.