fbpx
<

Geef om katholieke journalistiek

doneer
image
Een maronitische priester troost nabestaanden van slachtoffers van de explosie in de haven van Beiroet. Foto: CNS Photo - Mohamed Azakir, Reuters
Analyse

Zolang de politieke impasse voortduurt, wacht Libanon tevergeefs op zijn verrijzenis

Benoit Lannoo 5 augustus 2021

De minuut stilte, gisterenavond om zeven over zes in Beiroet, was er een van hoop maar ook van ingehouden woede. Precies een jaar geleden eiste een immense explosie in de haven tweehonderd mensenlevens en maakte ze een kwart miljoen mensen dakloos. Een jaar later hangt Libanon nog altijd in de touwen.

Het is niet toevallig dat bij de oecumenische herdenkingsdienst woensdagavond in de Libanese hoofdstad Beiroet geen politici aanwezig waren. De maronitische patriarch, kardinaal Béchara Boutros Raï, leidde de ceremonie, in aanwezigheid van de verantwoordelijken van de soennieten, de sjiieten en de druzen in Libanon. Maar president Michel Aoun liet zich niet zien, net zomin als de ontslagnemende regering of de kersverse nieuwe premier of andere autoriteiten.

Tijdens de Eucharistieviering voor de slachtoffers na de minuut stilte stonden 25 bisschoppen en 150 priesters naast patriarch Raï en de pauselijke nuntius, de Maltese aartsbisschop Joseph Spiteri, maar ook daar was president Aoun – hoewel zoals de grondwet voorschrijft een maronitisch christen – niet welkom.

Verlamd politiek model

Het Libanese model, dat na de burgeroorlog (1975-1990) ook in de grondwet werd verankerd, is nochtans uniek voor het Midden-Oosten. Libanon is het enige land in de regio waar godsdienstvrijheid verzekerd is; de politieke macht is er verkaveld over achttien verschillende religieuze gemeenschappen.

Maar dat model kreunt al langer. Het gaat ten onder aan demografische verschuivingen sinds de vier miljoen Libanezen naast een half miljoen Palestijnse vluchtelingen ook nog eens minstens anderhalf miljoen Syriërs opvangen. Het gaat ten onder aan cliëntelisme en corruptie.

Maar het gaat vooral ten onder aan zichzelf: een consensusmodel verlamt zodra de leiders van de gemeenschappen er niet meer in slagen een consensus te bereiken.

“De drie grootste groepen van het land - christenen, sjiieten en soennieten - hebben elkaar in een politieke houdgreep”

Zure kers op beschimmelde taart

Al sinds oktober 2019 gaat de Libanese jeugd regelmatig de straat op onder de slogan Thawra thawra – ‘Revolutie revolutie’. De Libanese politici, grotendeels voormalige militieleiders uit de tijd van de burgeroorlog, kregen de zware monetaire en economische crisis maar niet onder controle. Daar kwam de coronapandemie nog bovenop. En ten slotte, als de zure kers op een beschimmelde taart, de ontploffing, op 4 augustus 2020, van 2750 ton onzorgvuldig opgeslagen ammoniumnitraat in de haven.

Het was de zwaarste niet-nucleaire explosie ooit en de balans was onnoemlijk zwaar: zowat 220 doden en meer dan 6500 gewonden. Minstens een kwart miljoen mensen werd van het ene moment op het andere dakloos.

Niemand gelooft de president nog

In een televisietoespraak heeft president Aoun nog maar eens beloofd dat de verantwoordelijken voor de catastrofe berecht zullen worden. Maar niemand gelooft hem nog. Het onderzoek zit muurvast. De onderzoeksrechter die de voormalige premier en drie ministers wilde aanklagen voor nalatigheid is door het Hof van Cassatie in februari van de zaak gehaald, omdat ook zijn huis door de explosie werd verwoest en hij vooringenomen zou zijn.

Intussen sijpelen steeds meer aanwijzingen door dat ook Aoun zelf al langer op de hoogte was van de onveilige opslag van de uiterst explosieve vracht. Die was afkomstig van een Moldavisch-Russisch schip dat in 2013 met mechanische problemen in Beiroet was gestrand. Deze catastrofe had inderdaad perfect vermeden kunnen worden.

https://www.us12.list-manage.com/subscribe/post?u=d22144bf286104d517b638301&id=b3f10e4ed1

Geen regering, geen pausbezoek

“Uitzien naar de Verrijzenis”: paus Franciscus nam gisteren bij zijn woord van troost aan het Libanese volk tijdens de algemene audiëntie in Rome, de uitdrukking in de mond die je in het ‘Land van de Ceder’ voortdurend hoort.

Maar de Libanezen lopen op hun tandvlees en vooral de meest dynamische jongeren verlaten steeds vaker hun moederland. Talloze internationale donoren zijn niet happig om met veel geld over de brug te komen, zolang er geen stabiele regering is om de heropbouw in goede banen te leiden.

Kardinaal Raï bevestigt het met zoveel woorden: “Paus Franciscus wil de Libanezen graag ter plekke een hart onder de riem komen steken, maar als er geen regering is om hem te ontvangen, kan dat niet.”

Politieke houdgreep

De verrijzenis van Libanon laat dus op zich wachten, zolang de politieke impasse in Beiroet niet doorbroken wordt. De drie grootste groepen in het land hebben elkaar in een houdgreep: de christelijke politici die met hun maronitische president de premier benoemen, de soennieten die volgens de grondwet de premier leveren die een kabinet moet vormen, en de sjiieten die de voorzitter van het parlement hebben maar schatplichtig zijn aan het militante Hezbollah, en dus onder druk staan van Iran.

Deze drie partijen blijven elkaar zonder doorbraak beloeren, ondanks druk, enerzijds van de straat en anderzijds van de internationale gemeenschap. Daarbij neemt president Emmanuel Macron van oud-kolonisator Frankrijk het voortouw, maar ook hij krijgt geen grip op de Libanese politieke elite.

https://www.kn.nl/abonnementen/

Ontsnappen aan de armoede

Het zal de gewone Libanezen trouwens allemaal worst wezen. Zij willen uit de armoede ontsnappen: de helft van de bevolking leeft momenteel onder de armoedegrens, twee jaar geleden was dat een kwart. Ze willen de vrije val van het Libanese pond gestopt zien en hun koopkracht gevrijwaard, zij willen het banksysteem hersteld zien, zij willen dat er nieuwe woningen en infrastructuur wordt gebouwd, zij willen verrijzen...

Op een donorconferentie die Macron samen met de Verenigde Naties opzette, werd zowat driehonderd miljoen euro voor Libanon opgehaald. Dat zijn ‘peanuts’, de eigenlijke schade van de explosie wordt meer dan drie miljard geschat.

Concrete daden

“Er zijn geen woorden nodig, maar concrete daden”, zei paus Franciscus gisteren nog. Alleen de niet-gouvernementele hulporganisaties nemen die woorden momenteel echt ter harte.

Caritas International maakte intussen 1,5 miljoen euro over aan haar Libanese zusterorganisatie. Kerk in Nood maakte 2,7 miljoen euro vrij voor de wederopbouw van kerkgebouwen en voegde daar nog eens 2,2 miljoen euro noodhulp aan toe. L’Œuvre d’Orient heeft 85 concrete projecten gedetecteerd en daar al 2,4 miljoen euro aan besteed. Ook stuurde de Franse hulporganisatie twintig jonge vrijwilligers naar Beiroet om een handje te helpen in dispensaria, hospitalen en scholen.

https://www.kn.nl/donaties/