
“Het is mooi geweest”, zo kopt het persbericht waarmee het Contact Rooms-Katholieken (CRK) zijn opheffing bekendmaakt.
Voor de meeste oudere lezers zal het gesneden koek zijn, maar ik schat zomaar in dat de meeste jonge katholieken niet weten wat het CRK überhaupt was en wat er dan precies mooi is geweest. Nou, het CRK ontstond medio jaren tachtig, toen het pontificaat van Johannes Paulus II de Nederlandse katholieken hevig verdeelde.
We zijn te klein geworden om ons nog de luxe van een richtingenstrijd te kunnen veroorloven
De Acht Meibeweging (AMB) ontstond in diezelfde tijd als een proteststem van progressieve katholieken tegen wat zij zagen als een conservatief reveil uit Rome. Het CRK profileerde zich als beweging van katholieken die juist trouw wilden zijn aan paus en bisschoppen, en werd daarom al snel als conservatieve tegenhanger van de AMB gezien. Gold het tijdschrift De Bazuin indertijd als officieuze spreekbuis van de AMB, dan was Katholiek Nieuwsblad dat van het CRK.
Zo is het allang niet meer; ondergetekende KN-hoofdredacteur begon zijn journalistieke loopbaan rond de eeuwwisseling nota bene bij De Bazuin, en toen al was die polarisatie van weleer voorbij. De AMB hief zichzelf al in 2003 op, en hoewel het CRK officieel nu pas ophoudt was 2003 ook het jaar van de laatste landelijke CRK-dag.

Volgens mij zijn we als katholieke gemeenschap in Nederland te klein geworden om ons nog de luxe van een richtingenstrijd te kunnen veroorloven.
Sowieso: ik bemerk bij mezelf en beluister ook bij vele anderen een moeite om zichzelf als ‘progressieve’ of ‘conservatieve’ katholiek te beschrijven. Die beide bijvoeglijke naamwoorden zijn te beperkend voor een religieuze identiteit die per definitie groter is dan zulke politieke plaatsbepalingen, groter dan onze eigen opvattingen, ja groter dan wijzelf zijn.
Ik hoor het veel katholieken zeggen, en ik zeg het van harte na: “Ik ben gewoon katholiek!”
Wat niet wil zeggen dat er nu geen polarisatie meer bestaat natuurlijk. Daarbij worden weliswaar wederom vaak die termen van ‘conservatief’ en ‘progressief’ gehanteerd, maar er is toch een belangrijk verschil met de polarisatie van toen. De Achtmei’ers en CRK’ers van weleer deelden ondanks hun verschillen van opvatting nog in hoge mate eenzelfde ondergrond van katholieke cultuur, opvoeding, catechese: ze deelden eenzelfde ‘Rijke Roomse’ achtergrond.
Katholieken die nu grofweg onder de vijftig zijn, zijn al opgegroeid op levensbeschouwelijk verschraalde bodem, in een cultureel en religieus zeer versnipperde maatschappij. Zeker de jongste generatie kreeg amper iets ‘van huis uit’ mee en moest alle religieuze vorming via internet bijeen scharrelen. De positieve kant daarvan is dat zij gewend zijn aan verschillen en er misschien wat minder van schrikken. De negatieve kant is dat zij vaak een gedeelde taal missen om op een fatsoenlijke manier over meningsverschillen te kunnen praten. Het discours wordt dan vanzelf hatelijker, giftiger, onverzoenlijker – en daarmee allesbehalve christelijker.
Ja, we zijn ‘gewoon katholiek’, maar wat betekent dat nou eigenlijk als katholiek zijn allerminst gewoon is? Het is mooi geweest met die oude polarisatie, gelukkig maar. Maar de nieuwe polarisatie is nog maar net begonnen. Kunnen we ook daarin nieuwe gedeelde grond vinden, een manier om ‘gewoon’ te doen?
![]() | Lees meer!Dit commentaar is afkomstig uit Katholiek Nieuwsblad van deze week. |
Er zijn geen artikelen gevonden