fbpx
<

Geef om katholieke journalistiek

doneer
Essay

Waarom morrelen aan het biechtgeheim de strijd tegen misbruik niet verder helpt

Pater Hans Zollner s.j. 23 december 2021
image
Foto: CNS Photo - Chaz Muth

Als in een land kerkelijk misbruik aan het licht komt, gaat het al snel over het opheffen van het biechtgeheim. Een van de belangrijkste Vaticaanse misbruikbestrijders pleit er daarom voor het sacrament van boete en verzoening inzichtelijker te maken voor gelovigen, biechtvaders en mensen buiten de Kerk.

Het recente rapport over seksueel misbruik in de Franse Kerk riep de vraag op die ook al was gerezen na de publicatie van soortgelijke rapporten in Australië, Ierland, de Verenigde Staten en elders: moet een priester die tijdens de biecht hoort van seksueel misbruik van een minderjarige, verplicht worden dit te melden aan de wereldlijke autoriteiten?

Fundamentele vragen

Hoewel de katholieke Kerk niet verwacht dat haar wetten boven die van de staat worden gesteld, werpen de pogingen om het biechtgeheim te schrappen fundamentele vragen op over de vrijheid van godsdienst en geweten. Er is geen overtuigend bewijs dat misbruik wordt voorkomen door het biechtgeheim op te heffen.

Zoals aartsbisschop Éric de Moulins-Beaufort, de voorzitter van de Franse bisschoppenconferentie, zei na de publicatie van het Franse rapport: “Het is noodzakelijk de aard van de biecht te verzoenen met de noodzaak om kinderen te beschermen.” Dat is niet gemakkelijk wanneer de discussie zo emotioneel geladen is en er veel misverstanden bestaan over de aard van de biecht in de Kerk.

https://www.us12.list-manage.com/subscribe/post?u=d22144bf286104d517b638301&id=b3f10e4ed1

Canon 983, paragraaf 1 van het kerkelijk wetboek geeft een zo duidelijk mogelijke definitie van het biechtgeheim: “Het biechtgeheim is onschendbaar; daarom is het de biechtvader ten strengste verboden met woorden of op welke andere wijze en om welke reden ook over de boeteling ook maar iets bekend te maken.”

Een priester mag het biechtgeheim niet schenden om zijn eigen leven te redden, niet om zijn goede naam te beschermen, niet om het leven van een ander te redden en niet om de rechtsgang te bevorderen. Priesters die het biechtgeheim wel schenden, worden automatisch geëxcommuniceerd.

Vrij

Het absolute biechtgeheim verklaart waarom mensen zich vrij voelen om in de biecht dingen te zeggen die ze nergens anders zouden zeggen. Sommigen zien het vasthouden aan de onschendbaarheid van het biechtgeheim als een bevestiging dat de Kerk de veiligheid en het welzijn van kinderen niet vooropstelt. Soms wordt verondersteld dat daders van seksueel misbruik hun misdaden in de biechtstoel kunnen onthullen, absolutie kunnen krijgen en dan zonder enige consequenties door kunnen gaan met misbruik plegen.

“Het is juist omdat hun anonimiteit gewaarborgd is dat mensen gaan biechten”
- Pater Hans Zollner s.j.

Het is waar dat sommige slachtoffers zijn misbruikt in de context van het sacrament van boete en verzoening – een ernstig delict in het kerkelijk recht. Het is ook waar dat in de loop der eeuwen priesters zijn gemarteld omdat zij weigerden de eisen van wrede regimes op te volgen en geheimen uit de biecht te onthullen.

De discussie over het biechtgeheim is aan beide zijden zwaar emotioneel geladen, temeer daar het gaat om zeer gevoelige kwesties, zoals schaamte, privacy en persoonlijke verantwoordelijkheid.

Diepgeworteld maar niet waar

Misschien helpt het als we een aantal zaken onderscheiden en verduidelijken. Ten eerste kunnen degenen die in de biecht over misbruik spreken daders zijn, slachtoffers, of mensen die weten van misbruik door anderen. In elk van deze gevallen kan het misbruik jaren of decennia geleden hebben plaatsgevonden, of nog steeds voortduren.

Er bestaat een aantal diepgewortelde ideeën over de biecht die gewoonweg niet waar zijn. Met uitzondering van gevangenisaalmoezeniers is het hoogst onwaarschijnlijk dat priesters ooit ook maar een bekentenis zullen horen van iemand die kinderen seksueel heeft misbruikt. Slechts één priester heeft mij ooit verteld dat hij de biecht van een dader had gehoord – en dat was maar een keer.

Veilige plaatsen

Men schijnt te denken dat katholieken vaak biechten. In feite is het tegenwoordig zelfs in de steden vaak moeilijk een plek te vinden om te biechten. Velen beseffen niet dat de priester de persoon in de biechtstoel meestal niet kent, en hem of haar niet kan dwingen zijn of haar identiteit prijs te geven.

https://www.kn.nl/abonnementen/

Het is juist omdat hun anonimiteit gewaarborgd is, dat mensen gaan biechten. Als je dat wegneemt, zouden nog maar weinig mensen gaan – en zeker geen dader die het risico loopt gearresteerd te worden. Als een gelovige, toevallig of uit vrije wil, komt biechten bij een persoon die hem of haar kent, is het nog onwaarschijnlijker dat hij of zij het misbruik zou opbiechten.

Als mensen er niet absoluut zeker van kunnen zijn dat wat er in de biecht gezegd wordt, vertrouwelijk blijft, mogen we vrezen dat een van de weinige veilige plaatsen waar iemand over misbruik kan praten, verloren gaat.

Oprecht berouw

De absolutie – de vergeving van zonden – is verbonden aan de eis dat aan de voorwaarden van een geldige biecht is voldaan: oprecht berouw, duidelijke biecht, voldoende genoegdoening. De absolutie kan niet worden verleend als aan een van deze voorwaarden wordt getwijfeld. Met andere woorden, als iemand misbruik opbiecht, moet de biechtvader de absolutie onthouden, tenzij de biechteling tekenen van oprecht berouw toont en de bereidheid toont om het aangerichte kwaad goed te maken.

Vrijuit spreken

Niettemin kan volgens de leer van de Kerk het biechtgeheim niet worden geschonden wanneer een priester in de biecht van misbruik of een ander ernstig misdrijf hoort, zelfs als niet aan deze voorwaarden is voldaan en hij de absolutie niet kan geven.

Daarom mag bijvoorbeeld een rector van een seminarie de biecht van een seminarist niet horen. Hij kan dan vrijuit spreken in discussies over de vraag of de kandidaat moet worden voorgedragen voor de wijding, zonder te worden gecompromitteerd door de verplichtingen van het biechtgeheim.

Verantwoordelijkheid nemen

Hoewel de absolutie volgens het kerkelijk recht niet gebonden kan zijn aan een voorwaarde zoals zich aangeven bij de politie, moet de biechtvader alles doen wat hij kan om een dader ervan te overtuigen verantwoordelijkheid te nemen voor wat hij of zij heeft gedaan.

Aandringen op aangifte

Dit houdt onder meer in dat hij moet proberen de dader buiten de biechtstoel te ontmoeten, waar de priester hem kan uitnodigen opnieuw over het gepleegde misdrijf te praten en er bij hem op aan te dringen zich aan te geven.

https://www.kn.nl/abonnementen/

Als een slachtoffer komt biechten, kan de biechtvader aanbieden hem of haar buiten de biechtstoel te ontmoeten of hem of haar wijzen op de beschikbare steun en verdere begeleiding van therapeuten en advocaten.

Instrument in strijd tegen misbruik

Als de Kerk er niet in slaagt beter uit te leggen dat zij misbruikers of andere zware criminelen niet uit handen van justitie houdt en waarom het biechtgeheim juist kan helpen kinderen en kwetsbare volwassenen te beschermen, kan de staat gaan tornen aan de onschendbaarheid van het biechtgeheim.

Als de Kerk meer zou doen om biechtvaders te helpen empathische luisteraars en bekwame uitleggers van haar morele leer te zijn, zou duidelijker worden dat de biecht een instrument kan zijn in de strijd tegen misbruik. Het zou leiden tot een beter begrip van de biecht en meer vertrouwen in biechtvaders.

Vaticaanse instructie nodig

Ik stel voor dat het Vaticaan een nieuwe instructie voor biechtvaders overweegt. Daarin zou de verplichting moeten worden herhaald om de wetten voor het melden van misbruik buiten de biechtstoel te respecteren. Ook zou het biechtgeheim opnieuw moeten worden bevestigd.

image
Pater Hans Zollner s.j. Foto: CNS Photo - Gregory A. Shemitz

Het zou de persoonlijke verantwoordelijkheid benadrukken van de noodzaak om specialistische hulp in te schakelen; welke procedures een biechtvader moet volgen wanneer een persoon – dader of slachtoffer – instemt met een ontmoeting buiten de biechtstoel; en welke training, steun en begeleiding biechtvaders nodig hebben om te kunnen omgaan met morele en juridische principes die soms niet gemakkelijk verenigbaar zijn.

Het probleem aanpakken

Het debat over het biechtgeheim staat in de context van de verhouding tussen staat en Kerk (en andere religieuze instellingen) in een seculiere, liberale staat. Vanwege de plaag van seksueel misbruik door geestelijken en de overtuiging in Europa en Noord-Amerika dat de Kerken er niet in geslaagd zijn dit probleem naar behoren aan te pakken, groeit het gevoel dat de staat moet ingrijpen.

Spanning tussen Kerk en staat

Dit heeft geleid tot een spanningsveld tussen Kerk en staat, dat om een zorgvuldig evenwicht vraagt tussen respect voor de wetshandhaving van de staat enerzijds, en respect voor de godsdienstvrijheid anderzijds. Een gezonde seculiere samenleving erkent dat de verleiding bestaat voor de staat om ‘door te draven’ met betrekking tot religieuze gemeenschappen, terwijl een gezonde Kerk weet hoe zij de keizer moet geven wat de keizer toekomt (vlg. Mt. 22,21).

Een gewijde ruimte

Het biechtgeheim creëert een gewijde ruimte waarin een boeteling volledig vrij is om alles wat op zijn geweten ligt voor God te brengen en – als hij berouw toont – vergeving, verzoening en genezing te vinden. Dat het biechtgeheim in het verleden een voorwendsel is geweest voor misbruik en andere misdaden, mag er niet toe leiden dat een kanaal van genade terzijde wordt geschoven.

Tact en beredeneerde argumenten

De complexe vragen rond het biechtgeheim moeten echter met tact en beredeneerde argumenten worden beantwoord, binnen de context van een wederzijds vertrouwensvolle relatie tussen Kerk en staat.

Misschien wordt het tijd dat de Kerk duidelijkere instructies geeft over het sacrament van boete en verzoening, zodat gelovigen, biechtvaders en mensen buiten de Kerk het beter begrijpen als een plaats van veiligheid, genezing en gerechtigheid. (Vertaling Susanne Kurstjens)

Pater Hans Zollner is jezuïet, psycholoog en theoloog. Hij is hoogleraar aan de Pauselijke Universiteit Gregoriana en gespecialiseerd in het bestrijden en voorkomen van seksueel misbruik. Dit artikel verscheen eerder in The Tablet en is overgenomen met toestemming van de uitgever en de auteur.