Een traditie van eeuwen­ tegenover de waan van de dag

Lees al vanaf 0,20 p/d

Interview

Bisschop-elect Ronald Cornelissen: ‘Ik hoop een stabiele factor te kunnen zijn voor dit bisdom’

Ronald Cornelissen stelt zich voor in de Sint-Jozefkathedraal van Groningen op 7 juli.
Foto: Jaspar Moulijn

Hij is de eerste door paus Leo XIV benoemde bisschop in Nederland: Ronald Cornelissen. Hij hoopt rust te brengen in het bisdom Groningen-Leeuwarden, maar ook missionaire ijver. “Ik ben een uitgesproken optimistische katholiek.”

“Gewend aan het idee? Welnee, dat zal nog wel een paar weken duren”, lacht Ronald Cornelissen. Met hetzelfde goede humeur als waarmee hij zich zo-even aan publiek en pers heeft voorgesteld in Groningen, staat hij in één moeite door ook KN te woord. En vertelt, om te beginnen, hoezeer hij ook zelf verrast was toen hij nog maar een week daarvoor “onder valse voorwendselen” bij de nuntius werd uitgenodigd, om daar te horen te krijgen dat paus Leo hem wilde benoemen als nieuwe bisschop van Groningen-Leeuwarden.

We moeten een missionaire én een synodale Kerk zijn

“Natuurlijk moest ik er wel even over nadenken, maar ik heb toch volmondig ja gezegd. Als je door de paus gevraagd wordt dan moet je wel hele goede argumenten hebben om nee zeggen. En ik heb eerder meegemaakt dat ik ergens goed zat en niet weg wilde, maar dan toch uiteindelijk blij was dat ik ja had gezegd wanneer er een beroep op me werd gedaan.”

Bij de presentatie zei u enerzijds dat u niet te veel wilde veranderen, eerst maar eens rustig ging luisteren naar wat er leeft in het bisdom. Maar anderzijds zei u ook dat Groningen-Leeuwarden wel wat meer missionair mocht zijn, dus: “vooruit met de geit”. Is dat niet in tegenspraak met elkaar?

Cornelissen: “Nee, dat laatste bedoelde ik meer algemeen: we zijn allemaal door Christus gezonden om de blijde boodschap te verkondigen en erop uit te trekken. Je moet als Kerk in beweging zijn, niet stilstaan, zoals paus Franciscus steeds benadrukte. Maar hoe we in beweging komen, daar moeten we met elkaar goed naar kijken, en vooral ook luisteren naar elkaar. Dus ik vind het niet tegenstrijdig.

We moeten een missionaire én een synodale Kerk zijn. Dat laatste betekent dat we als gelovigen luisteren naar elkaar, en ik als bisschop ook naar de gelovigen. En dan niet om te discussiëren, van ‘ik vind dit en jij vindt dat, en daar ben ik het niet mee eens’, maar echt luisteren, elkaar proberen te begrijpen. En vervolgens moeten we ook echt naar buiten treden, een verwelkomende Kerk zijn voor iedereen – dat is het missionaire.”

U roemde al de missionaire activiteiten van het bisdom Groningen-Leeuwarden voor jongeren. Wat spreekt u daarin aan?

“In dit bisdom worden maandelijkse bijeenkomsten gehouden waar veel jongeren op afkomen, waar priesters bij betrokken zijn maar ook de vorige bisschop Ron van den Hout steevast bij aanwezig was. Zodat je echt een gemeenschap van en voor jongeren creëert, samen bidt, samen Kerk bent, samen de sacramenten viert en ook samen praat over je geloof. Dat laatste doen we in de katholieke Kerk misschien wel te weinig.

https://www.kn.nl/jong/

Ook ik heb de laatste jaren in Deventer gezien dat steeds meer jonge mensen echt zoekende zijn, via internet het katholicisme leren kennen en zich vervolgens melden bij de parochies om gedoopt en gevormd te worden. Daar moeten we als Kerk echt op toegerust zijn. En hoe dan ook is het een ontwikkeling die de burger moed geeft.”

Maar de uitdagingen en zorgen blijven ook reëel. Laatst hoorde ik iemand zeggen: tegenover elke jongere die toetreedt gaan er ook zes ouderen dood. Hoe kijkt u daar tegenaan?

“Dan zou ik zeggen: tien, vijftien jaar geleden gingen er zes mensen dood en kwamen er nul nieuwe bij. Nu is het er tenminste eentje, en misschien worden het er ook nog wel twee of drie. Ik geloof echt in de kracht van de Heilige Geest die werkzaam is in onze wereld en in onze Kerk. Dat we een kleine minderheid worden, moet ons ook niet zo beangstigen. Juist dergelijke kleine gemeenschappen zijn vaak veel hechter en creatiever, dat weet ik ook uit ervaring.”

Dit bisdom kan wel wat consolidatie gebruiken

Uw voorganger nam ook ruim de tijd om het bisdom te leren kennen en kwam pas vlak voor zijn vertrek met een meerjarenbeleidsplan. Hoe wilt u dat doen? En wilt u verder bouwen op dat beleidsplan of het anders gaan doen?

“Ik wil daar gewoon op voortbouwen. Natuurlijk zullen we nog eens goed naar dat meerjarenplan gaan kijken met elkaar, maar ik ben zeker niet van plan om de boel op z’n kop te gaan zetten. We hebben hier ook twee goede en wijze vicarissen, Peter Wellen en Arjen Bultsma, die ik ook wil vragen om in hun functie te blijven om voort te bouwen op de eerder ingeslagen weg. Een zekere continuïteit is belangrijk, dit bisdom kan ook wel wat consolidatie gebruiken.”

In de Groningse kathedraal hangen de bisschopswapens van de vijf voorgangers van Cornelissen sinds de heroprichting van het bisdom in de jaren 50.
Foto: Lodewijk Born

Temeer omdat meerdere van uw voorgangers er relatief kort waren en dan doorschoven naar een groter bisdom, tot chagrijn van de Groningers en Friezen.

“Precies, ik snap dat sentiment ook. Ik ga er vanuit dat ik hier langer blijf. Ik ben de zestig al gepasseerd, beduidend ouder dan de vorige drie bisschoppen toen ze hier kwamen, maar heb nog wel een kleine vijftien jaar tot de emeritaatsleeftijd. Dus ik kan nog wel wat opbouwen hier, maar hoef ook niet zo nodig nog naar een groter bisdom.

Ik weet het niet, daarover heb ik het met de nuntius niet gehad, maar ik vermoed dat ze mij hier ook benoemd hebben om een stabiele factor te zijn voor het bisdom. Dat hoop ik te kunnen zijn.”

Tot slot: u bent de eerste bisschop die paus Leo in Nederland benoemde, en u verwees ook naar die woorden van Augustinus die hij ook aanhaalde: bisschop voor u, gelovige met u. Je hoort weleens spreken over ‘typische’ Franciscus-bisschoppen of Benedictus-bisschoppen. Maar wat is nou een typische Leo-bisschop?

“Dat zal moeten blijken. Maar als ik naar mezelf kijk: in ieder geval iemand met een pastoraal hart, en ook een uitgesproken optimistische katholiek. Misschien wel aardig om te zeggen: ik ben opgegroeid in Gaanderen in de Achterhoek en kerkte daar in de Sint-Augustinusparochie en ging ook naar de Augustinusschool.

https://www.kn.nl/kn-kennismaken/

Daar was een prachtig mozaïek dat het verhaal verbeeldt van Augustinus die aan het strand een kind ontmoet dat de zee met een schelp in een kuiltje probeert te scheppen. Als Augustinus zegt dat dat onmogelijk is, antwoordt het kind dat het even onmogelijk is om met het menselijk verstand de Drie-Ene God te vatten.

Nou ja, ik heb dus iets met Augustinus, dus dat ik door een augustijnse paus voor deze taak gevraagd ben, maakt het voor mij wel extra bijzonder.”