| “Ik was hongerig en jullie gaven mij te eten, ik was dorstig en jullie gaven mij te drinken…” Met die woorden uit Matteüs 25 schetst Jezus wat barmhartigheid concreet betekent. Maar hoe vertaal je dat naar politieke keuzes anno nu? KN legt de werken van barmhartigheid – aangevuld met het door paus Franciscus benoemde achtste werk, ons gemeenschappelijk huis beschermen – voor aan de drie christelijke partijen. |

Hoe verhoudt politieke scherpte zich tot de christelijke roeping om barmhartig te zijn? Voor SGP-lijsttrekker Chris Stoffer is dat geen eenvoudige vraag. Toch zoekt hij houvast in de werken van barmhartigheid. “Als christenen zijn we zelf vreemdelingen, pelgrims onderweg naar het eeuwige leven. Dat besef kleurt hoe ik politiek bedrijf.”
In het verkiezingsprogramma zet de SGP stevig in op het begrenzen van migratie, met richtgetallen, mogelijke uitzetcentra buiten de EU en herziening van verdragen. Hoe valt dat te rijmen met de opdracht om vreemdelingen te herbergen?
“Als de ruimte en het geld onbeperkt waren, zou je natuurlijk iedereen opvangen. Maar Nederland is klein en middelen zijn eindig. Dan moet je afwegen hoeveel mensen je kunt opnemen zonder dat de samenleving zelf onder druk komt te staan.”
Stoffer spreekt van een aanpak in drie stappen: investeren in landen van herkomst zodat mensen minder reden hebben om te vluchten, ruimhartige opvang voor wie echt in gevaar is of vervolgd wordt, en integratie voor wie blijft, met terugkeer zodra dat weer mogelijk is. “Een uitnodigingsbeleid is beter dan gammele bootjes over de Middellandse Zee. Dan kun je gerichter kijken naar mensen die hier passen, ook qua cultuur en geloofsbeleving.”
De SGP wil striktere regels voor demonstraties. Hoe rijmt dat met barmhartigheid? “Barmhartigheid gaat niet om woorden maar om daden. Demonstreren hoort daarbij. Maar zodra er intimidatie of geweld is, houdt het op.”
Volgens Stoffer worden demonstraties steeds vaker gekaapt. “Dat kan van links zijn, zoals bij pro-Palestina-acties, of van rechts, zoals in Den Haag waar hooligans de stad introkken. Het gevolg is hetzelfde: intimidatie, vernielingen en politie-inzet die het hele land platlegt. Daar moet je paal en perk aan stellen. Dat kan niet.”
Ik heb collega’s gehad die hun Joodse identiteit verborgen hielden, omdat ze anders geen leven zouden hebben.
Ook op universiteiten ziet hij het spanningsveld. “Demonstreren mag, maar als er sprake is van bedreiging of uitsluiting van anderen, overschrijd je een grens. Vrijheid van meningsuiting gaat samen met verantwoordelijkheid.”
Als voorbeeld noemt hij de Mars voor het Leven op 15 november, waarbij hij opnieuw aanwezig zal zijn. “Daar lopen duizenden mensen mee, altijd vreedzaam, zonder geweld. Zo hoort het.”
Een ander werk van barmhartigheid is het begraven van de doden. Dit werk roept in deze tijd de vraag op hoe je kijkt naar het conflict tussen Israël en de Palestijnen, waar veel slachtoffers zijn gevallen. Terwijl paus Franciscus in 2024 al sprak over mogelijke genocide in Gaza, blijft de SGP pal achter Israël staan.
“Israël voert een oorlog om haar bestaansrecht”, zegt Stoffer. “Tegelijk moet de roep klinken om zo humanitair mogelijk te zijn, want de mensen in Gaza hebben het zwaar. Maar vergeet niet: de oorlog begon op 7 oktober, toen Hamas Israël binnenviel. Hamas wil maar één ding: Israël en de Joden vernietigen. Zolang die dreiging er is, kan er geen vrede zijn.”
Een tweestatenoplossing acht hij onhaalbaar met de huidige politieke leiding. “Hamas is een terreurgroep, de Palestijnse Autoriteit heeft weinig gezag. Meer kans hebben initiatieven van onderop, waar Joden en Palestijnen elkaar ontmoeten en ontdekken dat ze hetzelfde willen: een toekomst voor hun gezin.”
Ook breder plaatst hij de kwestie in historisch perspectief. “We praten vaak over de Holocaust, maar ook daarvoor waren er al eeuwenlang pogroms, zeker in Oost-Europa. Joden werden enkel en alleen omdat ze Jood waren gedood, gemarteld of verjaagd. Dat patroon herhaalt zich steeds weer. Daarom moeten we er alles aan doen om antisemitisme de kop in te drukken.”
Die zorg raakt hem persoonlijk. “Ik heb collega’s gehad die hun Joodse identiteit verborgen hielden, omdat ze anders geen leven zouden hebben. Nog voor 7 oktober haalden Joden in Nederland hun mezoeza [een traditioneel tekstkokertje, red.] van de deur om schade te voorkomen. Sindsdien is het alleen maar erger geworden. Dat grijpt me diep aan.”
Van de acht werken van barmhartigheid spreekt Stoffer persoonlijk vooral het begraven van de doden aan. “Mijn moeder moest ik als kind al begraven. Dat heeft me geleerd dat rouw onderdeel is van het leven. Vooraf voel je dat je iemand gaat verliezen, daarna volgt de plechtigheid en vervolgens het rouwproces erna. Dat mag je niet wegstoppen. Daarom pleit ik ook voor rouwverlof: ruimte om verdrietig te zijn en waardig met verlies om te gaan.”
Bij de vraag welk werk van barmhartigheid het beste past bij het verkiezingsprogramma, wijst hij ziekenbezoek aan. “Omzien naar elkaar hoort bij de samenleving. Met kleinere gezinnen en druk op de arbeidsmarkt is mantelzorg steeds zwaarder. Maar je hebt niet alleen werk nodig om te leven; je hebt ook tijd nodig om er voor je naasten te zijn. Die zachte kant van zorg past nadrukkelijk bij ons programma.”
![]() | Lees meer!Dit artikel is afkomstig uit het speciale nummer over de verkiezingen van Katholiek Nieuwsblad . |
Er zijn geen artikelen gevonden