Een traditie van eeuwen­ tegenover de waan van de dag

Lees al vanaf 0,20 p/d

Interview

Niet alleen studentenkost: vernieuwd kerkgeschiedenisboek mikt op een breed publiek

De Beeldenstorm, een van de bekendste gebeurtenissen van de Nederlandse kerkgeschiedenis, op een schilderij van Dirck van Delen.
Beeld: Rijksmuseum – Wikimedia Commons

Menig theologiestudent kent ’m wel: het Handboek Nederlandse kerkgeschiedenis. De hernieuwde, vijfde druk van het standaardwerk is onlangs verschenen; in een tijd waarin de kennis over kerkgeschiedenis snel afneemt, is dat allesbehalve overbodig.

De eerste druk van het Handboek Nederlandse Kerkgeschiedenis kwam in 2006 uit en behandelde de geschiedenis van de Kerk – zowel de katholieke als de protestantse – vanaf de vroege middeleeuwen tot het einde van de twintigste eeuw. Sindsdien heeft gelovig Nederland niet stilgestaan.

Daarom was het nu hoog tijd om het werk te updaten. “In de voorlaatste druk waren de nieuwste ontwikkelingen in de kerkgeschiedenis nog niet verwerkt, zoals het ontstaan van de PKN, de Protestantse Kerk in Nederland, in 2004”, vertelt samensteller Herman Selderhuis. “Met name op protestants gebied is er de afgelopen jaren het nodige gebeurd.”

Opnieuw onder de loep

Vooral de hoofdstukken over de twintigste en eenentwintigste eeuw zijn uitgebreid, maar ook de vroegere eeuwen zijn opnieuw onder de loep genomen. “Sinds de eerste druk is er veel nieuw onderzoek gedaan.”

“Er zijn nieuwe boeken en dissertaties verschenen. Dat hebben we allemaal verwerkt in deze nieuwe druk, waardoor alle teksten uitgebreid zijn”, zegt Selderhuis. “Al met al hadden we dus genoeg aanleiding om er iets compleet nieuws van te maken.”

Lijviger dan ooit

Het Handboek is daarmee lijviger dan ooit. Omdat ook het beeld een make-over heeft gehad, is het werk uitgedijd naar meer dan 1200 pagina’s, die in de vijfde druk over twee banden gespreid zijn.

Toch zijn 1200 bladzijden nog steeds niet genoeg om meer dan vijftien eeuwen aan kerkhistorie te beschrijven. Aan keuzes maken ontkom je niet, legt Selderhuis uit. “Dat is het resultaat van gesprek met de auteurs: hoe doen we het? Gaat het om de geschiedenis van het christendom in Nederland, of toch de geschiedenis van de Kerk?”

Herman Selderhuis: “Ik vond het van belang om deskundigen uit beide christelijke tradities in Nederland aan het woord te laten.”

“Onze focus lag en ligt op de geschiedenis van de Kerk zoals die zich in Nederland heeft ontwikkeld. Daarbij gaat het om de Kerk als instelling, inclusief wat daar omheen hangt, zoals de theologie en politieke partijen.” Daarom merkt de samensteller in het voorwoord van het boek op dat de kerk in het centrum van de meeste Nederlandse steden en dorpen staat: “In dit boek is dat ook zo.”

Keuzes maken

Het streven is om binnen die focus zo compleet mogelijk te zijn, maar ook dan moeten er keuzes gemaakt worden. Wat we onder Nederland verstaan, verschilt bijvoorbeeld door de eeuwen heen.

“Als we het in het eerste hoofdstuk over de vroege kerkgeschiedenis van ons land hebben, bestaat het Nederland zoals we dat vandaag kennen nog niet; dat maakt deel uit van een veel groter gebied, waar bijvoorbeeld ook stukken van het hedendaagse Duitsland bij horen”, zegt Selderhuis.

“Neem je dan mee hoe zich dat ontwikkelt? De zendeling Liudger was bijvoorbeeld in zowel Deventer als Münster actief. Maar neem je die Duitse stad dan ook mee? Dat zijn de afwegingen die je moet maken. Om het niet te uitgebreid te maken, hebben we bij zo’n hoofdstuk gekozen voor de Nederlanden. Dat is ook nog inclusief Vlaanderen bijvoorbeeld, maar niet breder dan dat.”

Buitenlandse invloeden

Ook voor latere eeuwen blijft de focusvraag spelen. De Reformatie en de Contrareformatie zijn bijvoorbeeld Europese bewegingen, en de katholieke Kerk is sowieso een internationale gemeenschap.

https://www.kn.nl/geschiedenis/

“We hebben er daarom voor gekozen om buitenlandse invloeden te noemen voor zover ze van directe betekenis zijn voor Nederland. De focus blijft de Kerk, maar per tijdperk en eeuw kijk je naar wat dat betekent voor de situatie op dat moment.”

‘Triomf’

Op het eerste hoofdstuk na is ieder hoofdstuk van het Handboek geschreven door een katholieke en een protestantse auteur. “Die opzet heb ik destijds gemaakt omdat zo’n kerkgeschiedenis er nog niet was en ik het van belang vond dat je deskundigen uit beide christelijke tradities in Nederland aan het woord laat.”

“Het gevaar bestaat altijd dat een protestant toch dingen uit de katholieke geschiedenis vergeet of verkeerd belicht, en andersom ook. Je hebt kennis nodig van elkaars begrippen, theologische ontwikkelingen en liturgische gebruiken. De bedoeling is daarbij geweest om die hoofdstukken dan zo te schrijven dat het niet duidelijk zou moeten worden of het nu door een katholiek is geschreven of door een protestant.”

Er mag wel wat gedaan worden aan de kennis van de kerkgeschiedenis in ons land.

Dat die insteek gewerkt heeft, bleek uit een recensie die destijds over de eerste druk verscheen: daarin werden een aantal passages uit het hoofdstuk over de Reformatie “een typisch protestantse belichting van de zaak” genoemd, terwijl die teksten door de katholieke kerkhistoricus Peter Nissen geschreven waren. “Dat vond ik ook wel een triomf”, zegt Selderhuis.

Scheldwoord

Gezamenlijke projecten als deze “kunnen zeker helpen” bij het kweken van meer uitwisseling tussen protestants en katholiek Nederland, is zijn overtuiging. “Al is het maar om meer begrip voor elkaar te krijgen en misverstanden uit de weg te ruimen. Ik merk nog regelmatig dat er over ‘rooms’ gesproken wordt, ook in protestantse kring, terwijl dat van oorsprong een scheldwoord is.”

Selderhuis hoopt dat het Handboek Nederlandse kerkgeschiedenis helpt om lezers te laten beseffen waarom men in het verleden bepaalde keuzes maakte en dat er protestantse én katholieke martelaren onder de slachtoffers van godsdiensttwisten zijn. “Ik denk ook dat het inzicht kan groeien dat we tijdens het grootste deel van de Nederlandse kerkgeschiedenis allemaal bij dezelfde Kerk hoorden.”

Verplichte lectuur

Het Handboek richt zich op “de geïnteresseerde leek, zoals dat zo mooi heet”, vertelt Selderhuis. Ook wordt het veel gebruikt voor het (universitaire) onderwijs. “Dat is nog een reden voor deze vijfde druk. Het boek is aan verschillende theologische opleidingen verplichte lectuur en ook tentamenstof. Daar hebben we bij het schrijven rekening mee gehouden.”

Selderhuis hoopt dat het boek ook veelvuldig gelezen wordt door wie niet studeert, want met de kennis over kerkgeschiedenis is het “niet heel geweldig gesteld”, zegt hij.

Die bewering staaft hij met een ontmoeting die hij een tijd geleden had: “Ik zat in het vliegtuig naast een jonge vrouw met vliegangst. Ze zei tegen mij: ‘Ik wil graag dat u mij een beetje aan de praat houdt, zeker als we gaan stijgen.’ Dus begon ik over mijn werk te vertellen. Toen vroeg ze: ‘Kerkgeschiedenis, wat is dat dan? Waar gaat dat over?’ Ik zei: ‘Misschien heeft u wel eens over Maarten Luther gehoord.’ Toen zei ze: ‘O, dat is die zwarte Amerikaanse dominee die destijds doodgeschoten is.’ Nu zal zij niet representatief zijn, maar er mag wel wat gedaan worden aan de kennis van de kerkgeschiedenis in ons land.”

Interesse wekken

Want dat is noodzakelijk voor wederzijds begrip in de samenleving, ook bij wie niet gelovig is. “Of je nu gelovig bent of niet, je loopt in je woonplaats vrijwel zeker tegen een kerk aan. Dan kunnen er vragen opdoemen: waarom staat die kerk nou in het midden van het dorp? Of waarom zijn er twee verschillende kerken in mijn woonplaats?” noemt Selderhuis als voorbeeld.

https://www.kn.nl/kn-kennismaken/

Ook ziet hij regelmatig mensen naar een klooster gaan voor een weekendretraite. “Dan kun je je afvragen: wat zijn monniken? Wat is de gedachte achter een klooster? Waarom hadden we er zo veel van in Nederland, en waarom zijn ze hier en daar ook helemaal verdwenen? Ik hoop dat dit boek antwoord op veel vragen kan geven, en ook verdere interesse kan wekken voor de plaats die de Kerk inneemt in de samenleving.”

‘Wel de mooiste, niet de laatste’

Hoewel het vlak na het uitkomen van de nieuwste druk natuurlijk nog lang niet aan de orde is, weet Selderhuis wel te vertellen dat de ambitie blijft bestaan om in de toekomst een zesde druk voor de volgende generatie te maken.

“Het mooie van kerkgeschiedenis is dat er elke dag weer nieuwe historie bij komt. Het wetenschappelijk onderzoek blijft doorgaan, dus we krijgen ook steeds nieuwe kennis. Wij gaan daarom zeker door: deze nieuwste editie is wat mij betreft wel de mooiste, maar niet de laatste.”

Herman Selderhuis (red.), Handboek Nederlandse kerkgeschiedenis

Uitgeverij: KokBoekencentrum

Pagina’s: 1224 | € 79,99

 

> BOEK BESTELLEN