Kerkhistoricus

Lang voor de grote encycliek van Benedictus XVI over de liefde schreef en preekte paus Johannes Paulus II over dit onderwerp. De hele geschiedenis van de mensheid is “de geschiedenis van het verlangen lief te hebben en geliefd te worden”. De liefde is de bestemming van de mens, de zin van zijn leven.
“Zij is de wezenlijke grond van de waardigheid van de mens, het bewijs van de adel van zijn ziel.” Liefde is een gave van God, een gave die je van Hem moet aannemen. Je moet daarom, zegt de paus, een “open hart voor God” hebben, arm van geest zijn, zoals het in de zaligsprekingen staat (Mt. 5,3). “Zij die hun hart openen naar God, zullen daarom ook open staan voor de mensen”, zegt de paus.
Zij zullen bereid zijn om te helpen, bereid zijn “alles wat zij hebben te delen”. Bondiger kun je de sociale leer van de Kerk niet samenvatten. Ik moet liefhebben, verantwoordelijk zijn voor de ander. Alle pleidooien van Johannes Paulus II voor “een beschaving van de liefde” vertrekken vanuit dit gezichtspunt.
Dit artikel is niet gevonden
Deze beschaving van liefde brengt een “cultuur van de vrijheid” voort, voor mensen, volken, naties, “geleefd in een royale solidariteit en verantwoordelijkheid”. In zo’n cultuur is er dus geen plaats voor dwang of onderdrukking, voor het opleggen van een eenzijdig maatschappijmodel. De Poolse paus, die het nationaalsocialisme en het communisme uit eigen bittere ervaring kende, wist waarover hij sprak.
Het gaat om liefde, vrijheid en verantwoordelijkheid. De mens is beeld en gelijkenis van God. Dat maakt zijn adel, zijn waardigheid uit. Daar begint alles. Vandaar, in een soort uitmeanderende delta, strekt het denken van de Kerk, gefundeerd in het Concilie, zich uit over de aandachtsvelden van de ethiek, de economie, de techniek, het behoud van de schepping, de vrede tussen de volken. Daarover schrijven en spreken de pausen.
Maar alles begint met de liefde, met de verantwoordelijkheid voor elkaar. Aan de vrede “moet dag voor dag worden gebouwd”, dat is onze verantwoordelijkheid, zegt Paulus VI in Populorum progressio. De weg naar de vrede is een weg die je beloopt als een weg van de liefde, zegt Johannes Paulus II.
Regeringen hebben het recht zich tegen agressie en geweld te verdedigen, zegt het Concilie in Gaudium et spes, maar geweld kan alleen “door de vrede overwonnen worden”, door de God van de vrede en de liefde. Dat laatste zegt paus Franciscus in 2014. Het gaat om een beschaving van de liefde, die begint in het leven van het gezin, dan leeft tussen de mensen onderling, en eindigt in de orde tussen de volkeren en de staten.
Het gaat om de liefde, zegt Johannes Paulus II. Dat is de grond van de waardigheid van ons menselijk bestaan. Onze maatschappij zal beoordeeld worden, zegt de paus, op haar respect voor haar zwakste leden, zieken, gehandicapten. Niemand mag worden uitgesloten. Christus kent elke mens, in het meest innerlijke van zijn persoon.
Deze pagina is niet gevonden
Elk leven is kostbaar. Je kunt niet dieper zinken, zegt hij, met een verwijzing naar het recht op abortus, in onze cultuur tot een vrijheidsrecht geworden, als je de waardigheid van het leven van een mens geringschat op het moment dat het leven onze bescherming het meeste nodig heeft. Het gaat om een beschaving van de liefde, ook aan het einde van ons leven.
“De stervende mens wil geen tabletten om daarna alleen gelaten te worden”, zegt Johannes Paulus II, maar die mens wil horen over een God die voor ons een woning in de hemel heeft bereid. De stervende mens wil “echte hoop, menselijke nabijheid en een hand die hem vasthoudt”.
Er zijn geen artikelen gevonden